Vanillesuiker is zo’n ingrediënt dat in veel recepten terugkomt. Van gebak en koekjes tot desserts en pannenkoeken, een zakje vanillesuiker is vaak snel gebruikt. Toch maak je vanillesuiker verrassend eenvoudig zelf met slechts twee ingrediënten: suiker en een vanillestokje.
Deze zelfgemaakte vanillesuiker is niet alleen heerlijk van smaak, maar ook ideaal om op voorraad te maken. Zelfs een leeg geschraapt vanillestokje geeft nog volop aroma af aan de suiker. Zo haal je alles uit je ingrediënten en heb je altijd een pot geurige vanillesuiker klaarstaan voor je favoriete recepten.
Met een voorraadje zelfgemaakte vanillesuiker in de kast voeg je eenvoudig extra smaak toe aan allerlei zoete gerechten. Simpel, zelfgemaakt en altijd binnen handbereik.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 2-4 weken | 🫙 1-2 jaar
Ingrediënten
Rietsuiker of Kristalsuiker 500 gram
Vanillestokje 1-2 stuks
Bereidingswijze
Snijd het vanillestokje open. Gebruik de inhoud eventueel voor een ander recept zodat je alleen het leeg geschraapte stokje overhoud. Je kunt ook de inhoud van een stokje mee door de suiker mengen.
Meng suiker met het stokje in een afgesloten pot. Om de vanille en de suiker egaal te verdelen, schut ik zelf de pot af en toe een beetje heen en weer zonder deze te openen.
Laat minimaal 1-2 weken staan. Langer is in dit geval beter omdat de vanille dan goed de kans krijgt om zijn smaak af te geven. De smaak van de vanille is nu in de suiker getrokken. Klaar om lekkere baksels mee te maken.
Gebruik lege vanillestokjes – Ook wanneer je een vanillestokje hebt leeggeschraapt voor een ander recept, zit er nog veel smaak in de peul. Perfect om vanillesuiker van te maken.
Hoe langer je wacht, hoe meer smaak – Vanillesuiker wordt steeds aromatischer naarmate het vanillestokje langer in de suiker zit. Geef het bij voorkeur minimaal enkele weken de tijd.
Blijven aanvullen – Is je voorraad bijna op? Vul de pot eenvoudig aan met nieuwe suiker terwijl het vanillestokje erin blijft zitten. Zo heb je vrijwel altijd vanillesuiker op voorraad.
Extra vanillesmaak – Wil je een intensere smaak? Gebruik dan meerdere vanillestokjes of voeg een beetje vanillemerg (inhoud van het stokje) toe aan de suiker.
Voorraadkast – Bewaar de vanillesuiker in een goed afgesloten glazen pot op een donkere en droge plek. Zo blijft de vanillesuiker minimaal 1 tot 2 jaar goed.
Vocht vermijden – Zorg ervoor dat er geen vocht in de pot terechtkomt. Vocht kan ervoor zorgen dat de suiker gaat klonteren.
Vanillestokje vervangen – Wanneer het vanillestokje na verloop van tijd weinig aroma meer afgeeft, kun je het eenvoudig vervangen door een nieuw of gebruikt vanillestokje.
Altijd binnen handbereik – Maak direct een grotere hoeveelheid. Vanillesuiker wordt in veel recepten gebruikt en is lang houdbaar, waardoor een voorraadpot al snel van pas komt.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Rabarbercompote is een eenvoudig basisrecept dat perfect past bij het voorjaar. Met zijn frisse, lichtzure smaak is het heerlijk als bijgerecht, door de yoghurt, over een dessert of op een pannenkoek. Met slechts een paar ingrediënten maak je in korte tijd een compote die op allerlei manieren te gebruiken is.
Omdat rabarbercompote goed te bewaren is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken. Zo heb je altijd iets lekkers achter de hand om een ontbijt, lunch of maaltijd extra smaak te geven. Ook is rabarber uitstekend te combineren met andere fruitsoorten, zoals aardbeien, waardoor je eenvoudig kunt variëren.
Met een pot zelfgemaakte rabarbercompote in huis haal je meer uit het seizoen en heb je altijd een pure smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 — | ❄ max 1 jaar
Ingrediënten
Rabarber 500 gram
Suiker of honing 50 gram
Water 50 ml
Bereidingswijze
Was de rabarber en snijd de stengels in stukken.
Doe alles in een pan en breng aan de kook. Roer de suiker of honing in het begin even goed door de rabarber totdat het opgelost is in het water.
Laat 10-15 minuten op een laag vuur doorkoken tot de gewenste dikte. Bij afkoelen zal de rabarber altijd nog ietsje dikker worden dus hou hier rekening mee.
Doe in een glazen pot en laat afkoelen. Of gebruik het direct warm op bijvoorbeeld vers gemaakte pannekoeken. Bewaar de compote in de koelkast.
Fris of zoet – De hoeveelheid zoetstof kun je eenvoudig aanpassen aan je eigen smaak. Houd je van de frisse smaak van rabarber? Gebruik dan wat minder suiker. Voor een zoetere compote voeg je juist iets meer toe.
Variëren met fruit – Rabarber combineert uitstekend met andere zachte fruitsoorten. Aardbeien zijn een klassieke combinatie, maar ook frambozen, appel of rode bessen passen er goed bij.
Meer structuur – Kook de rabarber iets korter wanneer je nog stukjes in de compote wilt houden. Voor een gladde compote laat je de rabarber wat langer zacht koken.
Meer toepassingen – Rabarbercompote is niet alleen lekker als bijgerecht, maar ook door yoghurt, havermout, desserts, op pannenkoeken of als vulling voor gebak.
Koelkast – Bewaar geopende rabarbercompote maximaal 5 tot 7 dagen in de koelkast in een goed afgesloten pot of bakje.
Wecken – Door de compote te wecken kun je deze tot ongeveer 1 jaar bewaren. Zo kun je ook buiten het rabarberseizoen genieten van je voorraad.
Invriezen – Rabarbercompote is goed in te vriezen. Bewaar de compote in vacuum verpakte porties zodat je eenvoudig alleen ontdooit wat je nodig hebt, en ijskristallen voorkomt. In de vriezer blijft de compote ongeveer een jaar goed.
Maak een voorraadje – Rabarber is maar beperkt verkrijgbaar. Door tijdens het seizoen direct een grotere hoeveelheid compote te maken, heb je het hele jaar door een heerlijke basis voor allerlei gerechten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Kruidenpoeder is een eenvoudige manier om extra smaak toe te voegen aan allerlei gerechten. Van soepen en sauzen tot groenten, vlees en kruidenmixen, met een voorraadje kruidenpoeder heb je altijd een smaakmaker binnen handbereik.
Door zelf kruidenpoeder te maken, bepaal je bovendien zelf welke ingrediënten je gebruikt en hoe sterk de smaak mag zijn. Omdat kruidenpoeder lang houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een basis in huis om snel een gerecht op smaak te brengen of je eigen kruidenmixen samen te stellen.
Met zelfgemaakt kruidenpoeder bouw je stap voor stap aan een voorraadkast vol pure smaakmakers. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 4-12 uur drogen | 🫙 1 jaar
Ingrediënten
Verse kruiden naar keuze
Verse groenten naar keuze.
Vaak zijn de restjes van gebruikte groenten of kruiden voldoende om een poeder van te maken. Zo worden smaakmakers gratis.
Bereidingswijze
Droog de kruiden in een voedseldroger of gewoon in de zon of vensterbank.
Stop de gedroogde kruiden in een keukenmachine of kruidenmaler en maal tot er een poeder is ontstaan.
Wanneer je groenten gebruikt, hou er dan rekening mee dat je deze eerst klein snijd en dat het droogproces iets langer zal duren.
Doe het poeder in een glazen, afsluitbare pot. Natuurlijk kun je ook verschillende poeders samenvoegen in een mix. Een basismix kan bv zijn; paprikapoeder (2 el), knoflookpoeder (1 el), uienpoeder (1 el), zwarte peper (1 tl), Keltisch zout (1 tl). Deze mix is heerlijk voor groenten, aardappels, vlees of door sauzen.
Gebruik verse kruiden – Hoe verser de kruiden of groenten zijn voordat je ze droogt, hoe meer smaak en aroma er behouden blijven in het uiteindelijke poeder.
Goed drogen is belangrijk – Zorg ervoor dat de kruiden volledig droog zijn voordat je ze maalt. Achtergebleven vocht kan de houdbaarheid verkorten en ervoor zorgen dat het poeder gaat klonteren.
Maak je eigen mixen – Gebruik kruidenpoeders als basis voor je eigen kruidenmixen. Combineer bijvoorbeeld knoflookpoeder, uienpoeder, paprikapoeder en kruiden voor een persoonlijke smaakmix. Maar denk ook aan Garam Masala en een bami mix.
