Rabarbercompote is een eenvoudig basisrecept dat perfect past bij het voorjaar. Met zijn frisse, lichtzure smaak is het heerlijk als bijgerecht, door de yoghurt, over een dessert of op een pannenkoek. Met slechts een paar ingrediënten maak je in korte tijd een compote die op allerlei manieren te gebruiken is.
Omdat rabarbercompote goed te bewaren is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken. Zo heb je altijd iets lekkers achter de hand om een ontbijt, lunch of maaltijd extra smaak te geven. Ook is rabarber uitstekend te combineren met andere fruitsoorten, zoals aardbeien, waardoor je eenvoudig kunt variëren.
Met een pot zelfgemaakte rabarbercompote in huis haal je meer uit het seizoen en heb je altijd een pure smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 — | ❄ max 1 jaar
Ingrediënten
Rabarber 500 gram
Suiker of honing 50 gram
Water 50 ml
Bereidingswijze
Was de rabarber en snijd de stengels in stukken.
Doe alles in een pan en breng aan de kook. Roer de suiker of honing in het begin even goed door de rabarber totdat het opgelost is in het water.
Laat 10-15 minuten op een laag vuur doorkoken tot de gewenste dikte. Bij afkoelen zal de rabarber altijd nog ietsje dikker worden dus hou hier rekening mee.
Doe in een glazen pot en laat afkoelen. Of gebruik het direct warm op bijvoorbeeld vers gemaakte pannekoeken. Bewaar de compote in de koelkast.
Fris of zoet – De hoeveelheid zoetstof kun je eenvoudig aanpassen aan je eigen smaak. Houd je van de frisse smaak van rabarber? Gebruik dan wat minder suiker. Voor een zoetere compote voeg je juist iets meer toe.
Variëren met fruit – Rabarber combineert uitstekend met andere zachte fruitsoorten. Aardbeien zijn een klassieke combinatie, maar ook frambozen, appel of rode bessen passen er goed bij.
Meer structuur – Kook de rabarber iets korter wanneer je nog stukjes in de compote wilt houden. Voor een gladde compote laat je de rabarber wat langer zacht koken.
Meer toepassingen – Rabarbercompote is niet alleen lekker als bijgerecht, maar ook door yoghurt, havermout, desserts, op pannenkoeken of als vulling voor gebak.
Koelkast – Bewaar geopende rabarbercompote maximaal 5 tot 7 dagen in de koelkast in een goed afgesloten pot of bakje.
Wecken – Door de compote te wecken kun je deze tot ongeveer 1 jaar bewaren. Zo kun je ook buiten het rabarberseizoen genieten van je voorraad.
Invriezen – Rabarbercompote is goed in te vriezen. Bewaar de compote in vacuum verpakte porties zodat je eenvoudig alleen ontdooit wat je nodig hebt, en ijskristallen voorkomt. In de vriezer blijft de compote ongeveer een jaar goed.
Maak een voorraadje – Rabarber is maar beperkt verkrijgbaar. Door tijdens het seizoen direct een grotere hoeveelheid compote te maken, heb je het hele jaar door een heerlijke basis voor allerlei gerechten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Citroenzeste is een eenvoudige smaakmaker die in veel zoete en hartige recepten wordt gebruikt. Van koekjes en cake tot desserts, dressings en marinades, een klein beetje citroenzeste geeft direct een frisse en volle citroensmaak. Door zelf citroenzeste te maken haal je meer uit je citroenen en gaat er minder verloren.
Omdat gedroogde citroenzeste lang houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een voorraadje klaarstaan zonder telkens een verse citroen nodig te hebben. Hetzelfde principe werkt ook uitstekend met andere citrusvruchten, zoals sinaasappel, limoen of mandarijn.
Met een pot zelfgemaakte citroenzeste in de voorraadkast voeg je eenvoudig extra smaak toe aan allerlei gerechten. Simpel, zelfgemaakt en altijd binnen handbereik.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 4-12 uur drogen | ❄ 1 jaar
Ingrediënten
Biologische citroenen 2 stuks (of meer naar keuze)
Combineer het maken van citroenzeste met een ander gerecht waar citroen voor nodig is. Zo maak je van een restproduct een basisproduct.
Bereidingswijze
Was de citroenen grondig en droog ze af. Door het hele proces van oogsten, vervoer en handelen zit er altijd vuil op een schil dat je niet ziet, maar je niet in je eten wilt.
Rasp alleen het gele gedeelte van de schil fijn.
Gebruik direct in een gerecht of laat drogen aan de lucht. Heb je een voedseldroger dan kun je ook die hiervoor gebruiken. Je kunt de citroenzeste ook vers in een bakje of zakje in de vriezer bewaren.
Gebruik biologische citrusvruchten – Omdat je de schil gebruikt, is het fijn om te kiezen voor onbespoten of biologische citroenen. Was de schillen altijd goed voordat je begint.
Alleen het gekleurde deel – Gebruik alleen de gele buitenste laag van de schil. Het witte gedeelte eronder is bitter en kan de smaak van de citroenzeste beïnvloeden.
Ook andere citrusvruchten – Dit recept werkt niet alleen met citroen. Probeer ook eens sinaasappel-, limoen- of mandarijnzeste voor een andere smaakbeleving.
Meer smaak in minder ruimte – Door de schil te drogen wordt de smaak geconcentreerder. Gebruik daarom iets minder gedroogde zeste dan verse zeste in een recept.
Voorraadkast – Bewaar de gedroogde citroenzeste in een goed afgesloten pot op een donkere en droge plek. Zo blijft de smaak ongeveer 6 tot 12 maanden optimaal.
Vocht vermijden – Zorg ervoor dat de citroenzeste volledig droog is voordat je deze opbergt. Achtergebleven vocht kan schimmel veroorzaken en verkort de houdbaarheid.
Invriezen – Heb je veel citrusschillen over? Je kunt verse of gedroogde citroenzeste ook invriezen. In de vriezer blijft de smaak ongeveer 12 maanden behouden.
