Bladerdeeg staat bekend als iets wat je koopt in de supermarkt. Logisch ook, want het lijkt ingewikkeld en tijdrovend om zelf te maken. Toch bestaat bladerdeeg in de basis uit slechts een paar ingrediënten: meel, boter, water en een snufje zout. Door het deeg meerdere keren te vouwen en uit te rollen ontstaan de kenmerkende laagjes die bladerdeeg zo luchtig en krokant maken. Het kost wat geduld, maar het proces is verrassend eenvoudig wanneer je het stap voor stap aanpakt.
Zelfgemaakt bladerdeeg geeft je volledige controle over de ingrediënten en laat zien hoe bijzonder een basisproduct eigenlijk is. Bovendien kun je direct een grotere hoeveelheid maken en invriezen, zodat je altijd een voorraadje klaar hebt liggen voor hartige hapjes, quiches of zoete baksels.
Met dit recept ontdek je hoe je van een paar pure ingrediënten zelf heerlijk krokant bladerdeeg maakt. Simpel, zelfgemaakt en helemaal Homaky.
🍴 4 pers | ⏱ 60 min actief | 🕒 90 min koelen | ❄ max 3 maanden
Ingrediënten
Bloem 250 gram
Water 125 ml
Koude roomboter 200 gram
Keltisch zout snufje
Bereidingswijze
Meng de bloem, het zout en het water tot een deeg en laat 30 minuten rusten in de koelkast.
Rol het deeg op een met bloem bestoven ondergrond uit tot een rechthoek. Leg er de plakjes koude boter op.
Vouw het deeg in drieën (zoals een brief). Rol opnieuw uit en vouw weer in drieën. Herhaal dit 3 keer, met telkens 20 minuten koelen tussendoor.
Het handigst kun je de bladerdeeg nu vacuum verpakken. Hiermee voorkom je uitdroging. Vacuum blijft de deeg in de koelkast minstens 2-3 dagen goed.
Extra luchtig bladerdeeg – De temperatuur van de boter is bepalend voor het resultaat. Zorg dat de boter koud blijft tijdens het uitrollen. Wordt het deeg te warm of zacht? Leg het dan eerst 15–30 minuten terug in de koelkast voordat je verder gaat.
Meer laagjes – Hoe vaker je het deeg op de juiste manier vouwt en uitrolt, hoe meer laagjes ontstaan. Heb je wat minder tijd? Dan kun je een vouwronde minder doen. Het bladerdeeg wordt dan iets minder luchtig, maar nog steeds heerlijk.
Zoete en hartige variaties – Bladerdeeg is ontzettend veelzijdig. Gebruik het voor hartige hapjes, quiches, saucijzenbroodjes of juist voor zoete lekkernijen zoals appelflappen en tompoucen.
Zelfgemaakte vullingen – Met zelfgemaakte producten zoals jam, appelmoes, banketbakkersroom, tomatenrelish of uiencompote maak je je bladerdeeggerechten nog lekkerder. Maar een stukje pure chocolade combineert ook heerlijk.
Koelkast – Bewaar vers bladerdeeg maximaal 2-3 dagen goed afgedekt in de koelkast. Zorg ervoor dat het deeg niet uitdroogt. Hiervoor is vacuum verpakken een goede oplossing.
Invriezen – Bladerdeeg is ideaal om in te vriezen. Zowel uitgerolde plakken als deegblokken kun je tot 3 maanden bewaren in de vriezer. Verpak het deeg goed zodat het niet uitdroogt. Ook hier is vacuum verpakken een goede oplossing.
Ontdooien – Laat het bladerdeeg rustig ontdooien in de koelkast. Zo blijven de laagjes mooier intact en wordt het deeg makkelijker te verwerken.
Bakken – Voor het mooiste resultaat bak je bladerdeeg in een goed voorverwarmde oven. De hoge temperatuur zorgt ervoor dat de laagjes snel rijzen en mooi krokant worden. Bestrijk het deeg voor het de oven in gaat met eigeel voor een mooi glanzend en bruin eindresultaat.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Deze pizzabodems maak je simpel zelf met pure ingrediënten. Ideaal om in te vriezen, mealpreppen of snel een gezonde pizza op tafel te zetten zonder pakjes.
Omdat de pizzabodems goed te bewaren zijn, kun je direct een grotere hoeveelheid maken. Vanavond verse pizza, en lekker voorbereid door pizzabodems of pizzadeeg in de vriezer te bewaren voor een andere dag.
Zo hoef je niet steeds deeg te maken wanneer je zin hebt in pizza en eet je toch altijd puur en simpel.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 1-24 uur rijzen (zie tips) | ❄ max 3 maanden
Ingrediënten
Bloem 500 gram
Lauw water 300 ml
Droge gist 7 gram
Keltisch zout 1 tl
Olijfolie 2 el
Bereidingswijze
Meng de bloem, gist, en het zout in een kom. Voeg lauw water en olijfolie toe en kneed alles tot een soepel deeg. Natuurlijk kun je dat laatste ook aan een keukenmixer overlaten.
Laat het deeg, afgedekt met een theedoek, 1 uur rijzen op kamertemperatuur. De gist heeft zo de ruimte om z’n werk te doen en het deeg luchtiger te maken.
Verdeel het deeg in 4 gelijke bollen en rol deze uit tot ronde bodems op een met bloem bestoven ondergrond. Gebruik hiervoor een deegroller, al lukt dit met de hand ook prima. Het vraagt wat handigheid om de bodems rond te krijgen maar oefening baart kunst. Bedenk dat juist die verse, authentiek gebakken pizzabodems ook nooit helemaal rond zijn, maar wel erg luchtig en smaakvol.
Bak de bodems 8–10 minuten voor op 250 °C zodat hij stevig blijft wanneer je toppings toevoegt. Ze zijn nu klaar om in te vriezen voor later gebruik of direct te beleggen met verse ingrediënten. Afbakken zal 8-12 minuten duren.
Extra krokante bodem – Bak de pizzabodem eerst 8–10 minuten voor voordat je toppings toevoegt. Hou er rekening mee dat veel vochtige toppings de pizzabodem zachter maken. Wil je je bodem extra krokant? Vervang dan 100 gram bloem door 100 gram semola (griesmeel).
Zuurdesempizza – Maak ook eens zelf pizzabodems van zuurdesem. Persoonlijk vind ik die nog veel smaakvoller. Maak eerst je zuurdesem met bijvoorbeeld een zuurdesemstarter en vervang vervolgens de gist door 100 gram zuurdesem. Laat het deeg dan wel langer rijzen. Minimaal 6 uur maar 12 uur (of langer) zal de luchtigheid van het deeg en de smaak bevorderen.
Zelfgemaakte toppings – Wanneer je zelf je tomatensaus maakt, en bijvoorbeeld pesto, maken die je zelfgemaakte pizzabodems natuurlijk extra lekker.