Meer smaak, minder volume – Gedroogde kruiden bevatten geconcentreerde smaken. Begin daarom met een kleine hoeveelheid en voeg indien nodig meer toe.
Voorraadkast – Bewaar kruidenpoeder in een goed afgesloten pot op een donkere en droge plek. Zo blijft het ongeveer 6 tot 12 maanden op zijn best.
Bescherm tegen licht – Licht kan ervoor zorgen dat smaak, geur en kleur sneller achteruitgaan. Bewaar kruidenpoeders daarom bij voorkeur in een donkere kast of een ondoorzichtige pot. Of zet een grote navulpot in een donkere kast en vul een klein potje op het aanrecht steeds bij.
Vocht vermijden – Gebruik altijd een droge lepel en voorkom dat er stoom of vocht bij het poeder komt. Zo blijft het langer goed en vrij van klonten.
Maak kleine hoeveelheden – Hoewel kruidenpoeder lang houdbaar is, blijft de smaak het krachtigst wanneer je regelmatig een verse voorraad maakt. Zo haal je het meeste uit je kruiden en groenten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Citroenzeste is een eenvoudige smaakmaker die in veel zoete en hartige recepten wordt gebruikt. Van koekjes en cake tot desserts, dressings en marinades, een klein beetje citroenzeste geeft direct een frisse en volle citroensmaak. Door zelf citroenzeste te maken haal je meer uit je citroenen en gaat er minder verloren.
Omdat gedroogde citroenzeste lang houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een voorraadje klaarstaan zonder telkens een verse citroen nodig te hebben. Hetzelfde principe werkt ook uitstekend met andere citrusvruchten, zoals sinaasappel, limoen of mandarijn.
Met een pot zelfgemaakte citroenzeste in de voorraadkast voeg je eenvoudig extra smaak toe aan allerlei gerechten. Simpel, zelfgemaakt en altijd binnen handbereik.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 4-12 uur drogen | ❄ 1 jaar
Ingrediënten
Biologische citroenen 2 stuks (of meer naar keuze)
Combineer het maken van citroenzeste met een ander gerecht waar citroen voor nodig is. Zo maak je van een restproduct een basisproduct.
Bereidingswijze
Was de citroenen grondig en droog ze af. Door het hele proces van oogsten, vervoer en handelen zit er altijd vuil op een schil dat je niet ziet, maar je niet in je eten wilt.
Rasp alleen het gele gedeelte van de schil fijn.
Gebruik direct in een gerecht of laat drogen aan de lucht. Heb je een voedseldroger dan kun je ook die hiervoor gebruiken. Je kunt de citroenzeste ook vers in een bakje of zakje in de vriezer bewaren.
Gebruik biologische citrusvruchten – Omdat je de schil gebruikt, is het fijn om te kiezen voor onbespoten of biologische citroenen. Was de schillen altijd goed voordat je begint.
Alleen het gekleurde deel – Gebruik alleen de gele buitenste laag van de schil. Het witte gedeelte eronder is bitter en kan de smaak van de citroenzeste beïnvloeden.
Ook andere citrusvruchten – Dit recept werkt niet alleen met citroen. Probeer ook eens sinaasappel-, limoen- of mandarijnzeste voor een andere smaakbeleving.
Meer smaak in minder ruimte – Door de schil te drogen wordt de smaak geconcentreerder. Gebruik daarom iets minder gedroogde zeste dan verse zeste in een recept.
Voorraadkast – Bewaar de gedroogde citroenzeste in een goed afgesloten pot op een donkere en droge plek. Zo blijft de smaak ongeveer 6 tot 12 maanden optimaal.
Vocht vermijden – Zorg ervoor dat de citroenzeste volledig droog is voordat je deze opbergt. Achtergebleven vocht kan schimmel veroorzaken en verkort de houdbaarheid.
Invriezen – Heb je veel citrusschillen over? Je kunt verse of gedroogde citroenzeste ook invriezen. In de vriezer blijft de smaak ongeveer 12 maanden behouden.
Altijd een voorraadje – Bewaar de schillen van citroenen die je gebruikt voor sap, limonade of andere recepten. Zo bouw je ongemerkt een voorraadje citroenzeste op voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Crème fraîche is een veelzijdig basisproduct dat in veel keukens wordt gebruikt. Het geeft een romige smaak aan soepen, sauzen, ovenschotels en desserts en is heerlijk als frisse toevoeging aan allerlei gerechten. Toch is crème fraîche verrassend eenvoudig zelf te maken met slechts een paar ingrediënten.
Door zelf crème fraîche te maken bepaal je zelf welke ingrediënten je gebruikt en heb je altijd een verse voorraad bij de hand. Het kost slechts enkele minuten om voor te bereiden, waarna de tijd het werk doet. Zo maak je met weinig moeite een basisproduct dat in talloze recepten van pas komt.
Met zelfgemaakte crème fraîche in de koelkast heb je altijd een romige smaakmaker klaarstaan voor zowel zoete als hartige gerechten. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig. crème fraîche het liefst?
Meng de slagroom en de karnemelk in een schone, afgesloten pot.
Laat het mengsel 24 uur op kamertemperatuur staan. Wanneer het kouder weer is, kan dit proces wat langer duren en bij warmte gaat het juist wat sneller dus probeer hier met de plaatsing van de pot rekening mee te houden.
Na 24 uur is het mengsel omgezet in crème fraîche. Om het omzettingsproces te stoppen, zet je het nu in de koelkast. Je kunt het ook direct vers gebruiken natuurlijk. Crème Fraîche is zowel in warme als koude gerechten te gebruiken.
Geduld doet het werk – Na het mengen hoef je eigenlijk alleen nog maar te wachten. Tijdens het rusten krijgt de crème fraîche vanzelf zijn romige structuur en frisse smaak.
Dikker of dunner – De uiteindelijke dikte kan iets verschillen afhankelijk van de gebruikte room. Voor een extra volle crème fraîche kun je kiezen voor room met een hoger vetpercentage.
Voor zoet en hartig – Crème fraîche is een echte alleskunner. Gebruik het in soepen, sauzen, quiches, desserts of als basis voor een frisse dip.
Zelf op smaak brengen – Voeg vlak voor gebruik eens verse kruiden, knoflook, citroenzeste of vanille toe voor een eenvoudige smaakvariatie.
Koelkast – Bewaar de crème fraîche in een goed afgesloten pot of bakje in de koelkast. Zo blijft deze ongeveer 1 tot 2 weken goed.
Schone lepel – Gebruik altijd een schone lepel wanneer je crème fraîche uit de pot schept. Zo blijft de kwaliteit langer behouden.
Niet te warm bewaren – Crème fraîche blijft het langst goed wanneer de temperatuur in de koelkast zo constant mogelijk blijft.
Maak direct wat extra – Omdat de actieve bereidingstijd zo kort is, is het handig om direct een grotere hoeveelheid te maken. Zo heb je altijd een basisproduct klaarstaan voor allerlei recepten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Cowboy Candy is een verrassende smaakmaker van jalapeñopepers die zoet, pittig en licht zuur tegelijk is. Het is heerlijk op een broodje, bij kaas, door een salade of als smaakmaker bij allerlei warme gerechten. Met slechts een paar ingrediënten maak je eenvoudig een voorraad die je maanden kunt bewaren.
Door zelf Cowboy Candy te maken bepaal je zelf hoe pittig je het wilt hebben. Laat je alle zaadlijsten zitten of verwijder je een deel voor een mildere variant? Zo maak je het recept helemaal naar jouw smaak.
Met een paar potten zelfgemaakte Cowboy Candy in de voorraadkast heb je altijd een bijzondere smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol karakter.
🍴 8 pers | ⏱ 30 min actief | 🕒 1-2 weken smaken ontwikkelen | 🫙 1 jaar
Snij de jalapeno’s in ringen. Let op; gebruik handschoenen en iets voor je mond want de pepers geven een branderig gevoel af. Afhankelijk van hoe pittig je het resultaat wilt, verwijder je (een gedeelte van) de zaden.
Breng de azijn en suiker al roerend aan de kook.
Voeg de pepers toe aan de azijn zodra de suiker volledig is opgelost en kook ongeveer 5 minuten mee.
Schep het mengsel heet in de glazen potten en doe er direct de deksels op zodat de potten vacuüm kunnen trekken. Zo kun je zee lang buiten de koelkast bewaren.
Mild of pittig – De scherpte van Cowboy Candy bepaal je grotendeels zelf. Verwijder een deel van de zaadlijsten voor een mildere smaak of laat alles zitten voor extra pit.