Altijd een voorraadje – Bewaar de schillen van citroenen die je gebruikt voor sap, limonade of andere recepten. Zo bouw je ongemerkt een voorraadje citroenzeste op voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Gekonfijte sinaasappelschil is een heerlijke manier om meer uit je ingrediënten te halen. Wat normaal vaak wordt weggegooid, verandert met een beetje tijd en geduld in een zoete lekkernij met een frisse sinaasappelsmaak. Heerlijk om zo te eten, maar ook als toevoeging aan gebak, desserts, brood of chocolade.
Omdat gekonfijte sinaasappelschil goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Bovendien werkt dit recept niet alleen met sinaasappels, maar ook met citroen, limoen of andere citrusvruchten.
Met een pot zelfgemaakte gekonfijte sinaasappelschil in de voorraadkast heb je altijd een bijzondere smaakmaker of traktatie binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 15 min actief | 🕒 55 min koken + drogen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Sinaasappelschillen 3 stuks
Suiker 200 gram
Water 200 ml
Bereidingswijze
Kook de schillen 10 minuten en giet daarna af.
Mix het water en de suiker en breng aan de kook. Voeg de sinaasappel schillen toe en laat ongeveer 45 minuten op een laag vuur doorkoken.
Verwijder de sinaasappelschillen en laat deze goed drogen. Je kunt ze nog eerst door de suiker of chocolade rollen voor een extra bite.
Gebruik onbespoten citrusvruchten – Omdat je de schil gebruikt, is het fijn om te kiezen voor biologische of onbespoten citrusvruchten. Was de vruchten altijd goed voordat je begint.
Minder bitter – Door de schillen eerst te koken en het water af te gieten wordt een deel van de bitterheid verwijderd. Herhaal dit eventueel nog een keer voor een mildere smaak.
Meer dan alleen sinaasappel – Dit recept werkt ook uitstekend met citroen-, limoen-, mandarijn- of grapefruitschillen. Iedere citrusvrucht geeft een eigen smaak.
Extra feestelijk – Rol de gekonfijte schillen door wat fijne suiker of dip ze voor een deel in gesmolten chocolade voor een bijzondere traktatie.
Voorraadkast – Bewaar goed gedroogde gekonfijte sinaasappelschillen in een goed afgesloten pot op een koele en droge plek. Zo blijven ze ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Koelkast – In een afgesloten bakje of pot blijven gekonfijte sinaasappelschillen in de koelkast vaak 6 tot 12 maanden goed.
Invriezen – Ook invriezen is mogelijk. In de vriezer blijven de schillen ongeveer 12 maanden goed zonder veel smaakverlies.
Gebruik de siroop – Gooi de overgebleven suikersiroop niet weg. Deze heeft een heerlijke sinaasappelsmaak en kan gebruikt worden in thee, desserts, yoghurt of baksels.
Maak direct een voorraadje – Omdat citrusvruchten regelmatig in huis zijn en de schillen lang houdbaar zijn, is dit een ideaal recept om gedurende het jaar een voorraad op te bouwen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Vlierbloesemsiroop is een heerlijke manier om de smaken van het voorjaar en de zomer te bewaren voor later. Met de geurige bloesemschermen van de vlier maak je een frisse siroop die perfect is voor limonade, desserts, yoghurt of zelfs een feestelijk drankje. Het mooie is dat vlierstruiken op veel plekken in Nederland groeien, waardoor dit recept vaak letterlijk uit de natuur komt.
Hoewel vlierbloesemsiroop in de winkel verkrijgbaar is, maak je deze eenvoudig zelf met slechts een paar ingrediënten. Bovendien bepaal je zelf hoe zoet je de siroop maakt en kun je direct een grotere hoeveelheid bereiden om de smaak van het seizoen langer vast te houden.
Met een fles zelfgemaakte vlierbloesemsiroop in huis heb je altijd een frisse smaakmaker bij de hand. Simpel, zelfgemaakt en een heerlijke manier om van het seizoen te genieten.
Schut de bloemen voorzichtig uit zodat eventuele dode deeltjes en beestjes eruit vallen. Niet wassen! Zet nu de bloemen in een grote pan net onder water en laat minstens 24 uur staan.
Zeef de bloemen door een kaasdoek zodat je alleen het vocht overhoud. Voeg hieraan het sap van de citroen en de schil toe en naar rato de suiker.
Breng dit rustig aan de kook tot de suiker volledig is opgelost. Verwijder de citroenschil en doe de siroop in een afgesloten weckfles zodat deze op een koele en donkere plek maanden goed blijft.
Pluk op een droge dag – Vlierbloesems bevatten veel geur- en smaakstoffen. Pluk ze bij voorkeur op een zonnige, droge dag voor het beste resultaat.
Niet wassen – Schud de schermen voorzichtig uit om eventuele insecten te verwijderen, maar was de bloesems niet. Hierdoor blijven de natuurlijke aroma’s beter behouden.
Alleen de bloemetjes gebruiken – De groene steeltjes kunnen een bittere smaak geven. Verwijder daarom zoveel mogelijk dikke steeldelen.
Meer smaakvariaties – Voeg eens limoen, sinaasappel, munt of citroenmelisse toe tijdens het trekken voor een eigen variant.
Suiker of erythritol – Suiker is een conserveermiddel waardoor de siroop prima buiten de koelkast houdbaar is in schone, afgesloten potten. Gebruik je erythritol, dan zal de houdbaarheid aanzienlijk korter zijn.
Verdunnen naar smaak – Vlierbloesemsiroop wordt meestal verdund met water of bruiswater. Begin bijvoorbeeld met één deel siroop op vijf delen water en pas dit aan naar smaak.
Koelkast – Geopende siroop blijft in de koelkast meestal 2 tot 4 weken goed.
Voorraadkast – Wanneer de siroop heet wordt afgevuld in schone, goed afgesloten flessen of potten, blijft deze vaak 6 tot 12 maanden goed op een koele en donkere plek.
