Haverkoekjes zijn zo’n product dat veel mensen standaard in de supermarkt kopen. Toch maak je ze verrassend eenvoudig zelf met een paar pure ingrediënten. Zo bepaal je zelf welke havermout, boter en zoetmaker je gebruikt en weet je precies wat erin zit.
Deze haverkoekjes zijn heerlijk voor bij een kop koffie of thee, als tussendoortje of om mee te nemen onderweg. Omdat ze goed houdbaar zijn, kun je direct een grotere hoeveelheid bakken. Zo heb je altijd iets lekkers in huis zonder afhankelijk te zijn van verpakte koekjes uit de winkel.
Met een voorraadje zelfgemaakte haverkoekjes in de kast heb je op elk moment een eenvoudige snack bij de hand. Puur, simpel en zelfgemaakt.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 15 min bakken | ❄ max 3 maanden
Ingrediënten
Havermout 200 gram
Roomboter 100 gram
Suiker 75 gram
Toevoegingen naar keus
Bereidingswijze
Meng alle ingrediënten tot een deeg. Heb je wat grovere vlokken havermout? Doe dan eerst de helft in een blender of gebruik een keukenmachine om de havermout te vermalen tot een havermeel. Zo behouden de koekjes wat beter hun vorm en structuur.
Vorm koekjes van het deeg dat ontstaan is. Dit kan met leuke vormpjes maar ook gewoon met de hand.
Bak de koekjes in 15 minuten op 180°C gaar. Mocht je voor de variatie wat fruit toegevoegd hebben met een hoger vochtgehalte, dan kan het zijn dat het bakken een paar minuten langer nodig heeft.
Laat de koekjes op een rooster afkoelen. Zo kan er ook lucht bij de onderkant en drogen ze mooi egaal. Enjoy!
Extra krokante koekjes – Bak de haverkoekjes een paar minuten langer voor een steviger en krokanter resultaat. Houd ze wel goed in de gaten zodat ze niet te donker worden.
Zachter van binnen – Haal de koekjes iets eerder uit de oven wanneer je ze liever wat zachter en smeuïger hebt. Ze garen tijdens het afkoelen nog iets verder na.
Variëren met smaken – Voeg eens rozijnen, stukjes pure chocolade, kaneel, kokosrasp of noten toe om telkens een andere variant te maken. Of een mix hiervan natuurlijk.
Pure ingrediënten – Door zelf haverkoekjes te maken bepaal je zelf welke ingrediënten je gebruikt. Kies bijvoorbeeld voor havermout van de molen, roomboter van de boer of een zoetmaker die bij jouw voorkeur past.
Voorraadkast – Bewaar de haverkoekjes in een goed afgesloten trommel of glazen pot. Zo blijven ze ongeveer 1 tot 2 weken lekker.
Invriezen – Zowel het koekjesdeeg als de gebakken koekjes kun je prima invriezen. Bewaar ze tot 3 maanden in de vriezer.
Koekjesdeeg bewaren – Het deeg kun je 2 tot 3 dagen afgedekt bewaren in de koelkast. Handig wanneer je later nog een verse portie wilt bakken.
Uit de vriezer – Laat de koekjes op kamertemperatuur ontdooien of warm ze een paar minuten op in de oven. Zo smaken ze bijna alsof ze net gebakken zijn.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Toffee is een klassiek lekkernij dat met slechts een paar ingrediënten verrassend eenvoudig zelf te maken is. Door boter, room en een zoetmaker langzaam te verhitten ontstaat die herkenbare volle smaak en zachte, chewy structuur waar toffee zo geliefd om is.
Deze zelfgemaakte toffee is heerlijk als tussendoortje, bij een kop koffie of thee of om cadeau te geven. Omdat toffee goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later. Zo heb je altijd iets lekkers in huis voor een speciaal moment of gewoon om van te genieten.
Met zelfgemaakte toffee bepaal je zelf welke ingrediënten je gebruikt en hoe zoet je het maakt. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
🍴 4 pers | ⏱ 30 min actief | 🕒 60 min koelen | 🧊 1-2 maanden
Ingrediënten
Boter 100 gram
Suiker 100 gram
Slagroom 100 ml
Bereidingswijze
Smelt de boter en suiker in een pan op laag vuur. Blijf goed mixen tot de suiker volledig opgenomen is.
Voeg de room toe en roer het mengsel tot het een gladde en dikke consistentie heeft. Voeg nu eventueel een smaakje toe wanneer je dat wilt en meng goed door.
Doe het toffeemengsel over in een met bakpapier bekleedde schaal en laat het afkoelen en uitharden. Je kunt het in de koelkast zetten voor dit proces maar dit hoeft niet. Wil je de toffee van wat zeezout op de bovenkant voorzien, dan is dit het moment.
Snijd de harde toffee in gelijke, smalle snoepjes. Berg de toffees nu goed weg, anders zijn ze dezelfde dag al op.