Draag handschoenen – Jalapeñopepers kunnen huid, ogen en slijmvliezen irriteren. Draag bij grotere hoeveelheden bij voorkeur handschoenen en iets voor je mond en raak je gezicht niet aan tijdens het verwerken.
Meer dan alleen een topping – Cowboy Candy is heerlijk op burgers, wraps, pizza’s, nacho’s, bij kaasplanken of als smaakmaker door salades en sauzen.
Laat de smaken ontwikkelen – Hoewel Cowboy Candy direct gegeten kan worden, wordt de smaak vaak nog beter na een paar dagen tot enkele weken in de pot.
Voorraadkast – Bewaar ongeopende, goed afgesloten potten op een donkere en koele plek. Zo blijft Cowboy Candy ongeveer 1 jaar goed.
Koelkast na openen – Bewaar een geopende pot in de koelkast. Gebruik altijd een schone lepel en consumeer bij voorkeur binnen enkele weken.
Siroop bewaren – Gooi de overgebleven siroop niet weg. Deze is heerlijk als basis voor dressings, marinades of om een gerecht een zoet-pittige smaak te geven.
Maak direct meerdere potten – Omdat Cowboy Candy lang houdbaar is en de smaak zich verder ontwikkelt tijdens het bewaren, is dit een ideaal recept om in grotere hoeveelheden te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Sambal is een veelzijdige smaakmaker die met een klein lepeltje al veel smaak aan een gerecht kan toevoegen. Het is heerlijk bij Aziatische gerechten, maar past net zo goed bij soep, stamppot, een broodje of een marinade.
Door zelf sambal te maken bepaal je zelf hoe pittig, kruidig of fris je de smaak wilt hebben. Met verschillende soorten pepers, kruiden en specerijen kun je eindeloos variëren. Zo maak je een sambal die perfect aansluit bij jouw smaak en favoriete gerechten. Bovendien maak je eenvoudig een grotere hoeveelheid zodat je altijd een potje klaar hebt staan.
Met zelfgemaakte sambal voeg je in een handomdraai extra smaak toe aan allerlei gerechten. Simpel, zelfgemaakt en vol karakter.
Mild of pittig – De scherpte van sambal bepaal je grotendeels zelf. Verwijder een deel van de zaadlijsten voor een mildere sambal of laat alles zitten voor extra pit.
Experimenteer met pepers – Elke peper heeft zijn eigen smaak. Door verschillende soorten pepers te combineren ontstaat steeds weer een andere sambal.
Meer diepgang in smaak – Ingrediënten zoals knoflook, ui, gember, citroengras of specerijen geven sambal extra karakter. Probeer verschillende combinaties uit om jouw favoriete variant te vinden.
Draag handschoenen – Pepers kunnen huid, ogen en slijmvliezen irriteren. Draag bij grotere hoeveelheden bij voorkeur handschoenen en raak je gezicht niet aan tijdens het verwerken.
Koelkastof vriezer – Bewaar sambal in een schoon, goed afgesloten potje in de koelkast. Zo blijft deze ongeveer 1 tot 3 maanden goed. Je kunt sambal ook in (ijs)blokjes invriezen. Zo kun je steeds een kleine hoeveelheid verse sambal gebruiken. De sambal kan zo wel 6-12 maanden bewaard worden.
Extra bescherming – Een dun laagje olie bovenop de sambal helpt het contact met zuurstof te beperken en kan de houdbaarheid verlengen.
Inmaken – Sambal met voldoende azijn kan ook worden ingemaakt. Ongeopend blijft deze dan ongeveer 6 tot 12 maanden goed op een koele, donkere plek.
Smaak wordt vaak beter – Net als bij veel andere smaakmakers ontwikkelen de smaken zich verder tijdens het bewaren. Na enkele dagen is de smaak vaak nog mooier in balans.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Tomatenrelish is een veelzijdige smaakmaker die zoet, zuur en hartig combineert in één pot. Het is heerlijk bij kaas, op een broodje, bij een barbecue, door een salade of als smaakmaker bij allerlei warme gerechten. Met slechts een paar ingrediënten maak je eenvoudig een relish die veel gerechten net dat beetje extra geeft.
Omdat tomatenrelish goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een smaakvolle toevoeging in huis om een eenvoudige maaltijd extra bijzonder te maken.
Met een pot zelfgemaakte tomatenrelish in de voorraadkast heb je altijd een veelzijdige smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
🍴 20 pers | ⏱ 45 min actief | 🕒 — | 🫙 1 jaar
Ingrediënten
Tomaten 500 gram
Ui 1 stuk
Knoflook 1 teentje
Suiker 1 el
Azijn 50 ml
Bereidingswijze
Snij de tomaten, knoflook en ui in hele fijne stukjes.
Doe de suiker en azijn in een pan en laat al roerend de suiker oplossen. Voeg de gesneden groenten toe en laat op een heel laag uur 30-40 minuten inkoken.
Gebruik direct of doe het in een glazen, afgesloten pot en zet het in de koelkast voor een later moment.
Meer of minder structuur – Houd je van een grove relish? Kook de tomaten wat korter. Voor een zachtere relish laat je het mengsel iets langer inkoken.
Variëren met smaken – Voeg eens ui, knoflook, paprika, kruiden of specerijen toe om je eigen variant te maken. Zo geef je iedere pot een eigen karakter.
Heerlijk bij meer dan kaas – Tomatenrelish past niet alleen goed bij kaas, maar ook bij burgers, wraps, barbecuegerechten, geroosterde groenten en hartige taarten.
Laat de smaken ontwikkelen – Net als veel andere smaakmakers wordt tomatenrelish vaak nog lekkerder na een paar dagen bewaren.
Voorraadkast – Bewaar ongeopende, goed afgesloten potten op een koele en donkere plek. Zo blijft tomatenrelish ongeveer 1 jaar goed.
Koelkast na openen – Bewaar een geopende pot in de koelkast en gebruik altijd een schone lepel. Geopend blijft de relish meestal enkele weken goed.
Invriezen – Tomatenrelish kan ook worden ingevroren. Verdeel eventueel in kleine porties zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft de relish ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Maak direct meerdere potten – Tomatenrelish is een ideaal recept om in grotere hoeveelheden te maken. De smaak blijft lang behouden en je hebt altijd een smaakmaker achter de hand.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Currypasta is een smaakvolle basis waarmee je in korte tijd allerlei gerechten op tafel zet. Gebruik het als basis voor een curry, als marinade voor vlees, vis of tofu of om extra smaak toe te voegen aan soepen en sauzen. Door zelf currypasta te maken bepaal je bovendien zelf welke kruiden, specerijen en pepers je gebruikt.
Omdat currypasta goed te bewaren is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een smaakvolle basis klaarstaan wanneer je snel een maaltijd wilt bereiden. Met kleine aanpassingen in de ingrediënten maak je bovendien eenvoudig een mildere of juist pittigere variant.
Met een pot zelfgemaakte currypasta in de koelkast of vriezer heb je altijd een veelzijdige smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
Verhit een droge pan op middelhoog vuur. Rooster het koriander- en komijnzaad kort tot ze beginnen te geuren.
Haal de specerijen uit de pan en laat ze kort afkoelen. Snij ondertussen de ui, chili pepers, knoflook, gember (en eventueel verse kurkuma) in grove stukken.
Doe alle ingrediënten samen in een blender of keukenmachine en mix tot er een dikke, gladde pasta ontstaat.
Schep de mix over in een schone pot. De curry kan als basis gebruikt worden maar ook bv als marinade voor kip. In de koelkast is de curry pasta ongeveer 2-4 weken houdbaar.
Mild of pittig – De scherpte van de currypasta bepaal je zelf. Gebruik meer of minder chilipepers of verwijder een deel van de zaadlijsten voor een mildere variant.
Rooster je specerijen – Door koriander- en komijnzaad kort te roosteren voordat je ze verwerkt, komen de aroma’s beter vrij en krijgt de currypasta meer diepgang.
Maak je eigen variant – Voeg bijvoorbeeld citroengras, limoenblad, galangaal of extra kurkuma toe om de smaak aan te passen aan jouw favoriete gerechten.
Meer dan alleen curry – Currypasta is niet alleen geschikt voor curry’s. Gebruik het ook als marinade voor kip, vis of tofu of voeg een lepeltje toe aan soepen, stoofgerechten en sauzen.
Koelkast – Bewaar de currypasta in een schoon, goed afgesloten potje in de koelkast. Zo blijft deze ongeveer 2 tot 4 weken goed.
Laagje olie – Een dun laagje olie bovenop de currypasta helpt het contact met zuurstof te beperken en kan de houdbaarheid verlengen.