Invriezen – Vlierbloesemsiroop kan ook uitstekend worden ingevroren. In de vriezer blijft de kwaliteit ongeveer 12 maanden behouden.
Maak direct extra – Omdat vlierbloesem slechts een korte periode beschikbaar is, is dit een ideaal recept om direct een voorraad voor de rest van het jaar aan te leggen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Energy bars zijn ideaal voor onderweg, tijdens het sporten of wanneer je tussendoor behoefte hebt aan iets voedzaams. Met een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf repen die precies aansluiten bij jouw smaak. Bovendien bepaal je zelf welke noten, zaden, vruchten en zoetmakers je gebruikt.
Het fijne aan deze no bake energy bars is dat je geen oven nodig hebt. Je mengt de ingrediënten, laat het mengsel opstijven en snijdt het vervolgens in repen. Hierdoor zijn ze snel gemaakt en perfect om vooruit te plannen voor drukke dagen.
Met een voorraad zelfgemaakte energy bars in de koelkast of vriezer heb je altijd een handig tussendoortje binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en makkelijk mee te nemen.
Meng de haver, de noten, het zout en het gedroogde fruit door elkaar in een kom.
Verwarm de honing en notenboter samen op een laag vuur in een steelpannetje en roer dit tot een glad mengsel.
Meng het notenboter mengsel met de droge ingrediënten goed door elkaar. Stort het mengsel in een schaal of bakvorm en druk het mengsel goed aan met een lepel.
Zet de schaal of bakvorm in de koelkast en laat 2-3 uur opstijven. Haal uit de koelkast en snijd er repen of stukken van zoals voor jou fijn is.
Maak ze helemaal naar smaak – Varieer met verschillende soorten noten, zaden, gedroogd fruit, kokosrasp of specerijen zoals kaneel en vanille.
Gebruik zelfgemaakte ingrediënten – Met zelfgemaakte notenboter en zelf gedroogd fruit geef je de repen een extra persoonlijke en pure basis.
Meer of minder zoet – Pas de hoeveelheid honing aan of vervang een deel door dadels, rozijnen of ander gedroogd fruit.
Extra vulling – Voeg bijvoorbeeld lijnzaad, chiazaad, gepofte quinoa, hennepzaad of pompoenpitten toe voor meer variatie in structuur.
Goed aandrukken – Druk het mengsel stevig aan in de vorm. Hierdoor vallen de repen na het opstijven minder snel uit elkaar.
Koelkast – Bewaar de energy bars in een afgesloten bakje in de koelkast. Zo blijven ze meestal 1 tot 2 weken goed.
Invriezen – Energy bars zijn uitstekend in te vriezen. Verpak ze eventueel per stuk zodat je eenvoudig een portie kunt meenemen. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Handig voor onderweg – Verpak de repen afzonderlijk in bakpapier of herbruikbare verpakkingen zodat je altijd een tussendoortje klaar hebt liggen.
Maak direct een grotere voorraad – Omdat de actieve bereiding beperkt is, loont het vaak om direct een dubbele portie te maken voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Muesli is een heerlijk voorbeeld van hoe eenvoudig een voedzaam ontbijt kan zijn. In tegenstelling tot granola worden de ingrediënten niet gebakken, waardoor je de pure smaken van granen, noten, zaden en gedroogd fruit behoudt.
Met dit recept muesli stel je jouw eigen favoriete combinatie samen, precies zoals jij hem lekker vindt. Het mooie van zelf muesli maken is dat je zelf bepaalt wat erin gaat. Houd je van extra noten, meer gedroogd fruit of juist meer zaden? Alles is aan te passen aan jouw smaak. Bovendien maak je in één keer een flinke voorraad waar je weken plezier van hebt.
Serveer je muesli met (plantaardige) melk, yoghurt of kwark, of gebruik hem als topping over vers fruit. Zo begin je de dag met een puur en eenvoudig ontbijt.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 — | 🫙 2-3 maanden
Ingrediënten
Haver- of boekweitvlokken 200 gram
Gepofte Amaranth of Quinoa 150 gram
Sultana of blue thomson rozijnen 50 gram
Gedroogde abrikoos 75 gram
Gedroogde appel 50 gram
Kokosflakes 25 gram
Lijnzaad 50 gram
Pompoenpitten 50 gram
Hazelnoten (of noten naar keuze) 100 gram
Bereidingswijze
Hak de noten in stukjes en snijd de appel en abrikoos klein.
Mix het geheel in een grote kom door elkaar. Voeg naar wens wat kaneel of andere specerijen toe.
Bewaar in een grote, luchtdichte voorraadpot. Heerlijk met (plantaardige) melk of yoghurt.
Maak hem helemaal naar smaak – Wissel af met verschillende soorten vlokken, noten, zaden of gedroogd fruit voor telkens een nieuwe combinatie.
Voeg extra smaak toe – Kaneel, vanillepoeder of een snufje kardemom geven je muesli een heerlijke, natuurlijke smaak.
Gebruik zelfgemaakte ingrediënten – Met zelf gedroogd fruit en zelf gepofte granen maak je jouw muesli nog persoonlijker.
Maak eenvoudig granola – Meng een portie muesli met wat honing of ahornsiroop en een beetje gesmolten boter of kokosolie en bak deze goudbruin in de oven voor een knapperige granola.
Voeg vers fruit toe bij het serveren – Denk aan banaan, appel, bessen of seizoensfruit voor extra smaak en variatie.
Voorraadkast – Bewaar de muesli in een goed afgesloten voorraadpot op een koele, droge en donkere plaats. Zo blijft hij ongeveer 2 tot 3 maanden lekker.
Diepvries – Ook invriezen is mogelijk, vooral wanneer je grote hoeveelheden maakt of noten gebruikt die sneller hun smaak verliezen. In de vriezer blijft de muesli ongeveer 6 maanden goed.