Koelkast – Bewaar het deeg maximaal 2 dagen afgedekt in de koelkast.
Invriezen – Al zijn de pizzabodems vers natuurlijk het lekkerst, kun je ze prima in de vriezer langer bewaren. Zowel voorgebakken pizzabodems (met of zonder toppings), als het deeg in bolletjes kun je tot 3 maanden invriezen. Persoonlijk seal ik de bodems en deeg vacuüm zodra ze bevroren zijn zodat het deeg minder uitdroogt in de vriezer.
Opwarmen – Bak direct vanuit de vriezer 8–12 minuten op 250°C. Gezien elke oven anders werkt, is het belangrijk om de tijden en zelfs de temperatuur te bewaken. Zie je dat ze langer of korter nodig hebben, pas de tijd dan vooral aan.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Pindakaas is zo’n product dat in veel huishoudens standaard in de kast staat. Toch maak je het verrassend eenvoudig zelf met slechts één ingrediënt: pinda’s. Zo bepaal je zelf de smaak, structuur en kwaliteit van de ingrediënten die je gebruikt.
Deze zelfgemaakte pindakaas is heerlijk op brood, door een smoothie of als basis voor een pindasaus. Omdat pindakaas van nature lang houdbaar is, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik.
Met een pot zelfgemaakte pindakaas in huis heb je altijd een pure en veelzijdige basis bij de hand. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 — | 🧊 9-12 maanden
Ingrediënten
Pinda’s (gepeld en ongezouten) 500 gram
Zeezout optioneel
Olijf- of pindaolie optioneel
Bereidingswijze
Gebruik voor dit recept gepelde, ongezouten pinda’s. Zijn ze niet gebrand, dan kun je ervoor kiezen dat zelf eerst nog op 180 graden in een oven te doen. Of natuurlijk in een koekenpan met wat olijfolie. Dan word de pindakaas iets donkerder en smaakvoller. Laat de geroosterde pinda’s even afkoelen. Doe vervolgens de pinda’s in een krachtige blender of keukenmachine.
Mix eerst tot kruim, blijf daarna op de hoogste stand doormixen tot de pinda’s hun eigen olie volledig loslaten en een gladde pasta vormen.
Schraap tussendoor de zijkanten schoon. Je kunt eventueel wat kokos, olijf- of notenolie toevoegen om de pindakaas smeuïger te maken, maar dit is niet altijd nodig. Pinda’s bevatten van zichzelf veel olie die ze uiteindelijk loslaten.
Is de pindakaas smeuïg en romig geworden en herkenbaar als pindakaas? Voeg dan eventueel een snuf (Keltisch) zeezout toe en mix kort door. Ook kun je er nu kaneel door doen of misschien juist een snufje chilipoeder als dat je ding is. Doe daarna in een schone, en goed afsluitbare pot.
Extra romige pindakaas – Maal de pinda’s iets langer door voor een gladde, smeuïge pindakaas. Hoe langer je maalt, hoe meer olie vrijkomt en hoe romiger het resultaat wordt.
Met of zonder stukjes – Houd je van pindakaas met een bite? Houd dan een handje pinda’s apart, hak ze grof en roer ze op het einde door de pindakaas.
Variëren met noten – Dit recept werkt niet alleen met pinda’s. Probeer ook eens amandelen, cashewnoten, hazelnoten of een combinatie van verschillende noten voor je eigen notenpasta.
Zelf op smaak brengen – Voeg eventueel een snufje zout, kaneel of een klein beetje honing toe voor een andere smaakbeleving. Begin met weinig en proef tussendoor.
Voorraadkast – Bewaar de pindakaas in een goed afgesloten pot op een donkere en droge plek. Zo blijft deze ongeveer 1 tot 3 maanden goed.
Koelkast – In de koelkast blijft pindakaas 3 tot 6 maanden goed. De pindakaas kan wat steviger worden, maar blijft prima smeerbaar.
Olie bovenop – Zie je een laagje olie bovenop de pindakaas? Dat is heel normaal. De olie scheidt zich na verloop van tijd van de pindakaas af. Roer de pindakaas eenvoudig door voor gebruik of laat het laagje juist liggen wanneer je de pindakaas langere tijd bewaart. Je kunt eventueel ook een klein laagje olie toevoegen voordat je de pot afsluit. De olie helpt het contact met zuurstof te beperken.
Schone lepel – Gebruik altijd een schone en droge lepel. Zo blijft de pindakaas langer goed en voorkom je dat er vocht of kruimels in de pot terechtkomen.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Wraps zijn een veelzijdige basis voor een snelle lunch, makkelijke maaltijd of hartige snack. Je kunt ze vullen met groenten, vlees, vis, kaas of andere ingrediënten die je in huis hebt. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf wraps die zacht, flexibel en vol van smaak zijn.
Omdat wraps goed te bewaren zijn, kun je direct een grotere hoeveelheid maken en invriezen voor later gebruik. Zo heb je altijd een handige basis in huis voor drukke dagen waarop je toch iets zelfgemaakts op tafel wilt zetten. Bovendien kun je eenvoudig variëren met verschillende soorten meel of bloem, waardoor iedere wrap weer net een andere smaak krijgt.
Met een stapel zelfgemaakte wraps in de vriezer heb je altijd een snelle en veelzijdige basis binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en verrassend praktisch.
🍴 4 pers | ⏱ 20 min actief | 🕒 30 min rusten | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Bloem 250 gram
Water 150 ml
Olie 3 el
Baking Soda 1 afgestreken tl
Zout snufje
Bereidingswijze
Meng alle droge ingrediënten in een kom en voeg er vervolgens de olie en het water aan toe.
Kneed nu met de hand (of gebruik een keukenmachine) het mengsel tot een soepel deeg.
Maak er vervolgens gelijke bolletjes van. Doe een beetje olie op je handen en wrijf dat over de bolletjes. Laat het deeg 15 minuten rusten op kamertemperatuur.
Zet een koekenpan op het vuur en rol de bolletjes een voor een dun uit tot de gewenste vorm. Bak ze vervolgens in een klein minuutje per kant gaar.
Laat het deeg rusten – Door het deeg even te laten rusten wordt het soepeler en zijn de wraps makkelijker dun uit te rollen.
Dun uitrollen – Hoe dunner je de wraps uitrolt, hoe flexibeler ze worden. Zo zijn ze makkelijker te vullen en op te rollen zonder te scheuren.
Variëren met meelsoorten – Gebruik eens spelt-, volkoren-, maïs- of een combinatie van verschillende meelsoorten voor een andere smaak en structuur.
Stapelen tijdens het afkoelen – Leg de wraps na het bakken op elkaar en dek ze eventueel af met een schone doek. Zo blijven ze zachter en drogen ze minder snel uit.
Koelkast – Bewaar de wraps goed verpakt in de koelkast. Zo blijven ze ongeveer 2 tot 5 dagen goed.