Invriezen – Currypasta is uitstekend in te vriezen. Verdeel de pasta bijvoorbeeld over een ijsblokjesvorm zodat je eenvoudig kleine porties kunt gebruiken. In de vriezer blijft de currypasta ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Maak direct een voorraadje – Omdat je vaak maar een paar eetlepels per gerecht gebruikt, is currypasta ideaal om in grotere hoeveelheden te maken en te bewaren voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Augurken zijn een frisse en knapperige smaakmaker die bij veel maaltijden niet mag ontbreken. Ze zijn heerlijk op een broodje, bij een salade, op een borrelplank of gewoon als tussendoortje. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf augurken die je volledig kunt aanpassen aan jouw smaak.
Of je nu kiest voor een frisse zure variant of juist een zoetzure smaak, met dit recept bepaal je zelf hoe je augurken worden. Bovendien zijn ze goed houdbaar, waardoor je direct een grotere hoeveelheid kunt maken en bewaren voor later gebruik.
Met een paar potten zelfgemaakte augurken in de voorraadkast of koelkast heb je altijd een smaakvolle toevoeging binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
Optioneel kruiden als mosterdzaad, dille, knoflook en peper. Voor zoet-zuur voeg je 2 tl suiker toe.
Bereidingswijze
Snij de komkommers of augurken horizontaal of verticaal in parten.
Breng het water, de azijn en het zout aan de kook. Mocht je een meer zoetzure smaak willen, voeg dan aan dit mengsel 2 tl suiker toe. Roer door tot alles goed is opgelost.
Doe eventueel in alle potten wat kruiden en verdeel de augurken over de potten. Giet het hete mengsel over de augurken en doe direct de deksel op de potten. Zo kan de pot vacuum trekken als dat gewenst is.
Laat de potten eerst buiten de koeling 24 uur afkoelen en plaats daarna in de koelkast, wanneer ze niet vacuüm zijn.
Zuur of zoetzuur – Pas de verhouding tussen azijn en suiker eenvoudig aan om jouw favoriete smaak te creëren. Zo maak je de augurken precies zoals jij ze lekker vindt.
Variëren met kruiden – Dille, mosterdzaad, peperkorrels, knoflook, laurier of ui geven iedere pot een eigen karakter. Experimenteer gerust met verschillende combinaties.
Gebruik stevige komkommers – Hoe verser en steviger de augurken of komkommers zijn, hoe knapperiger het eindresultaat blijft.
Laat de smaak ontwikkelen – Hoewel de augurken na ongeveer 24 uur eetbaar zijn, worden ze vaak nog lekkerder na enkele dagen bewaren.
Koelkast – Bewaar een geopende pot in de koelkast. De augurken blijven dan meestal enkele weken tot enkele maanden goed, afhankelijk van de samenstelling van het zuur.
Vacuüm bewaren – Wanneer de potten goed vacuüm trekken tijdens het afkoelen, kunnen ze op een koele en donkere plek meerdere maanden worden bewaard.
Altijd onder het vocht – Zorg ervoor dat de augurken volledig onder het zuur staan. Zo blijven smaak, structuur en houdbaarheid optimaal.
Maak direct meerdere potten – Augurken zijn eenvoudig te maken en lang houdbaar. Een paar extra potten zorgen ervoor dat je altijd een voorraadje achter de hand hebt.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Slasaus is een eenvoudige smaakmaker die een salade in een handomdraai meer smaak geeft. Met slechts een paar basisingrediënten maak je zelf een dressing die fris, romig, zoet of juist wat pittiger kan zijn. Zo pas je de smaak eenvoudig aan op de ingrediënten die je gebruikt en je eigen voorkeur.
Omdat slasaus snel gemaakt is, heb je altijd een verse dressing bij de hand. Maak direct een extra portie voor later gebruik of gebruik de basis als vertrekpunt voor eindeloos veel variaties met kruiden, specerijen en andere smaakmakers.
Met een pot zelfgemaakte slasaus in de koelkast geef je iedere salade in een paar seconden extra smaak. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 5 min actief | 🕒 30 min intrekken | 🧊 1-2 weken
Ingrediënten
Olijfolie 3 el
Azijn 1 el
Mosterd 1 tl
Zout snufje
Voeg wat yoghurt toe voor een romigere variant. Met honing of suiker kun je de smaak wat zoeter maken.
Bereidingswijze
Doe alle ingrediënten in een pot.
Mix de ingrediënten met een klopper of sluit de pot af en schut de ingrediënten tot een gladde massa.
Wanneer je wat yoghurt toegevoegd hebt, laat de mix dan een half uurtje doortrekken zodat de smaken zich goed kunnen mengen. Mix wat slasaus met salade en serveer direct.
Eindeloos variëren – De basis van olie en azijn is eenvoudig aan te passen. Voeg bijvoorbeeld kruiden, knoflook, honing, citroensap of yoghurt toe om telkens een andere smaak te creëren.
Romige variant – Meng wat yoghurt, crème fraîche of zelfgemaakte mayonaise door de slasaus voor een zachtere en romigere dressing.
Zoeter of frisser – Pas de verhouding tussen azijn, mosterd en eventuele zoetmakers aan om de dressing precies naar jouw smaak te maken.
Meer dan alleen salade – Slasaus is ook heerlijk als dip, bij rauwkost, op een broodje of als lichte saus bij gegrilde groenten.
Koelkast – Bewaar de slasaus in een goed afgesloten pot in de koelkast. Zonder zuivel blijft deze ongeveer 1 tot 2 weken goed.
Met yoghurt of mayonaise – Voeg je yoghurt, crème fraîche of mayonaise toe, dan is de slasaus meestal ongeveer 3 tot 5 dagen houdbaar in de koelkast.
Even schudden voor gebruik – Olie en azijn kunnen na verloop van tijd weer van elkaar scheiden. Schud de pot daarom kort voor gebruik.
Maak een basisvoorraad – Bewaar een eenvoudige basisdressing in de koelkast en voeg pas vlak voor gebruik extra kruiden of smaakmakers toe. Zo kun je snel variëren zonder steeds een nieuwe dressing te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Piccalilly is een frisse en lichtzure smaakmaker die bekend staat om zijn herkenbare combinatie van groenten, kruiden en specerijen. Het is heerlijk bij kaas, op een broodje, naast een stamppot of als smaakmaker bij allerlei hartige gerechten. Met een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf een piccalilly die volledig aansluit bij jouw eigen smaak.
Omdat piccalilly goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Bovendien ontwikkelen de smaken zich tijdens het bewaren steeds verder, waardoor de piccalilly na verloop van tijd vaak nog lekkerder wordt.
Met een paar potten zelfgemaakte piccalilly in de voorraadkast heb je altijd een frisse en veelzijdige smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
Snijd de bloemkool in kleine roosjes en snijd de ui en wortel fijn.
Meng deze groenten met het zout en laat 1 uur staan. Hierdoor zal er vocht uit de groenten onttrokken worden. Spoel daarna kort af en laat uitlekken.
Hak de knoflook en gember fijn. Breng azijn, water, suiker en alle specerijen aan de kook. Voeg de gesneden groenten toe en laat 10–15 minuten zacht koken tot alles net gaar is.
Haal de pan van het vuur en roer de fijngesneden augurk erdoorheen. Deze zorgt voor extra frisheid dus belangrijk deze pas aan het eind toe te voegen.
Schep de picalilly heet in schone potten en sluit direct af. Het is direct te gebruiken, maar de smaak zal zich nog zeker twee weken verder ontwikkelen.
Variëren met groenten – Naast bloemkool, wortel en ui kun je ook andere stevige groenten gebruiken, zoals sperziebonen, paprika of courgette. Zo geef je iedere batch een eigen karakter.
Meer of minder zuur – Pas de verhouding tussen azijn en suiker eenvoudig aan om de piccalilly frisser of juist wat zachter van smaak te maken.
Knapperige groenten – Kook de groenten niet te lang. Licht gaar zorgt voor meer structuur en een prettigere bite in de uiteindelijke piccalilly.
Laat de smaken ontwikkelen – Hoewel piccalilly direct gegeten kan worden, wordt de smaak vaak nog mooier na één tot twee weken bewaren.
Extra frisheid – Voeg de fijngesneden augurk pas aan het einde toe. Zo blijft de frisse smaak beter behouden en krijgt de piccalilly meer diepgang
Voorraadkast – Bewaar ongeopende, goed afgesloten potten op een koele en donkere plek. Zo blijft piccalilly ongeveer 1 jaar goed.
Koelkast na openen – Bewaar een geopende pot in de koelkast en gebruik altijd een schone lepel. Geopend blijft de piccalilly meestal enkele weken tot maanden goed.
Altijd onder het vocht – Zorg ervoor dat de groenten goed onder het zuur blijven staan. Dit helpt de smaak, structuur en houdbaarheid te behouden.