Maak direct een grotere voorraad – Omdat de bereiding slechts enkele minuten kost, is het handig om meteen een dubbele portie te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Granola is niet meer weg te denken van de ontbijttafel. Samen met yoghurt, kwark of melk vormt het een voedzaam ontbijt of lunch en de variaties in de supermarkt zijn eindeloos. Toch is granola heel eenvoudig zelf te maken.
Met dit recept granola bepaal je zelf welke granen, noten, zaden en zoetmakers je gebruikt. Zo maak je een granola die helemaal aansluit bij jouw smaak én weet je precies wat erin zit. Bovendien vult de geur van versgebakken granola al snel je hele keuken.
Een groot voordeel is dat granola lang houdbaar is. Maak daarom gerust een flinke hoeveelheid tegelijk en bewaar deze in een goed afgesloten voorraadpot. Zo heb je altijd een voedzaam ontbijt of een knapperige topping voor yoghurt, smoothie bowls of fruit binnen handbereik.
🍴 4 pers | ⏱ 15 min actief | 🕒 20 min oven | 🫙 4-6 weken
Ingrediënten
Havervlokken 250 gram
Gepofte Amaranth of Quinoa 150 gram
Honing 200 gram
Vanille extract 1 tl
Pompoenpitten 75 gram
Zonnebloempitten 75 gram
Lijnzaad 50 gram
Hazelnoot of amandelen 100 gram
Rozijnen 50 gram
Cranberry’s 50 gram
Zout snuf
Bereidingswijze
Smelt de honing en vanille samen in de magnetron of in een steelpan.
Meng alle droge ingrediënten BEHALVE het gedroogd fruit. Dus haver, amaranth/quinoa, noten en zaden. (Als je wilt kun je nog wat kaneel of andere specerijen toevoegen)
Giet de honing met vanille over het droge mengsel en meng goed door elkaar.
Verdeel het mengsel over een met bakpapier beklede bakplaat. Strooi er wat zout over en plaats het nu 15-20 minuten in een oven op 180°C. Roer in die tijd 2x door om aanbranden te voorkomen en het geheel evenredig bruin te krijgen.
Haal de bakplaat uit de oven en laat de granola afkoelen. Meng daarna het gedroogde fruit er doorheen. Doe alles in een grote, luchtdichte voorraadpot.
Maak hem helemaal naar smaak – Wissel af met verschillende noten, zaden, pitten, kokosvlokken of specerijen zoals kaneel, koek- en speculaaskruiden of vanille.
Gebruik pure ingrediënten – Met zelfgedroogd fruit, zelfgemaakte notenboter of lokale honing geef je jouw granola een extra pure basis.
Voeg gedroogd fruit pas na het bakken toe – Zo blijft het fruit zacht en voorkom je dat het verbrandt in de oven.
Extra krokant – Laat de granola na het bakken volledig afkoelen voordat je hem in een pot bewaart. Tijdens het afkoelen wordt hij heerlijk knapperig.
Lekker veelzijdig – Heerlijk met yoghurt, kwark, melk of plantaardige varianten, maar ook als topping over fruit of smoothie bowls.
Voorraadkast – Bewaar granola in een goed afgesloten voorraadpot op een koele en droge plaats. Zo blijft hij ongeveer 4 tot 6 weken lekker knapperig.
Diepvries – Granola kun je ook invriezen in een afgesloten bak of zak. Zo blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct een dubbele portie – Omdat de oven toch aan staat, is het efficiënt om meteen extra granola te bakken voor later.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Stoofperen horen voor veel mensen bij de herfst en winter. Zodra de dagen korter worden en de stoofperen weer in het seizoen zijn, vullen de keuken en het huis zich met de heerlijke geur van langzaam gegaarde peren en warme specerijen. Het is zo’n gerecht dat vaak herinneringen oproept aan vroeger.
Met dit recept stoofperen maak je eenvoudig zelf heerlijk zachte peren die je warm of koud kunt serveren. De combinatie van rode wijn, kaneel en de natuurlijke zoetheid van de peren zorgt voor een rijke smaak. Liever geen alcohol? Dan kun je de wijn eenvoudig vervangen door bijvoorbeeld zwarte bessensap.
Stoofperen zijn bovendien ideaal om vooruit te maken. Sterker nog, veel mensen vinden ze de volgende dag zelfs nóg lekkerder, omdat de smaken dan goed zijn ingetrokken. Maak gerust een grotere pan, want ze laten zich uitstekend bewaren of invriezen.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 1-1,5 uur stoven | ❄️ 6 maanden
Ingrediënten
Stoofperen (schoongemaakt) 1,5 kg
Rode wijn 250 ml
Water
Kaneelstokjes 2 stuks
Suiker of erythritol smaak
Bereidingswijze
Schil de peren, verwijder het klokhuis en het steeltje en snijd ze in stukken of in vier verticale parten.
Doe de peertjes in een grote pan en voeg de wijn of bessensap en water toe tot de peertjes helemaal onder staan. Voeg het kaneel en de eventuele specerijen toe. Je kunt wat suiker toevoegen maar dit hoeft niet gezien de peertjes zoeter worden met het inkoken.
Breng het geheel aan de kook en laat dan de peertjes op een laag vuur doorkoken tot ze gaar zijn. Dit kan zeker 1-1,5 uur duren.
Je kunt de peertjes direct eten als ze nog warm zijn of je laat ze in de koelkast afkoelen en eet ze later koud. Invriezen voor later kan natuurlijk ook.
Kies de juiste peren – Gebruik echte stoofperen. Handperen worden tijdens het stoven vaak te zacht en vallen sneller uit elkaar.
Gun ze de tijd – Hoe rustiger de peren garen, hoe mooier de structuur blijft. Laat ze liever wat langer zachtjes stoven dan hard koken.
De kleur wordt vanzelf dieper – Schrik niet als de peren in het begin nog licht van kleur zijn. Tijdens het stoven en afkoelen kleuren ze steeds donkerder rood.