Invriezen – Wraps zijn uitstekend in te vriezen. Leg eventueel een stukje bakpapier tussen de wraps zodat je ze gemakkelijk per stuk kunt ontdooien. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 maanden goed.
Vacuüm verpakken – Door wraps vacuüm te verpakken blijven ze beter beschermd tegen uitdrogen en vriesbrand tijdens het bewaren in de vriezer. In de koelkast blijven ze vacuüm verpakt ongeveer 7-10 dagen goed.
Gevulde wraps – Maak direct een grotere hoeveelheid en vries de wraps gevuld in. Zo heb je altijd een snelle lunch of gezonde maaltijd op voorraad. Verpak de wraps bij voorkeur vacuüm om uitdrogen en vriesbrand te voorkomen.
Snel ontdooien – Wraps ontdooien snel op kamertemperatuur. Even kort opwarmen in een droge koekenpan maakt ze weer heerlijk zacht en flexibel.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Pindasaus is een veelzijdige saus die bij veel meer past dan alleen saté. Het is heerlijk bij groenten, rijstgerechten, noedels, barbecuegerechten of als dip voor verschillende snacks. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf een romige saus die je volledig kunt aanpassen aan jouw eigen smaak.
Vanuit deze basis kun je eenvoudig variëren. Houd je van een milde pindasaus of maak je liever een pittige satésaus met wat extra sambal en kruiden? Door zelf pindasaus te maken bepaal je precies hoe zoet, kruidig of pittig deze wordt.
Met een pot zelfgemaakte pindasaus in de koelkast heb je altijd een smaakvolle basis binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en vol van smaak.
Pindasaus of satésaus – Gebruik de basissaus zoals hij is voor een milde pindasaus of voeg sambal, ketjap en kruiden toe voor een pittigere satésaus.
Dikker of dunner – Pas de hoeveelheid water of kokosmelk aan om de saus precies de gewenste structuur te geven. De saus dikt bovendien vaak nog iets in tijdens het afkoelen.
Meer smaakvariaties – Voeg eens limoen, citroengras, extra gember of een scheutje kokosmelk toe voor een andere smaakbeleving.
Meer dan alleen saté – Pindasaus is ook heerlijk als dip voor groenten, bij wraps, noedelgerechten, rijstschotels of gegrilde groenten.
Koelkast – Bewaar de pindasaus in een goed afgesloten pot in de koelkast. Afhankelijk van de gebruikte ingrediënten blijft deze ongeveer 3 tot 7 dagen goed.
Invriezen – Pindasaus is uitstekend in te vriezen. Verdeel eventueel in kleine porties zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft de saus ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Even opwarmen – Na bewaren kan de saus wat steviger worden. Verwarm de pindasaus rustig en voeg indien nodig een klein beetje water toe om de gewenste structuur terug te krijgen.
Maak direct extra – Omdat pindasaus goed in te vriezen is, kun je eenvoudig een grotere hoeveelheid maken en bewaren voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Pesto is een van die recepten die met een paar eenvoudige ingrediënten verrassend veel smaak op tafel brengt. Heerlijk door pasta, op een pizza, bij gegrilde groenten of gewoon op een vers stuk brood. De klassieke pesto wordt gemaakt van basilicum, pijnboompitten, Parmezaanse kaas en olijfolie, maar juist daar begint de ruimte om te variëren.
Door zelf pesto te maken bepaal je namelijk zelf welke kruiden, noten of kazen je gebruikt. Heb je veel basilicum in de tuin staan of wil je eens experimenteren met peterselie, rucola of brandneteltoppen? Dan is pesto een ideale manier om die smaken te verwerken.
Met een pot zelfgemaakte pesto in de koelkast of vriezer heb je altijd een smaakvolle basis bij de hand. Simpel, zelfgemaakt en eindeloos te variëren.
Rooster de pijnboompitten kort in een droge koekenpan tot ze lichtbruin zijn. Was de verse basilicum en snij in stukjes. Pel de teentjes knoflook.
Pureer de pijnboompitten, de basilicum, de knoflook en de Parmezaanse kaas bij elkaar in een keukenmachine en voeg langzaam de olie toe tot je een gewenste consistentie hebt.
Meer dan alleen basilicum – Pesto hoeft niet altijd van basilicum gemaakt te worden. Probeer eens peterselie, rucola, spinazie, daslook of brandneteltoppen voor een verrassende variant.
Varieer met noten – Naast pijnboompitten kun je ook walnoten, amandelen, hazelnoten of zonnebloempitten gebruiken. Dat geeft telkens een andere smaak en maakt pesto vaak voordeliger.
Pas de structuur aan – Voeg wat extra olijfolie toe voor een smeuïgere pesto of gebruik juist iets minder voor een dikkere variant.
Bescherm tegen verkleuring – Een dun laagje olijfolie bovenop de pesto helpt contact met zuurstof te beperken en houdt de pesto langer mooi groen.
Voorraadje kruiden verwerken – Pesto is een ideale manier om grotere hoeveelheden verse kruiden uit de tuin of van de markt te verwerken.
Koelkast – Bewaar pesto in een goed afgesloten pot in de koelkast. Met een laagje olie bovenop blijft deze meestal 5 tot 7 dagen goed.
Invriezen – Pesto laat zich uitstekend invriezen. Verdeel eventueel in kleine porties of ijsblokjesvormen zodat je alleen hoeft te ontdooien wat je nodig hebt. In de vriezer blijft pesto ongeveer 6 tot 12 maanden goed.
Kaas later toevoegen – Wanneer je pesto vooral maakt om in te vriezen, kun je ervoor kiezen de kaas pas na het ontdooien toe te voegen. Dit helpt de smaak en structuur beter te behouden.
Gebruik als smaakmaker – Pesto is niet alleen lekker door pasta, maar ook op wraps, broodjes, pizza’s, in saladedressings of als marinade voor groenten.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Energy bars zijn ideaal voor onderweg, tijdens het sporten of wanneer je tussendoor behoefte hebt aan iets voedzaams. Met een paar eenvoudige ingrediënten maak je zelf repen die precies aansluiten bij jouw smaak. Bovendien bepaal je zelf welke noten, zaden, vruchten en zoetmakers je gebruikt.
Het fijne aan deze no bake energy bars is dat je geen oven nodig hebt. Je mengt de ingrediënten, laat het mengsel opstijven en snijdt het vervolgens in repen. Hierdoor zijn ze snel gemaakt en perfect om vooruit te plannen voor drukke dagen.
Met een voorraad zelfgemaakte energy bars in de koelkast of vriezer heb je altijd een handig tussendoortje binnen handbereik. Simpel, zelfgemaakt en makkelijk mee te nemen.
Meng de haver, de noten, het zout en het gedroogde fruit door elkaar in een kom.
Verwarm de honing en notenboter samen op een laag vuur in een steelpannetje en roer dit tot een glad mengsel.