Zacht of stevig – De uiteindelijke structuur van de toffee hangt af van hoe lang je het mengsel verhit. Korter verhitten geeft een zachtere toffee, langer verhitten zorgt voor een stevigere bite.
Variëren met smaken – Voeg eens een snufje zeezout, vanille, kaneel of een beetje espresso toe voor een verrassende smaakvariatie.
Geduld loont – Laat de toffee volledig afkoelen voordat je deze snijdt. Hierdoor krijgt de toffee de juiste structuur en blijft hij beter in vorm.
Leuk om cadeau te geven – Verpak de toffee in kleine stukjes of wikkel ze individueel in bakpapier. Zo heb je een eenvoudig zelfgemaakt cadeautje voor familie en vrienden.
Voorraadkast – Bewaar de toffee in een goed afgesloten trommel of glazen pot op een koele en droge plek. Zo blijft de toffee ongeveer 2 tot 4 weken goed.
Koelkast – In warmere periodes kun je de toffee ook in de koelkast bewaren. Hierdoor blijft hij langer stevig en blijft de kwaliteit ongeveer 1 tot 2 maanden behouden.
Vocht vermijden – Bewaar de toffee droog en goed afgesloten. Vocht kan ervoor zorgen dat de structuur verandert of dat de stukjes aan elkaar gaan plakken.
Invriezen – Toffee kan uitstekend worden ingevroren. Verpak de stukjes luchtdicht en bewaar ze tot ongeveer 3 maanden in de vriezer. Laat ze voor gebruik rustig op kamertemperatuur komen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Gekonfijte sinaasappelschil is een heerlijke manier om meer uit je ingrediënten te halen. Wat normaal vaak wordt weggegooid, verandert met een beetje tijd en geduld in een zoete lekkernij met een frisse sinaasappelsmaak. Heerlijk om zo te eten, maar ook als toevoeging aan gebak, desserts, brood of chocolade.
Omdat gekonfijte sinaasappelschil goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Bovendien werkt dit recept niet alleen met sinaasappels, maar ook met citroen, limoen of andere citrusvruchten.
Met een pot zelfgemaakte gekonfijte sinaasappelschil in de voorraadkast heb je altijd een bijzondere smaakmaker of traktatie binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 15 min actief | 🕒 55 min koken + drogen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Sinaasappelschillen 3 stuks
Suiker 200 gram
Water 200 ml
Bereidingswijze
Kook de schillen 10 minuten en giet daarna af.
Mix het water en de suiker en breng aan de kook. Voeg de sinaasappel schillen toe en laat ongeveer 45 minuten op een laag vuur doorkoken.
Verwijder de sinaasappelschillen en laat deze goed drogen. Je kunt ze nog eerst door de suiker of chocolade rollen voor een extra bite.
Gebruik onbespoten citrusvruchten – Omdat je de schil gebruikt, is het fijn om te kiezen voor biologische of onbespoten citrusvruchten. Was de vruchten altijd goed voordat je begint.
Minder bitter – Door de schillen eerst te koken en het water af te gieten wordt een deel van de bitterheid verwijderd. Herhaal dit eventueel nog een keer voor een mildere smaak.
Meer dan alleen sinaasappel – Dit recept werkt ook uitstekend met citroen-, limoen-, mandarijn- of grapefruitschillen. Iedere citrusvrucht geeft een eigen smaak.
Extra feestelijk – Rol de gekonfijte schillen door wat fijne suiker of dip ze voor een deel in gesmolten chocolade voor een bijzondere traktatie.
Voorraadkast – Bewaar goed gedroogde gekonfijte sinaasappelschillen in een goed afgesloten pot op een koele en droge plek. Zo blijven ze ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Koelkast – In een afgesloten bakje of pot blijven gekonfijte sinaasappelschillen in de koelkast vaak 6 tot 12 maanden goed.
Invriezen – Ook invriezen is mogelijk. In de vriezer blijven de schillen ongeveer 12 maanden goed zonder veel smaakverlies.
Gebruik de siroop – Gooi de overgebleven suikersiroop niet weg. Deze heeft een heerlijke sinaasappelsmaak en kan gebruikt worden in thee, desserts, yoghurt of baksels.
Maak direct een voorraadje – Omdat citrusvruchten regelmatig in huis zijn en de schillen lang houdbaar zijn, is dit een ideaal recept om gedurende het jaar een voorraad op te bouwen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Groentechips zijn een verrassend eenvoudige manier om van groenten een knapperige snack te maken. Met slechts een paar ingrediënten maak je zelf chips van bijvoorbeeld biet, wortel, pastinaak of bataat. Iedere groente geeft weer een eigen smaak, kleur en structuur, waardoor je eindeloos kunt variëren.