Maak ze een dag van tevoren – Stoofperen zijn vaak nóg lekkerder wanneer ze een nacht in hun eigen vocht hebben gestaan.
Bewaar het stoofvocht – Kook het eventueel iets verder in tot een heerlijke saus voor over de peren of bij een dessert.
Koelkast – Bewaar de stoofperen met het vocht in een afgesloten bakje of pan in de koelkast. Zo blijven ze ongeveer 5 dagen goed.
Diepvries – Stoofperen zijn uitstekend in te vriezen, bij voorkeur samen met wat stoofvocht. In de vriezer blijven ze ongeveer 6 maanden goed.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Winegums zijn al jarenlang een van de populairste snoepjes. Toch staan ze meestal niet bekend om hun pure ingrediënten. Terwijl je ze verrassend eenvoudig zelf kunt maken met niets meer dan vruchtensap, gelatine en een zoetmaker naar keuze.
Met dit recept winegums bepaal je helemaal zelf welke smaak, kleur en zoetheid jouw snoepjes krijgen. Gebruik bijvoorbeeld appelsap, druivensap, sinaasappelsap of maak een combinatie van verschillende soorten. Zo ontstaat iedere keer weer een nieuwe variant.
Zelf winegums maken is bovendien een leuk klusje om samen met kinderen te doen. Het vullen van de vormpjes is misschien nog wel het leukste gedeelte en na een paar uur wachten heb je een zelfgemaakte traktatie waar je precies van weet wat erin zit.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 4-6 uur opstijven | 🫙 1 week
Ingrediënten
Gelatine 7 blaadjes
Vruchtensap zonder vruchtvlees 160 ml
Zoetstof (suiker, honing,..) 100 gram
Citroensap 1 tl
Bereidingswijze
Leg eerst de vormpjes op een dienblad of bakplaat die in de koelkast kan.
Leg de blaadjes gelatine in een bakje water om te weken.
Doe het vruchtensap in een steelpannetje en voeg de zoetstof en citroensap toe. Roer op een laag vuur goed door tot alles volledig opgelost is.
Voeg nu de gelatine toe en roer tot dit volledig is opgelost in de warme vruchtensap.
Doe met een trechter of pipet het mengsel in de mallen. (kan dus mallen van beertjes zijn maar het kan ook een ijsblokjesvorm zijn) Zet vervolgens in de koelkast. Na 4-6 uur (of een nachtje) heb je heerlijke wijngums.
Kies helder vruchtensap – Doorzichtig sap zonder vruchtvlees geeft de mooiste, helderste winegums. Troebel sap kan natuurlijk ook, maar zorgt voor een minder transparant resultaat.
Probeer laagjes – Laat een eerste laagje opstijven en voeg daarna een andere kleur toe. Zo maak je vrolijke meerkleurige winegums.
Werk met een pipet – Daarmee vul je kleine vormpjes veel makkelijker en zonder te morsen.
Gebruik siliconenvormpjes – De winegums laten dan veel eenvoudiger los dan uit harde kunststof vormen.
Pas de zoetheid aan – Proef het sap vóór je de gelatine toevoegt. Sommige vruchtensappen zijn van zichzelf al zoet genoeg.
Laat ze een dag liggen – Vind je stevigere winegums lekker? Laat ze na het opstijven nog een dag onafgedekt in de koelkast liggen. Ze drogen dan iets in en krijgen meer ‘bite’.
Koelkast – Bewaar de winegums in een goed afgesloten bakje in de koelkast. Zo blijven ze ongeveer 1 week goed.
Bewaar met bakpapier ertussen – Leg bij meerdere lagen een velletje bakpapier tussen de winegums. Zo voorkom je dat ze aan elkaar gaan plakken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Waterijsjes horen voor veel mensen bij warme zomerdagen. In de winkel vind je ze in allerlei kleuren en smaken, maar vaak bevatten ze meer suiker, kleurstoffen en toevoegingen dan nodig is. Zelf maken is verrassend eenvoudig én minstens zo lekker.
Met dit recept perenijs maak je een heerlijk fris ijsje van rijpe peren. Het fruit zorgt van zichzelf al voor veel smaak en natuurlijke zoetheid, waardoor extra suiker vaak nauwelijks nodig is. Wil je toch iets zoeter? Dan bepaal je dat helemaal zelf.
Dit recept is bovendien een mooie basis om eindeloos mee te variëren. Gebruik eens aardbeien, mango, kiwi, perzik of een combinatie van verschillende soorten fruit. Zo maak je steeds weer een nieuw, puur ijsje met precies de smaak die jij lekker vindt.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 4-6 uur invriezen | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Peren 2 stuks
Water 100 ml
Suiker 35 gram
Bereidingswijze
Schil de peren en verwijder het klokhuis. Snij de peren vervolgens in stukken en doe in een blender of pureer ze met een staafmixer of keukenmachine.
Meng de suiker (zoetstof) en het water en roer door tot de suiker volledig is opgelost. Voeg dit toe aan de perenpuree en mix dit nog even in de blender tot een egale massa.
Giet het mengsel in de ijsvormpjes en plaats in de vriezer. Laat daar 4-6 uur (of een nacht) staan tot ze goed bevroren zijn.
Gebruik rijp fruit – Hoe rijper de peren, hoe zoeter en smaakvoller het ijsje wordt. Vaak is extra zoetstof dan niet eens nodig.
Maak laagjes – Vul de vormpjes met verschillende soorten fruitpuree voor vrolijke laagjes en verrassende smaakcombinaties.
Voeg iets extra’s toe – Een beetje citroensap, kaneel, munt of gember geeft het ijsje net een andere smaak zonder veel extra werk.
Vul de vormpjes niet helemaal – Laat bovenaan een klein beetje ruimte over. Tijdens het bevriezen zet het mengsel nog iets uit.
Makkelijk lossen – Houd de ijsvormpjes een paar seconden onder lauwwarm water. Zo komen de ijsjes gemakkelijk los zonder te breken.