Meng het notenboter mengsel met de droge ingrediënten goed door elkaar. Stort het mengsel in een schaal of bakvorm en druk het mengsel goed aan met een lepel.
Zet de schaal of bakvorm in de koelkast en laat 2-3 uur opstijven. Haal uit de koelkast en snijd er repen of stukken van zoals voor jou fijn is.
Maak ze helemaal naar smaak – Varieer met verschillende soorten noten, zaden, gedroogd fruit, kokosrasp of specerijen zoals kaneel en vanille.
Gebruik zelfgemaakte ingrediënten – Met zelfgemaakte notenboter en zelf gedroogd fruit geef je de repen een extra persoonlijke en pure basis.
Meer of minder zoet – Pas de hoeveelheid honing aan of vervang een deel door dadels, rozijnen of ander gedroogd fruit.
Extra vulling – Voeg bijvoorbeeld lijnzaad, chiazaad, gepofte quinoa, hennepzaad of pompoenpitten toe voor meer variatie in structuur.
Goed aandrukken – Druk het mengsel stevig aan in de vorm. Hierdoor vallen de repen na het opstijven minder snel uit elkaar.
Koelkast – Bewaar de energy bars in een afgesloten bakje in de koelkast. Zo blijven ze meestal 1 tot 2 weken goed.
Invriezen – Energy bars zijn uitstekend in te vriezen. Verpak ze eventueel per stuk zodat je eenvoudig een portie kunt meenemen. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 tot 6 maanden goed.
Handig voor onderweg – Verpak de repen afzonderlijk in bakpapier of herbruikbare verpakkingen zodat je altijd een tussendoortje klaar hebt liggen.
Maak direct een grotere voorraad – Omdat de actieve bereiding beperkt is, loont het vaak om direct een dubbele portie te maken voor later gebruik.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Naanbrood is een van die recepten die laat zien dat iets bijzonders helemaal niet ingewikkeld hoeft te zijn. Met een paar basisingrediënten maak je een zacht, luchtig brood dat heerlijk past bij curry’s, stoofgerechten, soepen en dips. De combinatie van yoghurt en gist zorgt voor de karakteristieke zachte structuur waar naan zo geliefd om is.
Het mooie van zelf naanbrood maken is dat je het direct vers uit de pan kunt eten. Warm, zacht en eventueel afgewerkt met een beetje knoflookboter of verse kruiden. Bovendien kun je eenvoudig variëren door kruiden, specerijen of zaden aan het deeg toe te voegen.
Eenmaal geproefd zul je merken dat zelfgemaakt naanbrood verrassend eenvoudig is en een heel andere beleving geeft dan de voorverpakte variant uit de supermarkt. Vers gebakken, puur en vol smaak.
Meng het warme water, de gist en de suiker in een kommetje en roer het goed door tot het begint te schuimen. Doe vervolgens de bloem, de yoghurt, de gist en een eetlepel olie in de keukenmachine met kneedhaak en laat de machine er een zacht en elastisch deeg van draaien. Voeg na een paar minuutjes de zout toe aan het deeg.
Als het deeg klaar is doe je een klein beetje olie in de kom en op je handen en pakt de deeg uit de kom. Maak er een bol van en leg de deeg weer terug in de kom. Zorg dat alle kanten een beetje geolied zijn. Dek de kom af met een vochtige handdoek.
Na een uur zal het deeg dubbel zo groot zijn geworden en nu ga je er bolletjes van maken. Uit deze hoeveelheid deeg zul je ongeveer 8 broodjes kunnen maken dus verdeel het in 8 gelijke bolletjes.
Pak een bolletje en druk het plat en maak er een ronde of ovale vorm van die overal ongeveer even dik is. Doe vervolgens wat olie in een koekenpan en bak daar de broodjes in gaar. Wanneer de bovenkant gaat bollen, draai je de broodjes om tot ze mooi bruin en gaar zijn.
Smelt ondertussen wat boter en meng dat met de uitgeperste knoflook en eventueel wat verse peterselie. Bestrijk de broodjes direct na het bakken met de knoflookboter.
Laat het deeg voldoende rijzen – Geef het deeg de tijd om mooi luchtig te worden. Een warme, tochtvrije plek helpt hierbij.
Werk met een hete pan – Een goed voorverwarmde koekenpan zorgt voor de typische bruine plekken en een luchtige structuur.
Maak er knoflooknaan van – Bestrijk het warme brood direct na het bakken met gesmolten boter, knoflook en eventueel wat verse peterselie of koriander.
Varieer met smaken – Voeg bijvoorbeeld nigellazaad, komijnzaad, sesamzaad of fijngehakte kruiden toe aan het deeg.
Gebruik als wrap of lunchbrood – Naan is niet alleen lekker bij curry’s, maar ook gevuld met groenten, falafel, kip of andere restjes van de vorige dag.
Bewaren – Laat het naanbrood volledig afkoelen en bewaar het vervolgens luchtdicht verpakt. Op kamertemperatuur blijft het ongeveer 2 dagen goed.
Koelkast – In een afgesloten verpakking blijft naanbrood tot ongeveer 4 dagen goed. Warm het voor gebruik kort op in een droge koekenpan of oven.
Invriezen – Naanbrood is uitstekend in te vriezen. Verpak de broodjes per stuk of met bakpapier ertussen. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 maanden goed.
Opnieuw opwarmen – Een paar minuten in een warme oven of kort in de koekenpan maakt het brood weer heerlijk zacht.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Muesli is een heerlijk voorbeeld van hoe eenvoudig een voedzaam ontbijt kan zijn. In tegenstelling tot granola worden de ingrediënten niet gebakken, waardoor je de pure smaken van granen, noten, zaden en gedroogd fruit behoudt.
Met dit recept muesli stel je jouw eigen favoriete combinatie samen, precies zoals jij hem lekker vindt. Het mooie van zelf muesli maken is dat je zelf bepaalt wat erin gaat. Houd je van extra noten, meer gedroogd fruit of juist meer zaden? Alles is aan te passen aan jouw smaak. Bovendien maak je in één keer een flinke voorraad waar je weken plezier van hebt.
Serveer je muesli met (plantaardige) melk, yoghurt of kwark, of gebruik hem als topping over vers fruit. Zo begin je de dag met een puur en eenvoudig ontbijt.
🍴 4 pers | ⏱ 10 min actief | 🕒 — | 🫙 2-3 maanden
Ingrediënten
Haver- of boekweitvlokken 200 gram
Gepofte Amaranth of Quinoa 150 gram
Sultana of blue thomson rozijnen 50 gram
Gedroogde abrikoos 75 gram
Gedroogde appel 50 gram
Kokosflakes 25 gram
Lijnzaad 50 gram
Pompoenpitten 50 gram
Hazelnoten (of noten naar keuze) 100 gram
Bereidingswijze
Hak de noten in stukjes en snijd de appel en abrikoos klein.