Omdat groentechips goed te bewaren zijn, kun je direct een grotere hoeveelheid maken voor later. Zo heb je altijd een zelfgemaakte snack in huis voor een filmavond, borrelmoment of gewoon tussendoor. Bovendien kun je eenvoudig spelen met kruiden en specerijen om telkens een andere smaak te creëren.
Met een pot zelfgemaakte groentechips in de voorraadkast heb je altijd een knapperige snack binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 30 min bakken | 🫙 1-2 weken
Ingrediënten
Groenten naar keuze 3 stuks
Olijfolie 1 el
Zout snufje
Biet, wortel, pastinaak en zoete bataat zijn fantastische groenten om chips van te maken. Ook kun je wat specerijen aan je chips toevoegen zoals bv uienpoeder of zwarte peper.
Bereidingswijze
Snijd de groenten in dunne plakjes. Gebruik hiervoor eventueel een mandoline of keukenmachine.
Dep de groenten schijfjes droog met keukenpapier of een droge theedoek. Meng de schijfjes met de olie en het zout (en eventuele andere specerijen)
Bedek een bakplaat met bakpapier en verdeel de groenten schijfjes los van elkaar over de bakplaat.
Bak 25–30 min op 170 °C tot ze knapperig zijn, keer ze halverwege zodat beide kanten mooi egaal bakken. Let op; elke oven werkt anders dus het kan zijn dat ze iets korter/langer in jouw oven moeten of dat je de temperatuur iets lager wilt zetten.
Snijd zo gelijk mogelijk – Dunne plakjes van gelijke dikte zorgen ervoor dat de chips gelijkmatig bakken en tegelijkertijd knapperig worden. Een mandoline is hierbij erg handig.
Goed droogdeppen – Hoe minder vocht er op de groenten zit, hoe knapperiger de uiteindelijke chips worden. Neem daarom even de tijd om de plakjes goed droog te maken.
Experimenteer met kruiden – Voeg bijvoorbeeld paprikapoeder, knoflookpoeder, kerrie, chilipoeder of Italiaanse kruiden toe voor een andere smaakbeleving.
Niet alle groenten tegelijk – Verschillende groenten bevatten verschillende hoeveelheden vocht. Bak ze eventueel apart wanneer je een optimaal resultaat wilt.
Volledig laten afkoelen – De chips worden vaak nog knapperiger tijdens het afkoelen. Laat ze daarom eerst volledig afkoelen voordat je ze opbergt.
Voedseldroger – Groentechips kunnen ook in een voedseldroger worden gemaakt. Dit duurt langer, maar geeft vaak een gelijkmatiger resultaat en een langere houdbaarheid.
Voorraadkast – Bewaar de groentechips in een goed afgesloten pot of trommel op een droge plek. Zo blijven ze ongeveer 1 tot 2 weken knapperig.
Vocht vermijden – Zodra de chips vocht opnemen verliezen ze hun knapperigheid. Zorg daarom dat de bewaarpot goed afgesloten blijft.
Opnieuw krokant maken – Zijn de chips toch wat zachter geworden? Leg ze dan enkele minuten in de oven of airfryer om ze weer krokant te maken.
Maak direct een grotere hoeveelheid – Omdat het meeste werk zit in het snijden van de groenten, is het handig om direct meerdere bakplaten tegelijk te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Aardappelchips zijn misschien wel de bekendste snack die er bestaat. Maar wist je dat je ze heel eenvoudig zelf kunt maken? Met slechts een paar ingrediënten maak je knapperige chips die je volledig naar eigen smaak kunt kruiden. Van klassiek met een beetje zout tot pittig, kruidig of juist verrassend zoet.
Omdat je zelf bepaalt welke ingrediënten je gebruikt, houd je het recept eenvoudig en puur. Bovendien zijn zelfgemaakte aardappelchips een leuke manier om aardappels eens op een andere manier te gebruiken dan gekookt, gebakken of als puree.
Met een schaal verse aardappelchips op tafel heb je een heerlijke snack voor een filmavond, verjaardag of gewoon tussendoor. Simpel, zelfgemaakt en altijd een succes.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 30 min bakken | 🫙 1-2 weken
Ingrediënten
Aardappels 3 stuks
Olijfolie 1 el
Zout snufje
Voeg eventueel wat chilipeper, paprikapoeder of andere specerij toe voor ze de oven in gaan.
Bereidingswijze
Snijd aardappels flinterdun. Het is handig om hiervoor een mandoline of keukenmachine te gebruiken. Dep de aardappels goed droog met keukenpapier of een schone theedoek.
Meng de aardappelschijfjes met olie en zout. (en eventueel andere specerijen)
Bedek een bakplaat met bakpapier en verdeel de aardappelschijfjes los van elkaar over de bakplaat.
Bak 25–30 min op 180 °C, keer halverwege zodat beide kanten mooi egaal bakken. Laat ze wanneer ze klaar zijn goed afkoelen.