Diepvries – Bewaar de ijsjes in de vorm of verpak ze na het bevriezen per stuk in bakpapier of een diepvrieszak. Zo blijven ze ongeveer 3 maanden goed.
Maak gebruik van seizoensfruit – Heb je veel rijp fruit over? Verwerk het direct tot ijsjes. Zo voorkom je verspilling en heb je altijd een gezonde traktatie in de vriezer.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Jam maken is een heerlijke manier om het beste uit vers fruit te halen. Of je nu aardbeien, bramen, pruimen of abrikozen gebruikt, met zelfgemaakte jam proef je veel meer van het fruit dan uit een potje uit de supermarkt. Bovendien bepaal je helemaal zelf hoeveel suiker je gebruikt en welke smaken je eraan toevoegt.
Met dit recept jam maak je eenvoudig een pure basis waar je eindeloos mee kunt variëren. Wettelijk moet een product een hoog suikergehalte hebben om officieel “jam” te mogen heten, maar thuis ben je natuurlijk vrij om jouw eigen balans te kiezen. Fruitsoorten die van nature veel pectine bevatten binden gemakkelijk, terwijl je bij zachter fruit eventueel geleisuiker kunt gebruiken voor een mooi resultaat.
Zelf jam maken is niet alleen leuk, maar ook een mooie manier om een overvloed aan seizoensfruit te bewaren. Zo geniet je ook maanden later nog van de smaak van de zomer op een versgebakken boterham, door de yoghurt of als vulling in gebak. Welke fruitsoort wordt jouw favoriet?
🍴 4 personen | ⏱ 30 min actief | 🕒 30-45 min totaal | 🫙 9-12 maanden
Ingrediënten
Fruit 1 kilo
Citroensap 1 el
Geleisuiker 500 gram
Bij fruit met weinig pectine (aardbeien, blauwe bessen, kersen, frambozen, nectarines, perziken, peren, rabarber en vijgen) kun je meer geleisuiker toevoegen, bij fruit met veel pectine (aalbessen (rood, wit, zwart), appel, bramen, citroen, grapefruit, kruisbessen, kweeperen, limoen, passiefruit, pruim, sinaasappel) kun je geleisuiker vervangen door erythritol of suiker.
Bereidingswijze
Was het fruit en snijd eventueel in kleine stukken. Doe in een grote pan.
Voeg de citroensap en het suiker toe en breng al roerend aan de kook.
Kook een aantal minuten onder regelmatig roeren door tot het ingedikt is. Zet dan het vuur uit en laat het nog even doorkoken. Zet een schoteltje klaar.
Schep een beetje jam op het schoteltje en laat afkoelen. Kijk vervolgens of de jam de voor jou juiste dikte heeft. Wanneer dat niet zo is, kun je opnieuw het vuur aanzetten om het nog een paar minuten door te koken. Probeer daarna opnieuw de schoteltjestest.
Wanneer de jam de juiste consistentie heeft, kun je het overscheppen in steriele potten.
Fruitleer is een verrassend lekkere manier om fruit langer te bewaren. Met slechts een paar ingrediënten maak je een natuurlijke snack die boordevol fruitsmaak zit en ideaal is voor onderweg, in de broodtrommel of als gezond tussendoortje. Bovendien kun je er eenvoudig rijp fruit of fruit uit de vriezer voor gebruiken.
Met dit recept fruitleer bepaal je helemaal zelf welke fruitsoorten en smaken je combineert. Denk aan aardbeien, frambozen, bramen of mango, maar ook een mix van verschillende soorten werkt uitstekend. Een beetje vanille of een vleugje kaneel geeft weer een heel eigen twist.
Door het fruit langzaam te drogen ontstaat een zachte, oprolbare snack die lang houdbaar is zonder onnodige toevoegingen. Zo maak je van eenvoudig fruit iets bijzonders waar jong en oud van kunnen genieten.
🍴 4 personen | ⏱ 15 min actief | 🕒 12-15 uur drogen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Fruit 500 gram
Vanille extract 1 tl
Suiker of honing 1 el
Bereidingswijze
Pureer het schoongemaakte fruit.
Voeg de vanille en zoetstof toe en mix goed door.
Verdeel een dunne laag over de droogvellen in de droogoven. Laat 12-15 uur op ongeveer 57°C drogen. Check halverwege of je het fruit kunt losmaken om te draaien, dan droogt het geleidelijker.
Haal uit de droogoven en snijd er reepjes of stukjes van en doe in een afgesloten pot.
Frambozensaus is zo’n recept dat met weinig moeite ontzettend veel smaak toevoegt. De frisse, lichtzure frambozen vormen een heerlijke tegenhanger van zoete én hartige gerechten. Van een bolletje roomijs tot een stuk gegrild vlees of een romige cheesecake: deze saus past verrassend vaak.
Met dit recept frambozensaus maak je in een paar minuten een pure saus van echt fruit, zonder onnodige toevoegingen. Je bepaalt zelf hoe zoet je hem maakt en of je kiest voor een dunne saus of juist een wat dikkere variant door geleisuiker te gebruiken. Ook andere fruitsoorten, zoals bramen of rode bessen, zijn een heerlijke basis.
Een potje frambozensaus in de koelkast is altijd handig om achter de hand te hebben. Het geeft een eenvoudig gerecht net dat beetje extra en laat zien dat pure ingrediënten vaak het meeste smaak geven.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 15 min totaal | ❄️ 6 maanden
Ingrediënten
Frambozen 250 gram
Suiker 100 gram
Sap van een halve citroen
Optioneel; vanille extract 1/2 tl
Bereidingswijze
Doe alle ingrediënten in een pan en breng aan de kook.
Laat op een laag vuurtje ongeveer 3-4 minuten doorkoken.
Zeef de saus. Druk met de bolle kant van een lepel de frambozensap goed door de zeef zodat alleen de zaadjes achterblijven.
Laat de saus afkoelen zodat deze ook nog wat indikt. Zowel warm als koud te serveren bij allerlei desserts of vlees.