Mix het geheel in een grote kom door elkaar. Voeg naar wens wat kaneel of andere specerijen toe.
Bewaar in een grote, luchtdichte voorraadpot. Heerlijk met (plantaardige) melk of yoghurt.
Maak hem helemaal naar smaak – Wissel af met verschillende soorten vlokken, noten, zaden of gedroogd fruit voor telkens een nieuwe combinatie.
Voeg extra smaak toe – Kaneel, vanillepoeder of een snufje kardemom geven je muesli een heerlijke, natuurlijke smaak.
Gebruik zelfgemaakte ingrediënten – Met zelf gedroogd fruit en zelf gepofte granen maak je jouw muesli nog persoonlijker.
Maak eenvoudig granola – Meng een portie muesli met wat honing of ahornsiroop en een beetje gesmolten boter of kokosolie en bak deze goudbruin in de oven voor een knapperige granola.
Voeg vers fruit toe bij het serveren – Denk aan banaan, appel, bessen of seizoensfruit voor extra smaak en variatie.
Voorraadkast – Bewaar de muesli in een goed afgesloten voorraadpot op een koele, droge en donkere plaats. Zo blijft hij ongeveer 2 tot 3 maanden lekker.
Diepvries – Ook invriezen is mogelijk, vooral wanneer je grote hoeveelheden maakt of noten gebruikt die sneller hun smaak verliezen. In de vriezer blijft de muesli ongeveer 6 maanden goed.
Maak direct een grotere voorraad – Omdat de bereiding slechts enkele minuten kost, is het handig om meteen een dubbele portie te maken.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Granola is niet meer weg te denken van de ontbijttafel. Samen met yoghurt, kwark of melk vormt het een voedzaam ontbijt of lunch en de variaties in de supermarkt zijn eindeloos. Toch is granola heel eenvoudig zelf te maken.
Met dit recept granola bepaal je zelf welke granen, noten, zaden en zoetmakers je gebruikt. Zo maak je een granola die helemaal aansluit bij jouw smaak én weet je precies wat erin zit. Bovendien vult de geur van versgebakken granola al snel je hele keuken.
Een groot voordeel is dat granola lang houdbaar is. Maak daarom gerust een flinke hoeveelheid tegelijk en bewaar deze in een goed afgesloten voorraadpot. Zo heb je altijd een voedzaam ontbijt of een knapperige topping voor yoghurt, smoothie bowls of fruit binnen handbereik.
🍴 4 pers | ⏱ 15 min actief | 🕒 20 min oven | 🫙 4-6 weken
Ingrediënten
Havervlokken 250 gram
Gepofte Amaranth of Quinoa 150 gram
Honing 200 gram
Vanille extract 1 tl
Pompoenpitten 75 gram
Zonnebloempitten 75 gram
Lijnzaad 50 gram
Hazelnoot of amandelen 100 gram
Rozijnen 50 gram
Cranberry’s 50 gram
Zout snuf
Bereidingswijze
Smelt de honing en vanille samen in de magnetron of in een steelpan.
Meng alle droge ingrediënten BEHALVE het gedroogd fruit. Dus haver, amaranth/quinoa, noten en zaden. (Als je wilt kun je nog wat kaneel of andere specerijen toevoegen)
Giet de honing met vanille over het droge mengsel en meng goed door elkaar.
Verdeel het mengsel over een met bakpapier beklede bakplaat. Strooi er wat zout over en plaats het nu 15-20 minuten in een oven op 180°C. Roer in die tijd 2x door om aanbranden te voorkomen en het geheel evenredig bruin te krijgen.
Haal de bakplaat uit de oven en laat de granola afkoelen. Meng daarna het gedroogde fruit er doorheen. Doe alles in een grote, luchtdichte voorraadpot.
Maak hem helemaal naar smaak – Wissel af met verschillende noten, zaden, pitten, kokosvlokken of specerijen zoals kaneel, koek- en speculaaskruiden of vanille.
Gebruik pure ingrediënten – Met zelfgedroogd fruit, zelfgemaakte notenboter of lokale honing geef je jouw granola een extra pure basis.
Voeg gedroogd fruit pas na het bakken toe – Zo blijft het fruit zacht en voorkom je dat het verbrandt in de oven.
Extra krokant – Laat de granola na het bakken volledig afkoelen voordat je hem in een pot bewaart. Tijdens het afkoelen wordt hij heerlijk knapperig.
Lekker veelzijdig – Heerlijk met yoghurt, kwark, melk of plantaardige varianten, maar ook als topping over fruit of smoothie bowls.
Voorraadkast – Bewaar granola in een goed afgesloten voorraadpot op een koele en droge plaats. Zo blijft hij ongeveer 4 tot 6 weken lekker knapperig.
Diepvries – Granola kun je ook invriezen in een afgesloten bak of zak. Zo blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct een dubbele portie – Omdat de oven toch aan staat, is het efficiënt om meteen extra granola te bakken voor later.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Brood is al eeuwenlang een basisvoedsel en nog altijd niet weg te denken van de ontbijttafel, lunch of als begeleider van een warme maaltijd. De geur van versgebakken brood is voor veel mensen pure gezelligheid en met een paar eenvoudige ingrediënten bak je het verrassend gemakkelijk zelf.
Met dit recept brood bepaal je zelf welke ingrediënten je gebruikt. Kies bijvoorbeeld voor biologisch meel of bloem, voeg zaden of pitten toe of experimenteer met verschillende graansoorten. Zo bak je een brood dat helemaal aansluit bij jouw smaak en wensen.
Zelf brood bakken kost wat tijd door het rijzen, maar het grootste deel daarvan doet het deeg zelf. Bak daarom gerust meerdere broden tegelijk en vries een deel in. Zo heb je altijd vers, zelfgemaakt brood binnen handbereik.
Doe alle droge ingrediënten in een keukenmachine en roer even goed door. Voeg het water toe, meng met een spatel. Zet de keukenmachine aan met de kneedhaak. Laat de machine het kneedwerk doen.
Het deeg is klaar als het mooi elastisch is geworden. Je moet het uit elkaar kunnen trekken zonder dat het direct scheurt. Bestrooi een rijsmandje met wat bloem en leg de deegbal erin. Doe er een theedoek overheen en laat zo een uurtje op een warme plek rusten. Het deeg zal als het goed is verdubbelen in volume. Als je erin prikt moet het gat zichtbaar blijven.
Leg het deeg op een platte ondergrond en druk de lucht eruit tot je een platte cirkel hebt. Nu ga je de deeg vouwen tot een bol. Vouw steeds een “punt” naar binnen tot je rond bent en draai de bol om. Bedek de bol met een theedoek en laat een kwartiertje rusten.
Neem nu de bol in je handen. We gaan deze vormen en wat op spanning brengen. Vorm met je handen een ronde bol door juist aan de onderkant het deeg vanuit alle kanten naar het midden te “trekken”. Hier moet je wat gevoel voor krijgen maar het is niet moeilijk. Blijf voelen dat het deeg wel veerkracht heeft en spanning maar dat je het niet kapottrekt.