Flinterdun snijden – Hoe dunner de aardappelschijfjes, hoe krokanter de chips worden. Een mandoline zorgt voor het meest gelijkmatige resultaat.
Zetmeel verwijderen – Spoel de aardappelschijfjes na het snijden kort af met koud water en dep ze daarna goed droog. Hierdoor worden de chips vaak nog knapperiger.
Goed droogdeppen – Vocht is de grootste vijand van krokante chips. Neem daarom de tijd om de schijfjes goed droog te maken voordat ze de oven of airfryer ingaan.
Experimenteer met kruiden – Paprikapoeder, knoflookpoeder, uienpoeder, kerrie, rozemarijn of chilipoeder geven allemaal een eigen karakter aan de chips.
Airfryer of oven – Beide werken prima. In een airfryer zijn de chips vaak iets sneller klaar, terwijl je in de oven grotere hoeveelheden tegelijk kunt maken.
Volledig laten afkoelen – De chips worden tijdens het afkoelen vaak nog iets krokanter. Laat ze daarom eerst afkoelen voordat je ze opbergt.
Voorraadkast – Bewaar de chips in een goed afgesloten pot of trommel op een droge plek. Zo blijven ze ongeveer 1 tot 2 weken knapperig.
Vocht vermijden – Zodra de chips vocht opnemen verliezen ze hun krokante structuur. Sluit de bewaarpot daarom steeds goed af.
Opnieuw krokant maken – Zijn de chips wat zacht geworden? Verwarm ze dan enkele minuten in de oven of airfryer om ze weer krokant te maken.
Maak direct een grotere hoeveelheid – Omdat het meeste werk in het snijden zit, is het vaak efficiënter om meerdere bakplaten tegelijk te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Energy bars zijn ideaal voor onderweg, tijdens het sporten of wanneer je tussendoor behoefte hebt aan iets voedzaams. Met een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf repen die precies aansluiten bij jouw smaak. Bovendien bepaal je zelf welke noten, zaden, vruchten en zoetmakers je gebruikt.
Het fijne aan deze no bake energy bars is dat je geen oven nodig hebt. Je mengt de ingrediënten, laat het mengsel opstijven en snijdt het vervolgens in repen. Hierdoor zijn ze snel gemaakt en perfect om vooruit te plannen voor drukke dagen.
Met een voorraad zelfgemaakte energy bars in de koelkast of vriezer heb je altijd een handig tussendoortje binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en makkelijk mee te nemen.
Meng de haver, de noten, het zout en het gedroogde fruit door elkaar in een kom.
Verwarm de honing en notenboter samen op een laag vuur in een steelpannetje en roer dit tot een glad mengsel.
Meng het notenboter mengsel met de droge ingrediënten goed door elkaar. Stort het mengsel in een schaal of bakvorm en druk het mengsel goed aan met een lepel.
Zet de schaal of bakvorm in de koelkast en laat 2-3 uur opstijven. Haal uit de koelkast en snijd er repen of stukken van zoals voor jou fijn is.
Maak ze helemaal naar smaak – Varieer met verschillende soorten noten, zaden, gedroogd fruit, kokosrasp of specerijen zoals kaneel en vanille.
Gebruik zelfgemaakte ingrediënten – Met zelfgemaakte notenboter en zelf gedroogd fruit geef je de repen een extra persoonlijke en pure basis.
Meer of minder zoet – Pas de hoeveelheid honing aan of vervang een deel door dadels, rozijnen of ander gedroogd fruit.
Extra vulling – Voeg bijvoorbeeld lijnzaad, chiazaad, gepofte quinoa, hennepzaad of pompoenpitten toe voor meer variatie in structuur.
Goed aandrukken – Druk het mengsel stevig aan in de vorm. Hierdoor vallen de repen na het opstijven minder snel uit elkaar.
Koelkast – Bewaar de energy bars in een afgesloten bakje in de koelkast. Zo blijven ze meestal 1 tot 2 weken goed.
Invriezen – Energy bars zijn uitstekend in te vriezen. Verpak ze eventueel per stuk zodat je eenvoudig een portie kunt meenemen. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Handig voor onderweg – Verpak de repen afzonderlijk in bakpapier of herbruikbare verpakkingen zodat je altijd een tussendoortje klaar hebt liggen.
Maak direct een grotere voorraad – Omdat de actieve bereiding beperkt is, loont het vaak om direct een dubbele portie te maken voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Een lekkere traktatie op zijn tijd hoort er natuurlijk ook bij. En juist dan is het fijn als je zelf kunt bepalen welke ingrediënten je gebruikt. Zo maak je iets lekkers zonder onnodige toevoegingen en precies zoals jij het lekker vindt.
Met dit recept bounty maak je eenvoudig zelf zachte kokosrepen met een knapperig laagje chocolade. De combinatie van romige kokos en pure of melkchocolade blijft een klassieker en is verrassend makkelijk om zelf te maken.