Zeef voor een fluweelzachte saus – Door de pitjes eruit te zeven krijgt de saus een mooie, gladde structuur. Laat ze juist zitten als je een meer rustieke saus wilt.
Pas de dikte aan – Laat de saus iets langer inkoken voor een dikkere topping of voeg een klein scheutje water toe wanneer je hem juist dunner wilt maken.
Varieer met fruit – Ook bramen, blauwe bessen, aardbeien of een combinatie van rood fruit zijn heerlijk in dit recept.
Heerlijk warm én koud – Serveer warm over pannenkoeken of ijs, of koud door yoghurt, kwark, cheesecake of een salade met geitenkaas.
Koelkast – Bewaar de saus in een goed afgesloten pot in de koelkast. Zo blijft hij ongeveer 1 week goed.
Diepvries – Vries de saus in kleine porties in. Zo blijft hij ongeveer 6 maanden goed en heb je altijd een portie klaar voor desserts of andere gerechten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Appelstroop maken lijkt misschien iets van vroeger, toen grote koperen ketels urenlang stonden te pruttelen. Toch kun je ook thuis heel eenvoudig een heerlijke, pure appelstroop maken. Het enige wat je vooral nodig hebt, is wat geduld. De natuur doet de rest.
Met dit recept appelstroop maak je een volle, donkere stroop van niets meer dan appels. Tijdens het langzaam inkoken verdampt het vocht en blijven de natuurlijke suikers en rijke appelsmaak over. Zo ontstaat een pure stroop zonder onnodige toevoegingen, precies zoals je hem zelf het liefst eet.
Heerlijk op een boterham, pannenkoek of cracker, maar ook verrassend lekker door yoghurt, bij een kaasplankje of als smaakmaker in stoofgerechten. Een pot zelfgemaakte appelstroop is bovendien lang houdbaar en een mooi voorbeeld van hoe je met één ingrediënt iets bijzonders kunt maken.
🍴 4 personen | ⏱ 30 min actief | 🕒 3-5 uur inkoken | 🫙 6-12 maanden
Ingrediënten
Appels 5 kilo
Probeer ook eens appels en peren te mengen voor appel/peren stroop.
Bereidingswijze
De originele manier van stroop maken is een tijdrovende klus. We kiezen hier voor een simpeler recept. We maken eerst appelsap door de appels in een sappan of -centrifuge te doen en het sap op te vangen.
Zet een grote pan op het fornuis en doe de appelsap in de pan. Zet op laag vuur en laat het sap inkoken. Afhankelijk van de hoeveelheid sap, zal de pan een paar uur staan pruttelen en de hoeveelheid sap slinken. Roer af en toe met een spatel om de warmte gelijkmatig te verdelen.
Wanneer er nog 1/3-1/4 van het sap over is, moet je bij de pan blijven en continue roeren want nu gaat het indikken en je wilt niet dat het aanbrand.
Wanneer het een donkere, dikke siroop is geworden, zet je het vuur uit. Als de siroop het afkoelt, zal de consistentie dikker worden. Doe een beetje van de siroop op een schaaltje en zet 10 minuten in de koelkast.
Kijk na 10 minuten of de siroop een dikke stroop is geworden. Ja? Dan kun je het in een afsluitbare, schone pot doen. Is de siroop nog te dun? Dan kun je het vuur weer zacht aanzetten en kook je de appelsap nog wat verder in. Herhaal de test tot je ziet dat de stroop dik genoeg is.
Kies verschillende appelsoorten – Een combinatie van zoete en friszure appels geeft de stroop meer diepgang en een mooiere smaak.
Laat rustig inkoken – Hoe langzamer het vocht verdampt, hoe voller en rijker de uiteindelijke stroop wordt. Geduld wordt echt beloond.
Controleer de dikte – Houd er rekening mee dat de stroop tijdens het afkoelen nog verder indikt. Stop daarom liever iets te vroeg dan te laat met inkoken.
Maak ook appel-perenstroop – Vervang een deel van de appels door rijpe peren voor een zachtere, iets zoetere smaak.
Koelkast – Bewaar een geopende pot in de koelkast. Zo blijft de appelstroop ongeveer 2 tot 3 maanden goed.
Voorraadkast – Een ongeopende, goed afgesloten pot is op een koele, donkere plaats ongeveer 6 tot 12 maanden houdbaar.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Van iets wat normaal in de GFT-bak belandt, maak je een smaakmaker die je maandenlang kunt gebruiken. Dat is misschien wel het mooiste aan zelf appelazijn maken. Met niets meer dan appelschillen, klokhuizen, water en een beetje geduld ontstaat een zachte, aromatische azijn die verrassend veelzijdig is.
Dit recept appelazijn laat zien hoe eenvoudig fermenteren eigenlijk kan. Het kost vooral tijd, maar nauwelijks werk. Ondertussen doet de natuur haar werk en verandert een restproduct langzaam in een heerlijke appelazijn voor dressings, marinades, inmaken of gewoon een scheutje in een glas water.
En misschien is dat nog wel het leukste: iedere fles is nét even anders, afhankelijk van de appels die je gebruikt. Zo maak je van iets dat anders weggegooid zou worden een puur, zelfgemaakt product waar je iedere keer weer trots op bent.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 6-8 weken fermenteren | 🫙 Bewaren: minimaal 1 jaar
Ingrediënten
Appels (schillen en klokhuizen is prima)
Water
Suiker 4 el per liter water
Bereidingswijze
Vul een grote pot met schillen en klokhuizen van de appels. Verwijder rotte plekjes. Pitten kun je laten zitten. Vul de pot ongeveer 50% en 75%.
Vul de pot verder met water totdat de appelschillen volledig onder staan. De schillen hebben de neiging om te drijven dus let op wanneer het genoeg is. Afhankelijk van hoeveel water je hebt, voeg je suiker toe. Reken ongeveer 4 el suiker per liter water, dan heb je genoeg. Minder mag ook. Het fermentatieproces kan dan wat langer duren want suiker start het proces sneller op.