Leg het met de onderkant naar boven in het rijsmandje, hierdoor kun je het straks makkelijk goed pakken door het mandje om te draaien. Zet weer een uurtje op een warme plek, afgedekt met een theedoek. Warm de over vast voor naar 200°C.
Het brood zal weer gerezen zijn en nu gaan we het bakken. Leg het op een baksteen of bakplaat met bakpapier. Snij met een scherp mes een paar snedes in de bovenkant van het deeg zodat de lucht er makkelijk uit kan. Wanneer je oven een stoomfunctie heeft is dat handig, zet anders een schaaltje ijs of water in de oven. Of spray de zijkanten nat met een plantenspuit. Het vocht maakt de korst lekker knapperig.
Na 30-35 minuten is het brood klaar. Gebruik een thermometer om de binnentemperatuur te meten. Deze moet 92°C-94°C bij volkoren en zuurdesembrood. Wanneer je op de onderkant klopt met je knokkels, moet het hol klinken. Leg het brood op een rooster om af te koelen.
Maak hem helemaal naar smaak – Voeg bijvoorbeeld zonnebloempitten, pompoenpitten, lijnzaad, noten, rozijnen of kruiden toe voor steeds een ander brood.
Gebruik goede ingrediënten – Met kwalitatief meel of bloem proef je echt het verschil. Ook volkoren-, spelt- of roggebloem zijn heerlijke varianten.
Een knapperige korst – Plaats tijdens het bakken een ovenschaaltje met water in de oven of gebruik de stoomfunctie als je oven die heeft.
Laat het brood afkoelen – Snijd het brood pas aan wanneer het volledig is afgekoeld. Zo blijft de structuur mooier en wordt het kruim minder snel klef.
Vers is het lekkerst – Zelfgebakken brood bevat geen onnodige conserveermiddelen en is daarom het lekkerst op de dag van bakken.
Voorraadkast – Bewaar het brood in een broodzak of afgesloten broodtrommel. Zo blijft het ongeveer 2 tot 3 dagen vers.
Diepvries – Snijd het brood eventueel alvast in plakken voordat je het invriest. Zo kun je eenvoudig pakken wat je nodig hebt. In de vriezer blijft het ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct twee broden – Omdat de meeste tijd in het rijzen zit, is het efficiënt om meteen een extra brood te bakken voor de vriezer.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Notenpasta is een van die producten die veel mensen standaard in huis hebben. Pindakaas is veruit de bekendste variant, maar ook pasta’s van amandelen, cashewnoten, hazelnoten of een combinatie van noten worden steeds populairder. Toch bevatten veel potten uit de supermarkt ingrediënten die eigenlijk helemaal niet nodig zijn.
Met dit recept notenpasta maak je in een paar minuten zelf een pure, smeuïge notenpasta van alleen noten en een beetje olie. Zo bepaal je zelf welke noten je gebruikt, hoe grof of glad de structuur wordt en of je er een snufje zout aan toevoegt.
Het mooie is dat je eindeloos kunt variëren. Kies voor één soort noot of maak juist je eigen combinatie. Puur, eenvoudig en precies zoals jij hem het lekkerst vindt.
🍴 4 personen | ⏱ 10 min actief | 🕒 — | 🫙 2-3 maanden
Ingrediënten
Noten (naar smaak) 400 gram
Gesmolten kokosolie 125 ml
Keltisch zeezout naar smaak
Bereidingswijze
Doe de noten en de gesmolten kokosolie in een HS blender of goede keukenmachine. Laat een aantal minuten op een hoge stand mengen tot de noten een pasta hebben gevormd.
Voeg als je wilt wat zout toe en mix nog een aantal seconden goed door.
Doe de pasta in een schone, afsluitbare pot en zet op een donkere, koele plek.
Gebruik verschillende noten – Maak eens een combinatie van amandelen, cashewnoten, hazelnoten of walnoten voor een eigen smaak.
Rooster de noten eerst – Door de noten kort te roosteren krijgt de notenpasta een diepere, vollere smaak. Laat ze daarna wel volledig afkoelen.
Bepaal zelf de structuur – Mix kort voor een grove pasta of langer voor een extra romige variant. Je kunt ook eerst een paar nootjes wat grover malen en dan later aan de romige pasta toevoegen voor een crunch.
Voeg smaakmakers toe – Denk aan kaneel, vanille, cacao of een klein beetje honing voor een zoete variant.
Bewaar schoon – Gebruik altijd een schone, droge lepel zodat de notenpasta langer goed blijft.
Koelkast – In een goed afgesloten pot blijft notenpasta ongeveer 2 tot 3 maanden goed.
Olie bovenop? – Het is normaal dat de olie na verloop van tijd bovenop komt drijven. Even doorroeren en de notenpasta is weer klaar voor gebruik.
Maak een grotere voorraad – Omdat het zo snel gemaakt is, is het handig om direct meerdere potjes te maken. Zo heb je altijd een pure notenpasta in huis.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Een lekkere traktatie op zijn tijd hoort er natuurlijk ook bij. En juist dan is het fijn als je zelf kunt bepalen welke ingrediënten je gebruikt. Zo maak je iets lekkers zonder onnodige toevoegingen en precies zoals jij het lekker vindt.
Met dit recept bounty maak je eenvoudig zelf zachte kokosrepen met een knapperig laagje chocolade. De combinatie van romige kokos en pure of melkchocolade blijft een klassieker en is verrassend makkelijk om zelf te maken.
Zelfgemaakte bounty’s zijn ideaal om vooruit te maken. Bewaar een voorraadje in de koelkast of vriezer, zodat je altijd iets lekkers achter de hand hebt voor bij de koffie of als tussendoortje.
🍴 4 personen | ⏱ 30 min actief | 🕒 2 uur opstijven | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Volle melk 360 ml
Erythritol of suiker 150 gram
Kokosrasp 175 gram
Slagroom 60 ml
Chocolade 300 gram
Bereidingswijze
Mix in een pan de melk en de suiker tot de suiker volledig opgelost is.
Voeg de kokosrasp toe en zet het vuur laag. Roer goed door tot alle melk/suiker opgenomen is door de kokosrasp. Voeg de room toe en mix tot ook dit volledig is opgenomen door de kokos.
Zet het vuur uit en laat de kokos afkoelen. Het is handig om de kokos in een andere schaal te doen.
Maak met de hand ovale bolletjes en druk die stevig aan. Leg ze op een bord. Wanneer je alle kokos verdeeld hebt, zet je het bord ongeveer een uur in de koelkast.
Smelt de chocolade au-bain-marie. Haal de kokosbollen een voor een door de chocolade en leg op een bord met bakpapier. Plaats het bord wederom ongeveer een uur in de koelkast.