Zelfgemaakte bounty’s zijn ideaal om vooruit te maken. Bewaar een voorraadje in de koelkast of vriezer, zodat je altijd iets lekkers achter de hand hebt voor bij de koffie of als tussendoortje.
🍴 4 personen | ⏱ 30 min actief | 🕒 2 uur opstijven | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Volle melk 360 ml
Erythritol of suiker 150 gram
Kokosrasp 175 gram
Slagroom 60 ml
Chocolade 300 gram
Bereidingswijze
Mix in een pan de melk en de suiker tot de suiker volledig opgelost is.
Voeg de kokosrasp toe en zet het vuur laag. Roer goed door tot alle melk/suiker opgenomen is door de kokosrasp. Voeg de room toe en mix tot ook dit volledig is opgenomen door de kokos.
Zet het vuur uit en laat de kokos afkoelen. Het is handig om de kokos in een andere schaal te doen.
Maak met de hand ovale bolletjes en druk die stevig aan. Leg ze op een bord. Wanneer je alle kokos verdeeld hebt, zet je het bord ongeveer een uur in de koelkast.
Smelt de chocolade au-bain-marie. Haal de kokosbollen een voor een door de chocolade en leg op een bord met bakpapier. Plaats het bord wederom ongeveer een uur in de koelkast.
Cake is misschien wel een van de meest klassieke baksels die er bestaat. Met slechts een handvol basisingrediënten maak je een luchtige, smeuïge cake die op elk moment van de dag heerlijk smaakt. Juist door de eenvoud is het een recept waar je eindeloos mee kunt variëren.
Met dit recept cake heb je een stevige basis in handen. Voeg bijvoorbeeld appel, blauwe bessen, citroenrasp, cacao, kaneel of vanille toe en je maakt iedere keer weer een andere variant. Zo maak je met dezelfde basis steeds een cake die past bij het seizoen of waar je op dat moment zin in hebt.
Zelfgebakken cake is bovendien ideaal om vooruit te maken. Bewaar hem een paar dagen vers op het aanrecht of vries plakken in, zodat je altijd iets lekkers bij de koffie of thee achter de hand hebt.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 60 min baktijd | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Ongezouten roomboter 250 gram
Erythritol of suiker 250 gram
Eieren (4 á 5) 250 gram
Bloem 250 gram
Zout snufje
Bereidingswijze
Breng boter op kamertemperatuur. Mix in een kom de boter en suiker tot een romig mengsel.
Zet de mixer op de hoogste stand. Voeg 1 voor 1 de eieren toe. Mix tot een glad beslag.
Zet de mixer laag en voeg rustig de bloem en het snufje zout toe. Mix tot je een glad beslag hebt. Fruit of noten schep je daarna door het beslag.
Vet een bakvorm in en bak de cake in 60 minuten gaar op 175°C. Controleer voor je de cake uit de oven haalt met een satéprikker of deze gaar is. Wanneer de satéprikker schoon uit de cake komt, is deze ook van binnen gaar. Zo niet, laat de cake 5-10 minuten doorgaren en controleer opnieuw.
Haal de cake uit de oven. Laat even afkoelen in de bakvorm. Stort ‘m daarna op een rooster om verder af te laten koelen.
Gebruik ingrediënten op kamertemperatuur – Hierdoor mengen boter, eieren en suiker beter en wordt de cake luchtiger.
Mix niet te lang – Zodra de bloem is opgenomen kun je stoppen met mengen. Zo blijft de cake mooi luchtig.
Varieer met smaken – Voeg bijvoorbeeld appel, peer, blauwe bessen, citroenrasp, sinaasappelrasp, kaneel, cacao of vanille toe.
Verhoudingen – Belangrijk is de verhouding van de vier basisingrediënten allemaal 25% te houden. Dan is de kans dat een cake mislukt erg klein. Hou daar ook rekening mee wanneer je een smaak toevoegd. Vers fruit is vochtiger en zal dus ook wat meer droge stof (bloem) als tegenhanger nodig hebben.
Controleer de gaarheid – Prik met een satéprikker in het midden van de cake. Komt deze er schoon uit, dan is de cake gaar.
Laat goed afkoelen – Laat de cake eerst even in de vorm rusten en daarna volledig afkoelen op een rooster. Zo droogt de onderkant ook mooi en blijft de cake luchtig. Snijd hem pas aan wanneer de cake volledig is afgekoeld.
Voorraadkast – Bewaar de cake goed verpakt of in een afgesloten trommel. Zo blijft hij ongeveer 4 tot 5 dagen vers. Je zult proeven dat de cake de volgende dag nog lekkerder is geworden.
Diepvries – Cake is uitstekend in te vriezen. Verpak hem heel of per plak. In de vriezer blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct een extra cake – Een cake invriezen gaat uitstekend en is ideaal wanneer je onverwacht bezoek krijgt of zin hebt in iets lekkers.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Winegums zijn al jarenlang een van de populairste snoepjes. Toch staan ze meestal niet bekend om hun pure ingrediënten. Terwijl je ze verrassend eenvoudig zelf kunt maken met niets meer dan vruchtensap, gelatine en een zoetmaker naar keuze.