Maak direct meerdere potten – Omdat de smaak tijdens het bewaren verder ontwikkelt en piccalilly lang houdbaar is, is dit een ideaal recept om in grotere hoeveelheden te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Bamimix is een eenvoudige kruidenmix waarmee je in een handomdraai extra smaak toevoegt aan bami, nasi, noedels en andere Aziatisch geïnspireerde gerechten. Door zelf een kruidenmix te maken bepaal je precies welke kruiden en specerijen je gebruikt en kun je de smaak volledig aanpassen aan jouw voorkeur.
Omdat bamimix lang houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een kant-en-klare smaakmaker in huis voor drukke dagen waarop je snel iets lekkers op tafel wilt zetten. Bovendien is de mix niet alleen geschikt voor bami, maar ook heerlijk als kruidenmix voor vlees, vis, tofu of groenten.
Met een pot zelfgemaakte bamimix in de voorraadkast heb je altijd een veelzijdige smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
🍴 4 pers | ⏱ 5 min actief | 🕒 — | 🫙 6-12 maanden
Ingrediënten
Knoflookpoeder 1 el
Uienpoeder 1 el
Koriander 1 tl
Komijn 1 tl
Gemberpoeder 1 tl
Bereidingswijze
Doe alle kruiden en poeders bij elkaar en meng ze goed.
Werk je vanuit de verse kruiden? Laat deze dan eerst drogen in een voedseldroger of in de open lucht. Hoe kleiner de stukjes, hoe sneller ze gedroogd zijn. Je kunt ze daarna in een kruidenmaler (of bonenmaler) vermalen tot poeder.
Maak het persoonlijk – De basis van bamimix is eenvoudig aan te passen. Voeg bijvoorbeeld chilipoeder toe voor extra pit of wat extra koriander en komijn voor meer diepgang in smaak.
Werk met verse kruiden – Gebruik je verse kruiden of specerijen? Droog deze dan eerst volledig voordat je ze maalt. Dit verbetert de houdbaarheid van de kruidenmix.
Meer dan alleen bami – Bamimix is ook heerlijk in nasi, noedelgerechten, wokgerechten, marinades en zelfs door soepen of sauzen.
Maak grotere hoeveelheden – Omdat je per gerecht meestal maar een kleine hoeveelheid gebruikt, is bamimix ideaal om direct in een grotere voorraad te maken.
Voorraadkast – Bewaar de bamimix in een goed afgesloten pot op een donkere en droge plek. Zo blijft de smaak ongeveer 6 tot 12 maanden optimaal.
Vocht vermijden – Gebruik altijd een droge lepel en voorkom dat er stoom of vocht in de pot komt. Hierdoor blijft de mix langer goed en vrij van klonten.
Bescherm tegen licht – Licht kan ervoor zorgen dat kruiden sneller aroma verliezen. Bewaar de pot daarom bij voorkeur in een donkere kast.
Label je potten – Noteer de inhoud en bereidingsdatum op de pot. Zo houd je eenvoudig overzicht over je voorraad kruidenmixen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Ketchup is een van de bekendste smaakmakers en wordt gebruikt bij veel meer dan alleen frietjes. Het past uitstekend bij groenten, hamburgers, wraps, barbecuegerechten en allerlei snacks. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf een ketchup die je volledig kunt aanpassen aan jouw eigen smaak.
Door zelf ketchup te maken bepaal je zelf hoe zoet, zuur of kruidig deze wordt. Bovendien kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Zo heb je altijd een smaakvolle basis in huis zonder telkens een nieuwe fles te hoeven kopen.
Met een pot zelfgemaakte ketchup in de voorraadkast of koelkast heb je altijd een veelzijdige smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 60 min inkoken | 🫙 6-12 maanden
Ingrediënten
Tomaten 1,5 kg
Suiker of erythritol 75 gram
Azijn 100 ml
Zout 1 tl
Voeg optioneel een teentje knoflook of andere smaakmaker toe.
Bereidingswijze
Snijd de tomaten in stukken en verwijder het groene hart. Voeg alles samen in een pan en breng aan de kook. Kook het mengsel ongeveer 45 minuten samen door. Heb je wat kruidige toevoegingen voor de ketchup? Dan is het lekker om die eerst even kort aan te braden zodat de smaken beter vrijkomen. Niet te lang, gewoon tot het begint te geuren.
Pureer het mengsel en haal het door een zeef. Doe het terug in de pan.
Laat het geheel nog even inkoken tot je de gewenste dikte bereikt hebt. Hou er rekening mee dat met het afkoelen de ketchup nog altijd wat indikt.
Giet het heet over in een schone, glazen en afgesloten pot of fles. Wanneer je potten gebruikt met een indrukbaar deksel, kun je zien of de ketchup vacuüm is getrokken zodat het langer houdbaar is.
Zoeter of zuurder – Pas de verhouding tussen zoetstof en azijn eenvoudig aan om de ketchup precies naar jouw smaak te maken.
Maak je eigen variant – Voeg bijvoorbeeld knoflook, ui, gerookt paprikapoeder, chili of andere kruiden toe voor een unieke smaak.
Dikker of dunner – Laat de ketchup langer inkoken voor een dikkere structuur of voeg een klein beetje water toe wanneer je de ketchup juist wat dunner wilt maken.
Gebruik rijpe tomaten – Hoe rijper de tomaten, hoe voller en zoeter de smaak van de uiteindelijke ketchup wordt. Je kunt ook verschillende soorten tomaat gebruiken wanneer je zou willen. Dat geeft weer een andere smaak.
Voorraadkast – Bewaar ongeopende, goed afgesloten potten op een koele en donkere plek. Zo blijft ketchup ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Koelkast na openen – Bewaar een geopende pot in de koelkast. Geopend blijft ketchup meestal 1 tot 3 maanden goed.
Invriezen – Ketchup kan ook worden ingevroren. Verdeel eventueel in kleine porties zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft ketchup ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Smaak wordt vaak beter – Na een paar dagen bewaren zijn de smaken vaak beter met elkaar in balans en krijgt de ketchup meer diepgang.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Ghee is een veelzijdig basisproduct dat al eeuwenlang wordt gebruikt in de Indiase keuken. Door boter langzaam te verhitten en de melkeiwitten te verwijderen ontstaat een goudgele vetstof met een volle, nootachtige smaak. Ghee is bijzonder geschikt om in te bakken en braden, omdat het hogere temperaturen aankan dan gewone boter.
Hoewel ghee in de winkel vaak behoorlijk prijzig is, maak je het verrassend eenvoudig zelf met slechts één ingrediënt. Bovendien is het lang houdbaar, waardoor je direct een grotere hoeveelheid kunt maken en bewaren voor later gebruik.
Met een pot zelfgemaakte ghee in de voorraadkast heb je altijd een smaakvolle basis bij de hand voor bakken, braden en koken. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 30-45 min rustig pruttelen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Ongezouten roomboter 500 gram
Bereidingswijze
Doe de boter in een steelpan en laat op laag vuur rustig smelten.
Laat de boter zachtjes pruttelen zonder te roeren.
Schep het witte schuim dat boven komt drijven weg.
Wanneer de boter helder goudgeel is en er melkdeeltjes op de bodem liggen, is de ghee klaar.
Giet voorzichtig door een zeef of kaasdoek in een schone pot.
Gebruik goede boter – De smaak van ghee wordt volledig bepaald door de boter die je gebruikt. Kies daarom bij voorkeur voor een kwalitatieve roomboter of grasboter.
Geduld geeft smaak – Verwarm de boter rustig op laag vuur. Hierdoor krijgen de melkeiwitten de tijd om zich te scheiden en ontwikkelt de ghee een vollere, nootachtige smaak.
Niet te donker laten worden – Een licht goudgele kleur geeft een milde smaak. Laat je de melkeiwitten verder karamelliseren, dan krijgt de ghee een diepere en meer uitgesproken smaak.
Ideaal voor hoge temperaturen – Ghee is uitstekend geschikt voor bakken, braden, wokken en roosteren doordat het minder snel verbrandt dan gewone boter.
Voorraadkast – Bewaar ghee in een schoon, goed afgesloten pot op een koele en donkere plek. Zo blijft ghee meestal 3 tot 6 maanden goed.
Koelkast – In de koelkast kan ghee vaak 6 tot 12 maanden worden bewaard. De ghee wordt daarbij steviger van structuur maar blijft eenvoudig te gebruiken.
Gebruik een schone lepel – Voorkom dat er vocht, kruimels of andere etensresten in de pot terechtkomen. Dit helpt de kwaliteit en houdbaarheid te behouden.