Cake is misschien wel een van de meest klassieke baksels die er bestaat. Met slechts een handvol basisingrediënten maak je een luchtige, smeuïge cake die op elk moment van de dag heerlijk smaakt. Juist door de eenvoud is het een recept waar je eindeloos mee kunt variëren.
Met dit recept cake heb je een stevige basis in handen. Voeg bijvoorbeeld appel, blauwe bessen, citroenrasp, cacao, kaneel of vanille toe en je maakt iedere keer weer een andere variant. Zo maak je met dezelfde basis steeds een cake die past bij het seizoen of waar je op dat moment zin in hebt.
Zelfgebakken cake is bovendien ideaal om vooruit te maken. Bewaar hem een paar dagen vers op het aanrecht of vries plakken in, zodat je altijd iets lekkers bij de koffie of thee achter de hand hebt.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 60 min baktijd | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Ongezouten roomboter 250 gram
Erythritol of suiker 250 gram
Eieren (4 á 5) 250 gram
Bloem 250 gram
Zout snufje
Bereidingswijze
Breng boter op kamertemperatuur. Mix in een kom de boter en suiker tot een romig mengsel.
Zet de mixer op de hoogste stand. Voeg 1 voor 1 de eieren toe. Mix tot een glad beslag.
Zet de mixer laag en voeg rustig de bloem en het snufje zout toe. Mix tot je een glad beslag hebt. Fruit of noten schep je daarna door het beslag.
Vet een bakvorm in en bak de cake in 60 minuten gaar op 175°C. Controleer voor je de cake uit de oven haalt met een satéprikker of deze gaar is. Wanneer de satéprikker schoon uit de cake komt, is deze ook van binnen gaar. Zo niet, laat de cake 5-10 minuten doorgaren en controleer opnieuw.
Haal de cake uit de oven. Laat even afkoelen in de bakvorm. Stort ‘m daarna op een rooster om verder af te laten koelen.
Gebruik ingrediënten op kamertemperatuur – Hierdoor mengen boter, eieren en suiker beter en wordt de cake luchtiger.
Mix niet te lang – Zodra de bloem is opgenomen kun je stoppen met mengen. Zo blijft de cake mooi luchtig.
Varieer met smaken – Voeg bijvoorbeeld appel, peer, blauwe bessen, citroenrasp, sinaasappelrasp, kaneel, cacao of vanille toe.
Verhoudingen – Belangrijk is de verhouding van de vier basisingrediënten allemaal 25% te houden. Dan is de kans dat een cake mislukt erg klein. Hou daar ook rekening mee wanneer je een smaak toevoegd. Vers fruit is vochtiger en zal dus ook wat meer droge stof (bloem) als tegenhanger nodig hebben.
Controleer de gaarheid – Prik met een satéprikker in het midden van de cake. Komt deze er schoon uit, dan is de cake gaar.
Laat goed afkoelen – Laat de cake eerst even in de vorm rusten en daarna volledig afkoelen op een rooster. Zo droogt de onderkant ook mooi en blijft de cake luchtig. Snijd hem pas aan wanneer de cake volledig is afgekoeld.
Voorraadkast – Bewaar de cake goed verpakt of in een afgesloten trommel. Zo blijft hij ongeveer 4 tot 5 dagen vers. Je zult proeven dat de cake de volgende dag nog lekkerder is geworden.
Diepvries – Cake is uitstekend in te vriezen. Verpak hem heel of per plak. In de vriezer blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Maak direct een extra cake – Een cake invriezen gaat uitstekend en is ideaal wanneer je onverwacht bezoek krijgt of zin hebt in iets lekkers.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Verse pasta lijkt misschien iets dat je alleen in een Italiaanse keuken maakt, maar het is verrassend eenvoudig. Met slechts bloem en eieren maak je een deeg dat, met een beetje tijd en aandacht, verandert in heerlijke verse pasta met een volle smaak en stevige beet.
Met dit recept pasta ontdek je hoeveel verschil pure ingrediënten kunnen maken. Zelfgemaakte pasta heeft een heel andere structuur dan de meeste gedroogde pasta uit de supermarkt en neemt sauzen bovendien veel beter op. Heb je een pastamachine? Dan wordt het maken nog gemakkelijker, maar ook met de hand kom je al een heel eind.
De basis is eenvoudig en daarna kun je eindeloos variëren. Maak tagliatelle, lasagnevellen, ravioli of gevulde pasta’s en combineer ze met jouw favoriete saus. Een recept dat misschien iets meer tijd vraagt, maar die tijd meer dan waard is.
🍴 4 personen | ⏱ 45 min actief | 🕒 30 min rusten | ❄️ 3 maanden
Ingrediënten
Durumtarwebloem 300 gram
Eieren 3 stuks
Bereidingswijze
Stort alle bloem op het aanrecht en maak er een kuiltje in. Voeg de eieren in dat kuiltje toe.
Begin met de hand de bloem en eieren door elkaar te kneden tot er zich een deeg vormt. Als je 10-15 minuten aan het kneden bent, is het deeg steviger en elastischer geworden. Is het wat droog? Voeg een beetje water toe.
Dek het pastadeeg af met een schone theedoek. Laat 30 minuten rusten. Snij het deeg in 4 stukken en rol deze stuk voor stuk uit.
Zet de pastamachine op een hoge stand en haal één deeg lap door het apparaat. Herhaal en je ziet dat de lap dunner word en uitrekt. Zet na een paar keer de machine lager zodat het deeg dun word en nog meer uitrekt.
Haal het deeg door het messengedeelte om bv tagliatelle te maken. Strooi een snufje bloem over de slierten zodat ze niet plakken. Je kunt ze nu direct koken (in 2 minuten klaar), invriezen of op een rekje laten drogen en opbergen.
Geef het deeg voldoende rust – Door het deeg minimaal 30 minuten afgedekt te laten rusten ontspant het glutennetwerk. Hierdoor rolt het makkelijker uit en scheurt het minder snel.
Werk met kleine porties – Houd het deeg dat je nog niet gebruikt onder een doek. Zo droogt het niet uit terwijl je de rest uitrolt.
Voorkom plakken – Bestrooi de pasta licht met bloem of semola zodra deze uit de machine komt. Zo blijven de slierten mooi los van elkaar.
Niet te lang koken – Verse pasta is meestal al in 2 tot 4 minuten gaar. Proef daarom op tijd om te voorkomen dat hij te zacht wordt.
Koelkast – Verse pasta kun je goed afgedekt ongeveer 2 dagen in de koelkast bewaren voordat je hem kookt.