Met dit recept winegums bepaal je helemaal zelf welke smaak, kleur en zoetheid jouw snoepjes krijgen. Gebruik bijvoorbeeld appelsap, druivensap, sinaasappelsap of maak een combinatie van verschillende soorten. Zo ontstaat iedere keer weer een nieuwe variant.
Zelf winegums maken is bovendien een leuk klusje om samen met kinderen te doen. Het vullen van de vormpjes is misschien nog wel het leukste gedeelte en na een paar uur wachten heb je een zelfgemaakte traktatie waar je precies van weet wat erin zit.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 4-6 uur opstijven | 🫙 1 week
Ingrediënten
Gelatine 7 blaadjes
Vruchtensap zonder vruchtvlees 160 ml
Zoetstof (suiker, honing,..) 100 gram
Citroensap 1 tl
Bereidingswijze
Leg eerst de vormpjes op een dienblad of bakplaat die in de koelkast kan.
Leg de blaadjes gelatine in een bakje water om te weken.
Doe het vruchtensap in een steelpannetje en voeg de zoetstof en citroensap toe. Roer op een laag vuur goed door tot alles volledig opgelost is.
Voeg nu de gelatine toe en roer tot dit volledig is opgelost in de warme vruchtensap.
Doe met een trechter of pipet het mengsel in de mallen. (kan dus mallen van beertjes zijn maar het kan ook een ijsblokjesvorm zijn) Zet vervolgens in de koelkast. Na 4-6 uur (of een nachtje) heb je heerlijke wijngums.
Kies helder vruchtensap – Doorzichtig sap zonder vruchtvlees geeft de mooiste, helderste winegums. Troebel sap kan natuurlijk ook, maar zorgt voor een minder transparant resultaat.
Probeer laagjes – Laat een eerste laagje opstijven en voeg daarna een andere kleur toe. Zo maak je vrolijke meerkleurige winegums.
Werk met een pipet – Daarmee vul je kleine vormpjes veel makkelijker en zonder te morsen.
Gebruik siliconenvormpjes – De winegums laten dan veel eenvoudiger los dan uit harde kunststof vormen.
Pas de zoetheid aan – Proef het sap vóór je de gelatine toevoegt. Sommige vruchtensappen zijn van zichzelf al zoet genoeg.
Laat ze een dag liggen – Vind je stevigere winegums lekker? Laat ze na het opstijven nog een dag onafgedekt in de koelkast liggen. Ze drogen dan iets in en krijgen meer ‘bite’.
Koelkast – Bewaar de winegums in een goed afgesloten bakje in de koelkast. Zo blijven ze ongeveer 1 week goed.
Bewaar met bakpapier ertussen – Leg bij meerdere lagen een velletje bakpapier tussen de winegums. Zo voorkom je dat ze aan elkaar gaan plakken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Zelfgemaakt roomijs klinkt misschien als iets waarvoor je een ijsmachine nodig hebt, maar dat hoeft helemaal niet. Met een paar ingrediënten en wat geduld maak je een heerlijk romig ijs dat je helemaal naar eigen smaak kunt samenstellen.
Met dit recept roomijs begin je met een eenvoudige basis van slagroom en gecondenseerde melk. Daarna kun je eindeloos variëren. Voeg bijvoorbeeld vanille, chocolade, koffie, vers fruit, karamel, koekjes of noten toe en maak telkens weer een nieuwe smaak die precies past bij jouw voorkeur.
Juist doordat je het zelf maakt, bepaal je wat erin gaat. Zo maak je eenvoudig een puur roomijs zonder onnodige toevoegingen. Maak gerust meerdere smaken tegelijk, zodat er altijd een zelfgemaakte traktatie in de vriezer ligt.
🍴 4 personen | ⏱ 15 min actief | 🕒 6-8 uur invriezen | ❄️ 3 maanden
Fruit, chocolade, vanille, koffie, nootjes of een ander ingrediënt naar smaak.
Bereidingswijze
Klop de slagroom door met een mixer of garde tot deze stijf is.
Giet de gecondenseerde melk bij de slagroom en meng deze twee goed door elkaar.
Roer je smaakmaker door het mengsel en stort het mengsel vervolgens in een diepvriesbak. Sluit de bovenzijde van het ijs goed af door een stuk vershoudfolie op de bovenkant van het ijs te drukken. Hierdoor ontstaan er geen (water)ijskristallen.
Voeg smaakmakers op het juiste moment toe – Roer cacao, koffie of vanille direct door het mengsel. Stukjes chocolade, koekjes of noten kun je het beste pas als laatste voorzichtig erdoor spatelen.