Roer de appels door zodat de suiker oplost en dek de pot af met een doekje en een elastiek om de rand van de pot. Zo kan er wel zuurstof bij, maar geen vliegjes.
Zet de pot bij kamertemperatuur weg. Niet in het directe zonlicht maar het hoeft niet in het donker gezet te worden. Kies een plek waar je makkelijk bij kan want de komende 3 tot 4 weken zul je elke dag even door de azijn moeten roeren zodat de appels die boven het water drijven ook weer goed onder water komen. Dit voorkomt schimmelvorming. Je kunt ook iets zwaars op de appels leggen zodat ze onder water blijven (bv een wekdeksel) maar zorg ervoor dat dit dan ook volledig onder water blijft. Dagelijks roeren blijft een must zodat er ook zuurstof in het water komt. Wanneer je toch een beetje schimmel ziet op de bovenkant, kun je dat gewoon verwijderen of het stukje appel eruit halen. Word het erger en keert het dagelijks terug, gooi dan je batch weg en start overnieuw.
Na 3 tot 4 weken zie je dat de vloeistof niet meer zo borrelt. De suikers zijn omgezet in alcohol. Giet het mengsel door een zeef en giet de azijn terug in de pot. Dek deze weer af en laat wederom ongeveer 3-4 weken bij kamertemperatuur staan. Roer om de paar dagen even door.
Na 3-4 weken (totaal dus 6-8 weken) kun je de azijn overhevelen in flessen die je met een deksel afsluit. Het fermentatieproces is dan nog niet voorbij en de azijn zal wanneer je deze nog een maand of langer laat staan alleen maar lekkerder worden.
Gebruik verschillende appelsoorten – Een mix van zoete en zure appels geeft een rijkere en meer complexe smaak dan één enkele soort.
Werk schoon, niet steriel – Een goed schoongemaakte pot en lepel zijn voldoende. Zo geef je de goede gisten de beste kans zonder ongewenste bacteriën.
Ruik regelmatig aan de azijn – Tijdens het fermenteren verandert de geur van zoet naar friszuur. Dat is een goede manier om het proces te volgen.
Zie je een ‘moeder’? – Er kan een gelatineachtige laag ontstaan. Dat is de azijnmoeder en juist een teken dat de fermentatie goed verloopt. Bewaar hem gerust voor een volgende batch.
Maak verschillende smaken – Voeg tijdens de tweede fermentatie eens een takje rozemarijn, tijm of een stukje gember toe voor een subtiele smaakvariant.
Bewaren – Bewaar de appelazijn in een goed afgesloten glazen fles op een koele, donkere plaats. Zo blijft hij gemakkelijk minimaal een jaar goed en ontwikkelt de smaak zich vaak zelfs nog verder.
📌 Sla de receptenkaarten op voor later of print ze uit voor in de keuken.
Appelmoes is zo’n klassieker die bijna iedereen kent. Toch is zelfgemaakte appelmoes een wereld van verschil met de variant uit pot of pak. De smaak van verse appels, een vleugje kaneel en de mogelijkheid om zelf de structuur te bepalen maken dit een basisrecept dat je keer op keer wilt maken.
Met dit recept appelmoes bepaal je helemaal zelf hoe zoet, zuur of grof je de appelmoes maakt. Gebruik bijvoorbeeld goudreinetten voor een frisse, lichtzure smaak of combineer verschillende appelrassen voor extra diepgang. Zo ontstaat iedere keer weer een appelmoes die perfect past bij jouw smaak.
Heerlijk bij een stamppot, verse frietjes of pannenkoeken, maar ook als tussendoortje of als natuurlijke zoetmaker in baksels. Een portie in de vriezer is daarom altijd handig om achter de hand te hebben.
🍴 4 personen | ⏱️ 10 min actief | 🕒 25 min totaal | 🧊 5 dagen
Ingrediënten
Appels 1 kilo
Suiker 30 gram
Kaneel 1 el
Water 50 ml
Bereidingswijze
Schil de appels en verwijder de klokhuizen. Je kunt appelmoes ook maken met appels met schil. Was de appels dan goed van tevoren en pureer de appelmoes aan het eind zodat je geen schilletjes proeft.
Doe de appels in een pan met het water en strooi de suiker en eventueel de kaneel over de appels. Roer goed door.
Breng aan de kook en laat op een middelhoog vuur zo’n 10-15 minuten doorkoken tot de appels zacht zijn geworden. Blijf regelmatig roeren zodat het geheel niet aanbrand.
Je kunt nu de appelmoes verwerken naar keuze; wellicht vind je de structuur al prima zo, misschien wil je het iets verfijnen door met een stamper de moes te mengen en wellicht wil je een fijne, gladdere moes maken door deze te pureren.
Kies de juiste appel – Goudreinetten geven een frisse, lichtzure appelmoes, terwijl Elstar, Jonagold of Santana juist wat zoeter zijn. Door verschillende appelsoorten te combineren ontstaat vaak de lekkerste smaak.
Bepaal zelf de structuur – Gebruik een aardappelstamper voor een grove appelmoes of een staafmixer voor een glad resultaat. Laat eventueel een paar stukjes appel heel voor extra bite.
Meer smaak zonder extra suiker – Voeg naast kaneel eens een snufje kardemom, vanille of een klein beetje citroenrasp toe. Zo krijgt de appelmoes meer diepte zonder veel extra zoetheid.
Ook handig bij het bakken – Appelmoes is niet alleen lekker als bijgerecht, maar kan in veel bakrecepten een deel van de boter of olie vervangen. Zo blijven cakes en muffins heerlijk smeuïg.
Koelkast – Bewaar de appelmoes goed afgesloten in de koelkast. Zo blijft hij ongeveer 5 dagen goed.
Diepvries – Verdeel de appelmoes in porties en vries deze in. In de diepvries blijft hij ongeveer 6 maanden goed.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.