Diepvries – Vries de pasta eerst los van elkaar in op een bakplaat en bewaar daarna in een diepvrieszak of bak. Zo kun je eenvoudig de gewenste hoeveelheid pakken. In de vriezer blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
Drogen – Wil je de pasta langer in de voorraadkast bewaren? Laat hem volledig drogen op een pastarek of schone doek. Bewaar de volledig gedroogde pasta daarna luchtdicht in een afgesloten pot of voorraadbus. Zo blijft hij meerdere maanden goed.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Crackers zijn voor veel mensen een populair alternatief voor brood. Ze zijn lekker als ontbijt, lunch of tussendoor en combineren goed met zowel zoet als hartig beleg. Toch bevatten veel crackers uit de supermarkt meer toevoegingen dan je misschien zou verwachten.
Met dit recept crackers maak je ze eenvoudig zelf van pure zaden, pitten en kruiden. Zo bepaal je zelf welke smaken je gebruikt en weet je precies wat erin zit. Van hartige crackers met knoflook en Provençaalse kruiden tot een zoetere variant met kaneel of kardemom: de mogelijkheden zijn eindeloos.
Zelfgemaakte crackers zijn heerlijk krokant, voedzaam en lang houdbaar. Maak gerust een grotere hoeveelheid, zodat je altijd een gezonde basis in de voorraadkast hebt voor ontbijt, lunch of een snelle snack.
🍴 4 personen | ⏱ 20 min actief | 🕒 60 min baktijd | 🫙 3 maanden
Ingrediënten
Lijnzaad 50 gram
Chiazaad 50 gram
Sesamzaad 50 gram
Zonnebloempitten 50 gram
Pompoenpitten 50 gram
Water (kokend) 200 ml
Zeezout 1 tl
Kruiden naar smaak (bv knoflook/ui/provinciaal voor hartig en kardemom/kaneel/maca voor zoet)
Bereidingswijze
Mix de zaden door elkaar. Doe de helft van de mix in een blender of keukenmachine en maal ze fijn. Doe de fijngemalen zaden terug in de kom bij de overige zaden.
Voeg wat zout en eventuele andere kruiden toe en kook het water. Voeg het water aan de zadenmix toe.
Schep de mix goed door elkaar tot een deeg van zaden is ontstaan. Pak nu een bakplaat en bekleed die met bakpapier.
Verspreid het mengsel over de bakplaat tot je een dunne laag van 3-4 mm dik hebt. Het is handig om een tweede laag bakpapier op het mengsel te leggen zodat je er met een deegroller overheen kunt. Verwijder deze wanneer de crackers de juiste dikte hebben.
Snijd de crackers in gelijke stukken. Zet vervolgens ongeveer 50-60 minuten in de oven op 160°C.
Varieer met smaken – Voeg eens Italiaanse kruiden, gerookte paprikapoeder, komijn, rozemarijn of juist kaneel en kardemom toe voor telkens een andere cracker.
Snijd vóór het bakken – Kerf de crackers vóór het bakken alvast in de gewenste grootte. Na het bakken breken ze dan mooi langs de lijnen.
Bak gelijkmatig – Zijn de randen eerder bruin dan het midden? Breek de gare crackers alvast af en bak de rest nog een paar minuten door.
Extra krokant – Laat de crackers na het bakken volledig afkoelen op een rooster. Tijdens het afkoelen worden ze vaak nog krokanter.
Vocht is de vijand – Zijn de crackers na een tijdje iets zachter geworden? Leg ze 5 tot 10 minuten terug in een oven van ongeveer 140°C en laat ze opnieuw afkoelen.
Voorraadkast – Bewaar de crackers volledig afgekoeld in een goed afgesloten voorraadpot of trommel. Zo blijven ze ongeveer 3 maanden lekker krokant.
Leuk om cadeau te geven – Verpak de crackers in een glazen pot of papieren zak met een mooi etiket. Een eenvoudig en persoonlijk zelfgemaakt cadeautje.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.
Plantaardige melk is verrassend eenvoudig om zelf te maken. De basis bestaat uit niets meer dan water en granen, noten, zaden of kokos. Toch bevatten veel varianten uit de supermarkt extra ingrediënten om de melk langer houdbaar of romiger te maken.
Met dit recept plantaardige melk maak je in een paar minuten een verse melk die je helemaal naar eigen smaak kunt samenstellen. Kies bijvoorbeeld voor haver, amandel, cashew, kokos of een mix van verschillende ingrediënten. Voeg eventueel kaneel, vanille of een dadel toe voor een subtiele smaak, maar ook puur is deze melk heerlijk.
Het mooie is dat je bijna niets verspilt. De overgebleven pulp hoef je niet weg te gooien, maar kun je gebruiken in koekjes, granola, pannenkoeken, brood of smoothies. Zo haal je alles uit je ingrediënten en maak je op een eenvoudige manier nóg meer lekkers.
🍴 4 personen | ⏱ 5 min actief | 🕒 — | 🫙 2-3 dagen
Ingrediënten
Granen of kokosrasp 75 gram
óf noten of zaden 100-150 gram
óf havermout 25 gram
water 1 liter
Optioneel; smaakmakers zoals bv kaneel, gember of vanille.
Bereidingswijze
Voeg de noten, granen of havermout aan de binnenste zeef toe. Plaats de zeef in het basin.
Doe het water in de Mulsi.
Pulseer kort met de blender de noten/granen/havermout fijn. Je ziet direct de melk ontstaan. In minder dan een minuut ben je klaar.
Haal de zeef uit de melk. Je kunt met de stamper de laatste melk nog uit de pulp persen. Doe de melk in een fles.
Je kunt wat smaakmakers zoals bv kaneel, gember of vanille toevoegen aan de basis, maar proef dan eerst voor je de melk in de fles doet of je tevreden bent met het resultaat of nog iets wilt aanpassen. De melk is vers het allerlekkerst en in de koelkast 2-3 dagen houdbaar.
Varieer met de basis – Probeer eens haver, amandelen, cashewnoten, hazermout, kokos, zonnebloempitten of een combinatie daarvan. Elke variant heeft een eigen smaak en structuur.
Speel met de dikte – Gebruik iets minder water voor een romigere melk of juist iets meer voor een lichtere variant die perfect is voor koffie of smoothies.
Eerst weken? – Noten geven vaak een zachtere smaak en romigere melk wanneer je ze eerst enkele uren of een nacht laat weken. Gooi het weekwater daarna weg.
Pulp niet weggooien – Gebruik de overgebleven pulp in koekjes, granola, pannenkoeken, muffins of brood. Je kunt de pulp eventueel eerst drogen om langer te bewaren.
Even schudden – Zelfgemaakte plantaardige melk bevat geen emulgatoren. Het is normaal dat de melk in de koelkast wat gaat scheiden. Even schudden en hij is weer klaar voor gebruik.
Koelkast – Bewaar de melk in een goed afgesloten fles in de koelkast. Zo blijft hij ongeveer 2 tot 3 dagen vers.
Invriezen – Vries de melk eventueel in kleine porties of ijsblokjes in. Handig voor smoothies, sauzen of bakrecepten. In de diepvries blijft hij ongeveer 3 maanden goed.
📌 Sla de receptenkaart op voor later of print hem uit voor in de keuken.