Gebruik rijp fruit – Maak fruit eerst fijn als puree. Zo verdeelt de smaak zich mooi door het ijs en voorkom je harde, bevroren stukjes.
Laat het ijs kort op temperatuur komen – Haal het ijs 10 tot 15 minuten voor het serveren uit de vriezer. Hierdoor schept het veel gemakkelijker.
Maak verschillende smaken – Verdeel de basis over meerdere bakjes voordat je smaakmakers toevoegt. Zo maak je in één keer meerdere varianten.
Voorkom ijskristallen – Druk een vel bakpapier of vershoudfolie direct op het ijs voordat je de bak afsluit. Zo blijft het ijs langer romig.
Diepvries – Bewaar het roomijs in een goed afgesloten diepvriesbak. Het blijft ongeveer 3 maanden goed.
Geef restjes een tweede leven – Is het ijs iets zachter geworden? Gebruik het dan als basis voor een milkshake, ijskoffie of als topping op warme cake of appeltaart.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Waterijsjes horen voor veel mensen bij warme zomerdagen. In de winkel vind je ze in allerlei kleuren en smaken, maar vaak bevatten ze meer suiker, kleurstoffen en toevoegingen dan nodig is. Zelf maken is verrassend eenvoudig én minstens zo lekker.
Met dit recept perenijs maak je een heerlijk fris ijsje van rijpe peren. Het fruit zorgt van zichzelf al voor veel smaak en natuurlijke zoetheid, waardoor extra suiker vaak nauwelijks nodig is. Wil je toch iets zoeter? Dan bepaal je dat helemaal zelf.
Dit recept is bovendien een mooie basis om eindeloos mee te variëren. Gebruik eens aardbeien, mango, kiwi, perzik of een combinatie van verschillende soorten fruit. Zo maak je steeds weer een nieuw, puur ijsje met precies de smaak die jij lekker vindt.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 4-6 uur invriezen | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Peren 2 stuks
Water 100 ml
Suiker 35 gram
Bereidingswijze
Schil de peren en verwijder het klokhuis. Snij de peren vervolgens in stukken en doe in een blender of pureer ze met een staafmixer of keukenmachine.
Meng de suiker (zoetstof) en het water en roer door tot de suiker volledig is opgelost. Voeg dit toe aan de perenpuree en mix dit nog even in de blender tot een egale massa.
Giet het mengsel in de ijsvormpjes en plaats in de vriezer. Laat daar 4-6 uur (of een nacht) staan tot ze goed bevroren zijn.
Gebruik rijp fruit – Hoe rijper de peren, hoe zoeter en smaakvoller het ijsje wordt. Vaak is extra zoetstof dan niet eens nodig.
Maak laagjes – Vul de vormpjes met verschillende soorten fruitpuree voor vrolijke laagjes en verrassende smaakcombinaties.
Voeg iets extra’s toe – Een beetje citroensap, kaneel, munt of gember geeft het ijsje net een andere smaak zonder veel extra werk.
Vul de vormpjes niet helemaal – Laat bovenaan een klein beetje ruimte over. Tijdens het bevriezen zet het mengsel nog iets uit.
Makkelijk lossen – Houd de ijsvormpjes een paar seconden onder lauwwarm water. Zo komen de ijsjes gemakkelijk los zonder te breken.
Diepvries – Bewaar de ijsjes in de vorm of verpak ze na het bevriezen per stuk in bakpapier of een diepvrieszak. Zo blijven ze ongeveer 3 maanden goed.
Maak gebruik van seizoensfruit – Heb je veel rijp fruit over? Verwerk het direct tot ijsjes. Zo voorkom je verspilling en heb je altijd een gezonde traktatie in de vriezer.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Fruitleer is een verrassend lekkere manier om fruit langer te bewaren. Met slechts een paar ingrediënten maak je een natuurlijke snack die boordevol fruitsmaak zit en ideaal is voor onderweg, in de broodtrommel of als gezond tussendoortje. Bovendien kun je er eenvoudig rijp fruit of fruit uit de vriezer voor gebruiken.
Met dit recept fruitleer bepaal je helemaal zelf welke fruitsoorten en smaken je combineert. Denk aan aardbeien, frambozen, bramen of mango, maar ook een mix van verschillende soorten werkt uitstekend. Een beetje vanille of een vleugje kaneel geeft weer een heel eigen twist.
Door het fruit langzaam te drogen ontstaat een zachte, oprolbare snack die lang houdbaar is zonder onnodige toevoegingen. Zo maak je van eenvoudig fruit iets bijzonders waar jong en oud van kunnen genieten.
🍴 4 personen | ⏱ 15 min actief | 🕒 12-15 uur drogen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Fruit 500 gram
Vanille extract 1 tl
Suiker of honing 1 el
Bereidingswijze
Pureer het schoongemaakte fruit.
Voeg de vanille en zoetstof toe en mix goed door.