Maak direct een voorraadje – Omdat ghee lang houdbaar is en voor veel toepassingen gebruikt kan worden, is het ideaal om direct een grotere hoeveelheid te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Pindasaus is een veelzijdige saus die bij veel meer past dan alleen saté. Het is heerlijk bij groenten, rijstgerechten, noedels, barbecuegerechten of als dip voor verschillende snacks. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf een romige saus die je volledig kunt aanpassen aan jouw eigen smaak.
Vanuit deze basis kun je eenvoudig variëren. Houd je van een milde pindasaus of maak je liever een pittige satésaus met wat extra sambal en kruiden? Door zelf pindasaus te maken bepaal je precies hoe zoet, kruidig of pittig deze wordt.
Met een pot zelfgemaakte pindasaus in de koelkast heb je altijd een smaakvolle basis binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
Pindasaus of satésaus – Gebruik de basissaus zoals hij is voor een milde pindasaus of voeg sambal, ketjap en kruiden toe voor een pittigere satésaus.
Dikker of dunner – Pas de hoeveelheid water of kokosmelk aan om de saus precies de gewenste structuur te geven. De saus dikt bovendien vaak nog iets in tijdens het afkoelen.
Meer smaakvariaties – Voeg eens limoen, citroengras, extra gember of een scheutje kokosmelk toe voor een andere smaakbeleving.
Meer dan alleen saté – Pindasaus is ook heerlijk als dip voor groenten, bij wraps, noedelgerechten, rijstschotels of gegrilde groenten.
Koelkast – Bewaar de pindasaus in een goed afgesloten pot in de koelkast. Afhankelijk van de gebruikte ingrediënten blijft deze ongeveer 3 tot 7 dagen goed.
Invriezen – Pindasaus is uitstekend in te vriezen. Verdeel eventueel in kleine porties zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft de saus ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Even opwarmen – Na bewaren kan de saus wat steviger worden. Verwarm de pindasaus rustig en voeg indien nodig een klein beetje water toe om de gewenste structuur terug te krijgen.
Maak direct extra – Omdat pindasaus goed in te vriezen is, kun je eenvoudig een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Atjar is een frisse en knapperige smaakmaker die een heerlijke combinatie van zoet, zuur en groenten samenbrengt. Het wordt vaak gegeten bij Aziatische gerechten, maar past net zo goed bij een barbecue, een broodje of een Hollandse maaltijd. Met een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf een atjar die je volledig kunt aanpassen aan jouw eigen smaak.
Omdat atjar goed houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik. Bovendien ontwikkelen de smaken zich tijdens het bewaren steeds verder, waardoor de atjar na een paar dagen vaak nog lekkerder wordt.
Met een pot zelfgemaakte atjar in de koelkast of voorraadkast heb je altijd een frisse smaakmaker binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend veelzijdig.
Snijd alle groenten fijn en meng ze door elkaar in een kom.
Breng azijn, suiker, kurkuma en zout aan de kook. Wanneer de suiker en het zout zijn opgelost, voeg dan de gesneden groenten toe en laat een minuutje meekoken.
Giet de groente mix over in een glazen pot. Doe de deksel direct op de pot. Heeft de deksel een klikplek in het midden? Dan kan deze vacuüm trekken. Controleer na 24 uur of je die plek nog in kunt drukken of dat deze al ingedrukt is. In dat laatste geval is de pot vacuüm en de inhoud ook buiten de koeling houdbaar.
Laat de atjar afkoelen en bewaar gekoeld. Na 24 uur is het op smaak gekomen. Langer laten staan zal de smaak ten goede komen.
Variëren met groenten – Naast witte kool, wortel en ui kun je ook paprika, komkommer, rode peper of taugé toevoegen voor een eigen variant.
Meer of minder zoet – Pas de verhouding tussen azijn en suiker eenvoudig aan om de atjar frisser of juist wat zachter van smaak te maken.
Extra pit – Voeg een fijngesneden rode peper, chilivlokken of wat sambal toe wanneer je van een wat pittigere atjar houdt.
Laat de smaken ontwikkelen – Hoewel atjar na ongeveer 24 uur gegeten kan worden, wordt de smaak vaak nog mooier na enkele dagen tot een week bewaren.
Koelkast – Bewaar atjar in een goed afgesloten pot in de koelkast. Zo blijft deze meestal 1 tot 3 maanden goed.
Vacuüm bewaren – Wanneer de pot goed vacuüm trekt en koel en donker wordt bewaard, kan de houdbaarheid oplopen tot ongeveer 6 tot 12 maanden.
Altijd onder het vocht – Zorg ervoor dat de groenten zoveel mogelijk onder het zuur blijven staan. Dit helpt de smaak, structuur en houdbaarheid te behouden.
Gebruik een schone lepel – Neem de atjar altijd met een schone lepel uit de pot om de kwaliteit zo lang mogelijk te behouden.
Maak direct meerdere potten – Omdat de smaak tijdens het bewaren verder ontwikkelt en atjar lang houdbaar is, is dit een ideaal recept om in grotere hoeveelheden te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Pesto is een van die recepten die met een paar eenvoudige ingrediënten verrassend veel smaak op tafel brengt. Heerlijk door pasta, op een pizza, bij gegrilde groenten of gewoon op een vers stuk brood. De klassieke pesto wordt gemaakt van basilicum, pijnboompitten, Parmezaanse kaas en olijfolie, maar juist daar begint de ruimte om te variëren.
Door zelf pesto te maken bepaal je namelijk zelf welke kruiden, noten of kazen je gebruikt. Heb je veel basilicum in de tuin staan of wil je eens experimenteren met peterselie, rucola of brandneteltoppen? Dan is pesto een ideale manier om die smaken te verwerken.
Met een pot zelfgemaakte pesto in de koelkast of vriezer heb je altijd een smaakvolle basis bij de hand. Simpel, zelfgemaakt en eindeloos te variëren.
Rooster de pijnboompitten kort in een droge koekenpan tot ze lichtbruin zijn. Was de verse basilicum en snij in stukjes. Pel de teentjes knoflook.
Pureer de pijnboompitten, de basilicum, de knoflook en de Parmezaanse kaas bij elkaar in een keukenmachine en voeg langzaam de olie toe tot je een gewenste consistentie hebt.
Meer dan alleen basilicum – Pesto hoeft niet altijd van basilicum gemaakt te worden. Probeer eens peterselie, rucola, spinazie, daslook of brandneteltoppen voor een verrassende variant.
Varieer met noten – Naast pijnboompitten kun je ook walnoten, amandelen, hazelnoten of zonnebloempitten gebruiken. Dat geeft telkens een andere smaak en maakt pesto vaak voordeliger.
Pas de structuur aan – Voeg wat extra olijfolie toe voor een smeuïgere pesto of gebruik juist iets minder voor een dikkere variant.
Bescherm tegen verkleuring – Een dun laagje olijfolie bovenop de pesto helpt contact met zuurstof te beperken en houdt de pesto langer mooi groen.
Voorraadje kruiden verwerken – Pesto is een ideale manier om grotere hoeveelheden verse kruiden uit de tuin of van de markt te verwerken.
Koelkast – Bewaar pesto in een goed afgesloten pot in de koelkast. Met een laagje olie bovenop blijft deze meestal 5 tot 7 dagen goed.
Invriezen – Pesto laat zich uitstekend invriezen. Verdeel eventueel in kleine porties of ijsblokjesvormen zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft pesto ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Kaas later toevoegen – Wanneer je pesto vooral maakt om in te vriezen, kun je ervoor kiezen de kaas pas na het ontdooien toe te voegen. Dit helpt de smaak en structuur beter te behouden.
Gebruik als smaakmaker – Pesto is niet alleen lekker door pasta, maar ook op wraps, broodjes, pizza’s, in saladedressings of als marinade voor groenten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Zuurkool is een van de bekendste gefermenteerde producten en wordt al generaties lang gemaakt van niets meer dan kool, zout en tijd. Tijdens het fermenteren zetten melkzuurbacteriën de natuurlijke suikers in de kool om, waardoor de karakteristieke frisse, zure smaak ontstaat. Het mooie is dat je hiervoor geen ingewikkelde ingrediënten nodig hebt.
Zelf zuurkool maken is verrassend eenvoudig en geeft je volledige controle over de smaak. Je kunt spelen met kruiden, verschillende koolsoorten gebruiken of zelfs andere groenten toevoegen. Bovendien ontwikkelt de smaak zich tijdens het fermenteren steeds verder, waardoor iedere batch weer net iets anders wordt.
Met een pot zelfgemaakte zuurkool in huis heb je een veelzijdig basisproduct dat maandenlang bewaard kan worden. Simpel, zelfgemaakt en een mooie kennismaking met fermenteren.