Verdeel een dunne laag over de droogvellen in de droogoven. Laat 12-15 uur op ongeveer 57°C drogen. Check halverwege of je het fruit kunt losmaken om te draaien, dan droogt het geleidelijker.
Haal uit de droogoven en snijd er reepjes of stukjes van en doe in een afgesloten pot.
Banketbakkersroom is zo’n basisrecept waar je eindeloos veel lekkers mee kunt maken. Van een verse tompouce of puddingbroodje tot een vruchtenslof, soezen of een eenvoudige taart: deze romige vanilleroom geeft elk gebak direct die echte bakkerssmaak.
Met dit recept banketbakkersroom maak je de klassieke gele room helemaal zelf. De combinatie van echte vanille, melk en eidooiers zorgt voor een volle, zachte smaak die je in kant-en-klare varianten maar zelden terugvindt. En als je eenmaal ontdekt hoe eenvoudig het is, wil je waarschijnlijk niet meer anders.
Een extra portie maken is bovendien helemaal geen gek idee. Banketbakkersroom laat zich namelijk uitstekend invriezen, waardoor je altijd een heerlijke basis in huis hebt voor een snel dessert of een feestelijk gebakje.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 1 uur afkoelen | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Volle melk 500 ml
Suiker 100 gram
Bloem 50 gram
Vanillestokje 1 stuks
Eierdooiers 4 stuks
Bereidingswijze
Doe melk in een pan. Schraap de vanille uit de peul en voeg toe aan de melk, samen met de peul. Breng het geheel tegen de kook en laat zachtjes 10 minuten trekken.
Roer in een andere kom de eieren met de suiker los en voeg hier de bloem aan toe.
Giet wat van de warme melk bij het eiermengsel en roer door tot er een papje ontstaat. Door een klein beetje van de melk toe te voegen kunnen de eieren wennen aan de warmte en gaan deze niet schiften.
Giet het papje bij de melk in de pan en breng dit opnieuw aan de kook terwijl je constant blijft roeren.
Er ontstaat nu langzaam een dikkere pap. Dat is de banketbakkersroom. Zet het vuur uit en laat de pap rustig afkoelen.
Bij advocaat denk ik meteen aan gezellige zondagmiddagen, een klein glaasje met een flinke toef slagroom en vooral aan vroeger. Het was zo’n traktatie die alleen bij speciale momenten op tafel kwam. En eerlijk is eerlijk: zelfgemaakte advocaat is nog altijd vele malen lekkerder dan de meeste varianten uit de winkel.
Met dit recept advocaat maak je een heerlijk romige klassieker van verse eieren, vanille en een scheutje brandewijn of jenever. Je bepaalt zelf hoeveel suiker je gebruikt en hoe stevig de smaak mag zijn. Daardoor maak je precies de advocaat die jij lekker vindt. Heerlijk uit een glaasje, met slagroom, door een dessert of zelfs als vulling in gebak.
Hoe eet jij je advocaat het liefst?
🍴 4 personen | ⏱ 20 minuten | 🧊 Bewaren: 4-6 weken in de koelkast
Ingrediënten
Eieren 7 stuks
Suiker 250 gram
Jenever 250 ml
Vanillestokje (of extract) 1
Bereidingswijze
Zet een pan met een laag water op het fornuis en breng tegen de kook. We gaan deze gebruiken om au bain-marie te verwarmen.
Doe in een kom de suiker, de merg uit het vanillestokje en het vanillestokje en de eieren. Klop dit goed los tot een papje ontstaat.
Zet de kom op de pan met water op een laag vuur en zorg dat deze het water niet raakt anders gaat het ei stollen en krijg je klontjes. Schenk de alcohol door het eimengsel en hou het met een garde of spatel in beweging.
Blijf roeren tot je ziet dat het mengsel dikker word. Let op; ook tijdens het afkoelen zal het nog wat dikker worden dus hou daar rekening mee.
Giet de tokkelroom/advocaat door een zeef in een pot of fles en laat afkoelen.
Neem de tijd tijdens het verwarmen – Verwarm de advocaat rustig au bain-marie en blijf voortdurend roeren. Zo krijg je een mooie gladde structuur zonder klontjes.
De dikte komt later -Vind je de advocaat nog wat dun? Dat is heel normaal. Tijdens het afkoelen dikt hij vanzelf nog verder in.
Varieer met de smaak – Voeg eens een beetje sinaasappelrasp, een snufje kaneel of een vleugje speculaaskruiden toe voor een feestelijke variant.
Gebruik verse eieren – Omdat eieren de basis vormen van dit recept, proef je het verschil wanneer je kiest voor zo vers mogelijke eieren.
Bewaren – Bewaar de advocaat in een goed afgesloten fles of glazen pot in de koelkast. Door de alcohol blijft hij ongeveer 4 tot 6 weken goed. Schud of roer de advocaat even door wanneer hij na een tijdje iets dikker is geworden.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.