Verwijder de buitenste bladen van de kool. Haal ook een mooi blad (of meerdere) van de kool die je kunt gebruiken om de kool af te dekken. Zeker wanneer je meerdere witte kolen ineens verwerkt, is dit handig. Was de kool niet maar houd deze droog.
Snij de kool in hele dunne reepjes. Dit kan met de hand, mandoline of keukenmachine. Gebruik zoveel mogelijk van de kool. Je kunt ook het hart gebruiken en fijn snijden.
Doe de kool in een mengkom en bestrooi met zout. Meng de kool goed door zodat het zout er in kan trekken. Hierdoor komt vocht vrij. Wanneer er op de bodem van de mengkom een laag vocht staat, kun je eventueel kruiden toevoegen. Meng nog een keer goed door en de kool kan in de potten.
Nu kun je de kool in een grote weckpot stoppen met een rubber ring ertussen. Druk de kool steeds stevig aan zodat je ziet dat de kool onder water komt te staan. Vul de pot tot ongeveer 2,5 cm onder de rand. Je kunt hier dus een schoon koolblad bovenop de kool leggen om de kool wat beter onder water te houden.
Laat de zuurkool afgesloten ongeveer 2 weken staan bij kamertemperatuur. Check met regelmaat of je geen schimmel bovenop ziet en of de kool nog onder water staat. Schimmel kun je gewoon verwijderen als het een klein beetje is.
Na 2 weken zul je al proeven dat de kool zuur geworden is. Vind je de kool nog niet zuur genoeg? Gewoon nog even laten staan zodat ook de laatste suikers omgezet worden en de kool nog meer fermenteert. Wanneer het op smaak is, kun je de zuurkool gaan eten.
Gebruik de juiste hoeveelheid zout – Voor zuurkool wordt meestal 15 tot 20 gram zout per kilo kool gebruikt. Dit helpt ongewenste bacteriën te remmen en ondersteunt het fermentatieproces.
Alles onder het vocht houden – Zorg ervoor dat de kool tijdens het fermenteren volledig onder het vrijgekomen vocht blijft staan. Dit is een van de belangrijkste voorwaarden voor een succesvolle fermentatie.
Meer smaakvariaties – Voeg bijvoorbeeld karwijzaad, jeneverbessen, mosterdzaad, laurier of zwarte peper toe om je eigen variant te maken.
Proeven mag – Na ongeveer twee weken kun je beginnen met proeven. Vind je de zuurkool nog niet zuur genoeg? Laat deze dan gerust langer fermenteren.
Temperatuur maakt verschil – Bij hogere temperaturen verloopt de fermentatie sneller. Op een koelere plek duurt het proces langer maar ontwikkelt de smaak vaak wat rustiger.
Schimmel niet verwarren met kahm-gist – Een dun wit laagje bovenop de fermentatie is vaak kahm-gist en meestal onschuldig. Gekleurde of pluizige schimmel hoort er niet op te zitten en moet zorgvuldig beoordeeld worden.
Koelkast – Wanneer de zuurkool op smaak is, kun je deze in de koelkast bewaren. De fermentatie vertraagt hierdoor sterk. De zuurkool blijft meestal 3 tot 6 maanden goed.
Voorraadkast – Vacuüm getrokken of geweckte zuurkool kan vaak 6 tot 12 maanden worden bewaard. Houd er rekening mee dat verhitting tijdens het wecken de levende melkzuurbacteriën uitschakelt.
Invriezen – Zuurkool kan worden ingevroren en blijft dan ongeveer 12 maanden goed. Ook hierbij gaat een deel van de levende bacterieculturen verloren.
Maak direct een grotere hoeveelheid – Omdat de actieve bereiding beperkt is en zuurkool lang houdbaar is, loont het vaak om direct meerdere kolen tegelijk te verwerken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Hummus is een heerlijke, romige spread die al jarenlang een vaste plek heeft in de keuken van het Midden-Oosten. Van origine wordt hummus gemaakt van kikkererwten, tahin, citroen en kruiden, maar juist dat maakt het zo leuk: je kunt er eindeloos mee variëren en hem helemaal naar jouw smaak maken.
Zelf hummus maken is verrassend eenvoudig. Met een paar pure ingrediënten zet je in enkele minuten een verse dip of spread op tafel die veel voller van smaak is dan de meeste varianten uit de supermarkt. Gebruik gedroogde kikkererwten of een pot, voeg je favoriete kruiden toe en bepaal zelf hoe smeuïg of kruidig je de hummus maakt.
Hummus is heerlijk op brood, een cracker of als dip bij rauwkost, naanbrood of wraps. Ook als basis voor een lunch of borrelplank is het een veelzijdige smaakmaker die je steeds opnieuw kunt aanpassen aan het seizoen of de ingrediënten die je in huis hebt.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 — | ❄️ 3 maanden
Wanneer je gedroogde erwten hebt, week deze dan eerst een paar uur en kook ze. Heb je een pot kikkererwten, was de erwten dan maar houd het vocht apart voor de hummus.
Doe de kikkererwten in een kom met wat kookvocht of vocht uit de pot en pureer ze met staafmixer of doe ze in een keukenmachine en maal tot een smeuïge massa.
Voeg de overige ingrediënten toe en pureer zodat alles goed vermengd is en je een gladde pasta hebt. Het vocht en de olie helpen bij de smeuïgheid. Doe de helft eventueel in de vriezer.
Maak hem helemaal naar smaak – Voeg bijvoorbeeld geroosterde paprika, zongedroogde tomaat, biet, avocado of verse kruiden toe voor steeds een andere variant.
Extra romig – Gebruik wat extra kookvocht van de kikkererwten of een scheutje olijfolie wanneer je een zachtere hummus wilt.
Met of zonder tahin – Tahin geeft een authentieke smaak, maar zonder is de hummus ook heerlijk. Vervang tahin eventueel door een lepel notenpasta voor een andere twist.
Gebruik gedroogde kikkererwten – Door zelf gedroogde kikkererwten te weken en te koken bepaal je zelf de kwaliteit en bespaar je vaak op de kosten.
Lekker als dip én beleg – Serveer hummus met rauwkost, naanbrood, crackers of gebruik hem als smeersel op een boterham of wrap.
Koelkast – Bewaar hummus in een goed afgesloten pot of bakje in de koelkast. Zo blijft hij ongeveer 4 tot 5 dagen goed. Een dun laagje olijfolie bovenop helpt de hummus langer vers te houden.
Diepvries – Hummus is uitstekend in te vriezen. Verdeel hem eventueel in kleinere porties zodat je alleen ontdooit wat je nodig hebt. In de vriezer blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct een dubbele portie – Omdat hummus zo snel gemaakt is, is het handig om meteen wat extra te bereiden en een deel in te vriezen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Zelfgemaakte groentenbouillonblokjes zijn een eenvoudige manier om altijd een pure smaakmaker in huis te hebben. Veel bouillonblokjes uit de winkel bevatten relatief veel zout en verschillende toevoegingen, terwijl je ze met verse groenten en kruiden heel gemakkelijk zelf kunt maken.
Met dit recept groentenbouillonblokjes maak je in één keer een flinke voorraad die je direct kunt invriezen. Zo heb je altijd een smaakvolle basis voor soep, saus, risotto of stoofgerechten binnen handbereik. Je bepaalt bovendien zelf welke groenten en kruiden je gebruikt en past het recept eenvoudig aan naar jouw smaak.
Het kost even wat voorbereiding, maar daarna levert het juist veel gemak op. Een blokje uit de vriezer is zo toegevoegd aan je gerecht en zorgt voor een rijke, natuurlijke smaak zonder onnodige toevoegingen.
Snijd alle ingrediënten in grove stukken. Doe olie in de pan en bak de groenten aan terwijl je roert.
Strooi tijdens het roeren het zout over de groenten en schep dit goed door het mengsel. Zo komt er veel vocht vrij. Zet het vuur laag en plaats een deksel op de pan. Kook ongeveer 8 minuten tot het vocht verdampt is. Roer af en toe door.
Schep de groenten in een kom en pureer alles goed met de staafmixer tot je een gladde massa hebt. Schep het vervolgens in ijsblokjesvormpjes.
Zet het daarna een nachtje in de vriezer. Verpak de blokjes in folie en plaats in een bak of zakje in de vriezer. Gebruik 1 blokje per 0.5 liter.
Dijonmosterd is een van de bekendste mosterdsoorten ter wereld. De mosterd dankt zijn naam aan de Franse stad Dijon en staat bekend om zijn gladde structuur en pittige, frisse smaak. Heerlijk bij een kaasplank, op een broodje of als smaakmaker in dressings, sauzen en marinades.
Met dit recept Dijon mosterd maak je deze klassieker eenvoudig zelf van mosterdzaad, azijn en witte wijn. Het recept bestaat uit verrassend weinig ingrediënten, terwijl je zelf volledig bepaalt hoe pittig, glad of romig de mosterd uiteindelijk wordt.
Na het maken heeft de mosterd wat tijd nodig om op smaak te komen, maar dat wachten wordt beloond. Maak meteen een paar potjes, zodat je altijd een heerlijke, zelfgemaakte mosterd in huis hebt of iemand kunt verrassen met een origineel cadeau.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 10 dagen rijpen | 🫙 3-6 maanden
Ingrediënten
Mosterdzaad (geel of zwart) 100 gram
Witte wijn 50 ml
Azijn 30 ml
Water paar el
Zout snufje
Honing (of suiker/erythritol) naar smaak
Bereidingswijze
Week het mosterdzaad een nacht in azijn zodat het goed zwelt. Voeg het mosterdzaad, de witte wijn, de azijn, wat el water en wat zout samen in de keukenmachine. Laat de keukenmachine het geheel een aantal minuten fijnmalen tot een gladde pasta is ontstaan.
Proef de mosterd. Voorzichtig want deze is erg scherp op dit moment! Voeg naar smaak nog wat zout, peper en eventueel zoetstof toe. Of wellicht wat water of azijn om de mosterd nog wat gladder te maken. Laat nog even kort mixen.
In principe is de mosterd nu klaar, maar voor Dijon gaan we er een gladder geheel van maken. Duw met een lepel de mosterd door een zeef om de grove zaadjes te scheiden van de gladde mosterd.
Je kunt de mosterd nog een keer proeven, maar hou er rekening mee dat mosterd niet direct geschikt is voor gebruik. Doe de mosterd in een afgesloten, steriele pot en zet minstens 10 dagen in de koelkast zodat de mosterd verder op smaak kan komen.
Frambozensaus is zo’n recept dat met weinig moeite ontzettend veel smaak toevoegt. De frisse, lichtzure frambozen vormen een heerlijke tegenhanger van zoete én hartige gerechten. Van een bolletje roomijs tot een stuk gegrild vlees of een romige cheesecake: deze saus past verrassend vaak.
Met dit recept frambozensaus maak je in een paar minuten een pure saus van echt fruit, zonder onnodige toevoegingen. Je bepaalt zelf hoe zoet je hem maakt en of je kiest voor een dunne saus of juist een wat dikkere variant door geleisuiker te gebruiken. Ook andere fruitsoorten, zoals bramen of rode bessen, zijn een heerlijke basis.
Een potje frambozensaus in de koelkast is altijd handig om achter de hand te hebben. Het geeft een eenvoudig gerecht net dat beetje extra en laat zien dat pure ingrediënten vaak het meeste smaak geven.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 15 min totaal | ❄️ 6 maanden
Ingrediënten
Frambozen 250 gram
Suiker 100 gram
Sap van een halve citroen
Optioneel; vanille extract 1/2 tl
Bereidingswijze
Doe alle ingrediënten in een pan en breng aan de kook.
Laat op een laag vuurtje ongeveer 3-4 minuten doorkoken.
Zeef de saus. Druk met de bolle kant van een lepel de frambozensap goed door de zeef zodat alleen de zaadjes achterblijven.
Laat de saus afkoelen zodat deze ook nog wat indikt. Zowel warm als koud te serveren bij allerlei desserts of vlees.
Zeef voor een fluweelzachte saus – Door de pitjes eruit te zeven krijgt de saus een mooie, gladde structuur. Laat ze juist zitten als je een meer rustieke saus wilt.
Pas de dikte aan – Laat de saus iets langer inkoken voor een dikkere topping of voeg een klein scheutje water toe wanneer je hem juist dunner wilt maken.
Varieer met fruit – Ook bramen, blauwe bessen, aardbeien of een combinatie van rood fruit zijn heerlijk in dit recept.
Heerlijk warm én koud – Serveer warm over pannenkoeken of ijs, of koud door yoghurt, kwark, cheesecake of een salade met geitenkaas.
Koelkast – Bewaar de saus in een goed afgesloten pot in de koelkast. Zo blijft hij ongeveer 1 week goed.
Diepvries – Vries de saus in kleine porties in. Zo blijft hij ongeveer 6 maanden goed en heb je altijd een portie klaar voor desserts of andere gerechten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Van iets wat normaal in de GFT-bak belandt, maak je een smaakmaker die je maandenlang kunt gebruiken. Dat is misschien wel het mooiste aan zelf appelazijn maken. Met niets meer dan appelschillen, klokhuizen, water en een beetje geduld ontstaat een zachte, aromatische azijn die verrassend veelzijdig is.
Dit recept appelazijn laat zien hoe eenvoudig fermenteren eigenlijk kan. Het kost vooral tijd, maar nauwelijks werk. Ondertussen doet de natuur haar werk en verandert een restproduct langzaam in een heerlijke appelazijn voor dressings, marinades, inmaken of gewoon een scheutje in een glas water.
En misschien is dat nog wel het leukste: iedere fles is nét even anders, afhankelijk van de appels die je gebruikt. Zo maak je van iets dat anders weggegooid zou worden een puur, zelfgemaakt product waar je iedere keer weer trots op bent.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 6-8 weken fermenteren | 🫙 Bewaren: minimaal 1 jaar
Ingrediënten
Appels (schillen en klokhuizen is prima)
Water
Suiker 4 el per liter water
Bereidingswijze
Vul een grote pot met schillen en klokhuizen van de appels. Verwijder rotte plekjes. Pitten kun je laten zitten. Vul de pot ongeveer 50% en 75%.
Vul de pot verder met water totdat de appelschillen volledig onder staan. De schillen hebben de neiging om te drijven dus let op wanneer het genoeg is. Afhankelijk van hoeveel water je hebt, voeg je suiker toe. Reken ongeveer 4 el suiker per liter water, dan heb je genoeg. Minder mag ook. Het fermentatieproces kan dan wat langer duren want suiker start het proces sneller op.
Roer de appels door zodat de suiker oplost en dek de pot af met een doekje en een elastiek om de rand van de pot. Zo kan er wel zuurstof bij, maar geen vliegjes.
Zet de pot bij kamertemperatuur weg. Niet in het directe zonlicht maar het hoeft niet in het donker gezet te worden. Kies een plek waar je makkelijk bij kan want de komende 3 tot 4 weken zul je elke dag even door de azijn moeten roeren zodat de appels die boven het water drijven ook weer goed onder water komen. Dit voorkomt schimmelvorming. Je kunt ook iets zwaars op de appels leggen zodat ze onder water blijven (bv een wekdeksel) maar zorg ervoor dat dit dan ook volledig onder water blijft. Dagelijks roeren blijft een must zodat er ook zuurstof in het water komt. Wanneer je toch een beetje schimmel ziet op de bovenkant, kun je dat gewoon verwijderen of het stukje appel eruit halen. Word het erger en keert het dagelijks terug, gooi dan je batch weg en start overnieuw.
Na 3 tot 4 weken zie je dat de vloeistof niet meer zo borrelt. De suikers zijn omgezet in alcohol. Giet het mengsel door een zeef en giet de azijn terug in de pot. Dek deze weer af en laat wederom ongeveer 3-4 weken bij kamertemperatuur staan. Roer om de paar dagen even door.
Na 3-4 weken (totaal dus 6-8 weken) kun je de azijn overhevelen in flessen die je met een deksel afsluit. Het fermentatieproces is dan nog niet voorbij en de azijn zal wanneer je deze nog een maand of langer laat staan alleen maar lekkerder worden.
Gebruik verschillende appelsoorten – Een mix van zoete en zure appels geeft een rijkere en meer complexe smaak dan één enkele soort.
Werk schoon, niet steriel – Een goed schoongemaakte pot en lepel zijn voldoende. Zo geef je de goede gisten de beste kans zonder ongewenste bacteriën.
Ruik regelmatig aan de azijn – Tijdens het fermenteren verandert de geur van zoet naar friszuur. Dat is een goede manier om het proces te volgen.
Zie je een ‘moeder’? – Er kan een gelatineachtige laag ontstaan. Dat is de azijnmoeder en juist een teken dat de fermentatie goed verloopt. Bewaar hem gerust voor een volgende batch.
Maak verschillende smaken – Voeg tijdens de tweede fermentatie eens een takje rozemarijn, tijm of een stukje gember toe voor een subtiele smaakvariant.
Bewaren – Bewaar de appelazijn in een goed afgesloten glazen fles op een koele, donkere plaats. Zo blijft hij gemakkelijk minimaal een jaar goed en ontwikkelt de smaak zich vaak zelfs nog verder.
📌 Sla de receptenkaarten op voor later of print ze uit voor in de keuken.